Hot spots uit de homoscene

Café Monico op de Wallen bestaat al sinds 1941. Daarmee is het de oudste pottenbar van Nederland. Het is eraan af te zien. De meubels zijn beschadigd, gaten en grote bruine watervlekken ontsieren het plafond. En wanneer je naar het toilet loopt, veroorzaakt de ongelijke vloer een vreemd, duizelig gevoel.

Populair is Monico niet. Alleen in het weekeinde zit de bar vol. De vrouwen achter de tap zijn op leeftijd, net als het publiek.

Toch was het café ooit een hot spot, in de tijd dat het nog heel toepasselijk Populair heette. Homoseksualiteit was nog lang niet geaccepteerd. Acceptatie kwam pas toen de seksuele moraal wat losser werd en in 1971 de wet tegen `homoseksuele verleiding' werd afgeschaft. Met die wet was het mogelijk personen tot twee jaar cel te veroordelen wanneer ze seks hadden met een minderjarige (onder de 21 jaar). De celstraf kon worden omgezet in vrijwillige castratie.

Zo saai als het interieur van Monico is, zo interessant is de geschiedenis erachter. De bar opende tijdens de Duitse bezetting, toen homoseksualiteit helemaal verboden was. Zo'n vijf- tot vijftienduizend mannen en vrouwen, onder wie overigens weinig Nederlanders, werden wegens hun geaardheid gevangengezet in concentratiekampen. Het verhaal gaat dat de bar juist op de Wallen kon bestaan, omdat dit gebied door de bezetter werd gemeden. Prostituees zouden infecties kunnen overbrengen.

Monico werd niet helemaal ontzien. Nadat in het naziblad De Storm in 1943 een artikel over dit `flikkercafé' was verschenen – met de titel `Wat een gezond volk schaadt dient uitgesneden' – volgde een razzia. Klanten werden gearresteerd. Wat er met hen gebeurde, is onbekend. De verhalen variëren van verbanning naar Friesland tot vrijlating. Geregistreerd zijn ze waarschijnlijk wel. De politie had eerst in Den Haag en later aan de Amsterdamse Keizersgracht tot vermoedelijk eind jaren veertig een `homocartotheek'. Hierin waren namen en dossiers opgenomen van mannen of vrouwen die werden verdacht van homoseksuele activiteiten of om die reden waren gearresteerd. Waar dit archief is gebleven, is eveneens onduidelijk.

De Monico en de locatie van de homocartotheek zijn opgenomen in de themawandelingen over de homogeschiedenis van Amsterdam van stadssocioloog Mattias Duyves. Zondagmiddag a.s. treedt hij op als gids van een door de Volksuniversiteit georganiseerde wandeling. Deze wandeling voert langs historische homolocaties in het centrum, maar Duyves organiseert ook wandelingen door de Jordaan, vroeger een belangrijke locatie voor de lesboscene. Vrouwen hadden destijds weinig te besteden, waardoor lesbische kroegen minder omzetten en naar deze goedkope buurt moesten uitwijken.

Duyves kan uren bevlogen vertellen over de rijke homogeschiedenis van de stad, waarin hij elke straathoek verlevendigt met obscure details, krantenknipsels, gedichten en foto's. Zo krijgt de wandelaar een foto te zien uit de jaren zeventig, waarop kransleggende homo's door de politie als ongewenste gasten werden verwijderd van de dodenherdenking op de Dam. Met de komst in 1987 van het monument, vaste prik tijdens de rondleiding, kregen ze een eigen plek om onderdrukte en vervolgde homo's te herdenken.

Duyves gaat ook in op de vroege homogeschiedenis van Amsterdam. Zo vertelt hij over een homostelletje dat in 1689 op heterdaad vrijend werd betrapt en veroordeeld. Toen vond het homoleven nog op straat plaats. Bij urinoirs, die onderweg ook worden aangedaan, onder bruggen en in openbare ruimtes als het stadhuis op de Dam, nu het paleis. Pas rond 1900 zouden de eerste homobars openen. In gedichten die Duyves bij zich heeft, worden mannen bezongen die ter dood werden veroordeeld wegens hun geaardheid en in een zak in het IJ werden gedumpt.

Ook luchtiger onderwerpen komen aan de orde tijdens de wandeling, zoals de Gay Pride en de straatfeesten die elk jaar op het homomonument worden georganiseerd op bevrijdingsdag. En het hedendaagse uitgaansleven, waarin ongedwongenheid de boventoon voert.

Alleen in de Monico heerst nog zo'n typisch ouderwetse sfeer. De worst gaat nog net niet rond en de gordijnen blijven open, want wat zouden de buren anders wel niet denken. Maar wanneer er ongewenste klanten binnenkomen, is het bier opeens duurder.