Dopingzaken werpen smet op Spelen

Doping lijkt in Sydney wel een aparte discipline op de Olympische Spelen. De oogst van overtreders geeft een dubbel gevoel.

Zijn de Olympische Spelen van Atlanta vier jaar geleden schoner geweest dan die van Sydney? Gezien de cijfers duidelijk wel. In Atlanta werden maar twee sporters uitgesloten wegens dopinggebruik, in Sydney staat de teller al op achttien en zijn er nog drie dagen te gaan. Toch mag worden aangenomen dat onder de deelnemers in Atlanta minstens zoveel dopingzondaars zaten als nu onder de olympiërs in Sydney.

Het is maar net hoeveel aandacht aan doping wordt besteed. Amerikanen hebben het niet zo op de jacht op dopinggebruikers. Ze verstoort hun mooie beeld van sport. De winnaar hoort bejubeld te worden en daar horen geen excessen als doping bij. Het is ook niet moeilijk om voor `schone' Spelen te zorgen. Gewoon niet of slecht controleren en niemand wordt gepakt. Mensen die menen dat iedereen vrij moet zijn in wat hij met zijn lichaam doet, vormen geen uitzondering.

In samenwerking met de Australische autoriteiten heeft het IOC voor deze Spelen een andere weg gekozen. Met name is naarstig gespeurd naar EPO in de lichamen van de sporters; op verschillende manieren, zodat de mazen in het net kleiner werden. De stringente aanpak heeft succes. Tot nu toe werden achttien sporters en twee coaches tijdens de Spelen gediskwalificeerd en moesten ze eventueel behaalde medailles inleveren. Wanneer ook nog de mensen worden meegerekend die al voor hun komst naar Sydney van deelname werden uitgesloten, komt dat aantal op 36. Daarbij zijn nog niet de 27 Chinezen meegerekend die door hun eigen olympische comité werden teruggegetrokken uit angst voor een dopingzaak.

De oogst van gesnapten in Sydney geeft een dubbel gevoel. Aan de ene kant is het goed dat sporters in hun kraag worden gegrepen als ze een overtreding begaan, aan de andere kant werpt het een onvermijdelijke schaduw op het grootste sportevenement ter wereld. Dagelijks komen er berichten vrij die met doping te maken hebben. Of er zijn weer nieuwe zondaars bekend geworden, of oude zondaars gaan tegen hun straf in beroep. En alles rondom doping trekt de aandacht. De mens wijst nu eenmaal graag met een beschuldigende vinger.

The Sydney Morning Herald spreekt in zijn editie van vandaag over de Shame Games, de Spelen van de Schaamte. Dat is enigszins overdreven. Maar iedereen beseft dat op grote schaal doping wordt gebruikt. Wanneer strenger zou worden gecontroleerd, zouden veel meer overtreders worden gepakt. Het aantal van achttien gevallen heeft daarom iets willekeurigs.

Dat het IOC de jacht op de zondaars heeft verscherpt, is toe te juichen. Dat nog steeds de indruk bestaat dat de olympische beweging met verschillende maten weegt als het om doping gaat, is minder lovend. Harde bewijzen daarvoor zijn er weliswaar niet. Maar het is duidelijk dat internationale sportfederaties in het bijzonder en landen in het algemeen niet op één lijn zitten als het om dopingbestirjding gaat. Lang niet overal worden stringent onverwachte controles uitgevoerd. Sommige landen blijven hun eigen sporters beschermen. Zo zouden volgens het IOC binnen de Amerikaanse atletiek vijftien dopingzaken zijn verzwegen. Zelfs de dopingexpert van het Witte Huis heeft inmiddels aangedrongen op bekendmaking.

De ene zaak is de andere niet. Zo lang de betrapte sporters niet wereldwijd bekend zijn – zoals bijvoorbeeld met alle gewichtheffers – zal de schade die zo'n kwestie op het imago van de Spelen heeft, niet erg groot zijn. Maar wanneer de winnaar van de 100 meter sprint wordt betrapt, zoals Ben Johnson in 1988, staat de hele wereld op zijn kop en is het prestigieuze evenement verpest. Daarom is een gewetensvraag aan het IOC op zijn plaats. Wat doen het IOC wanneer het verneemt dat Maurice Greene, Marion Jones of Cathy Freeman `positief' zijn bevonden? Maken ze het nieuws bekend, met het risico dat niemand meer interesse heeft voor de sport zelf, of proberen ze de kwestie binnenskamers te houden?

De naam van Jones is actueel wanneer het om verdachtmakingen gaat. Omdat haar echtgenoot is betrapt, wordt verondersteld dat zij dezelfde dingen eet en slikt. Het IOC en de organisatie van de Spelen hebben pech dat de kwestie-J.C. Hunter nu openbaar is geworden. Kogelstoter Hunter doet niet eens mee in Sydney. Toch werpt de zaak een smet op het blazoen van de organisatie. Ook hier spelen de Amerikanen een dubieuze rol. Beweerd wordt dat ze wisten dat Hunter positief was en toch hebben ze hem als officiële begeleider van Jones naar Sydney laten gaan.

Voor de organisatie was het ook vervelend dat de Roemeense kogelslingeraarster Melinte vlak voor haar wedstrijd met veel ophef van de atletiekbaan werd geplukt. Ze had de dopingregels al veel eerder overtreden, maar mocht wel naar Sydney vertrekken. Ook de kleine Roemeense turnster Raducan die tussen politiemannen op weg is naar de rechtszaal voor haar arbitragezaak, trok veel aandacht. Het is voor de Australische organisatie te hopen dat de beerput niet verder opengaat.