De dood in een eigentijds jasje

Er is weer aandacht voor de dood. Na een periode van secularisatie waarin uitvaartrituelen als religieuze onzin werden beschouwd en begraven een bijna kille handeling werd, krijgen rituelen een steeds grotere plaats. Rituelen in een eigentijds jasje, dat wel. Geen dominee meer, maar een ritueelbegeleider, geen zwarte lijkwagen, maar een vervoermiddel van eigen keuze, variërend van bakfiets tot camper. Van alles is mogelijk: de nabestaanden zelf kunnen de dode de verbrander in het crematorium indragen en later wat as in een hangertje om de nek hangen. Ook kan een virtueel gedenkteken worden geplaatst op een speciaal internetadres.

De expositie `uitvaartrituelen, een zaak van leven en dood' in het museum De Stratemakerstoren in Nijmegen toont objecten die te maken hebben met oude en nieuwe uitvaartrituelen. De tentoonstelling is klein en biedt zeker geen totaaloverzicht van alle begrafenisgebruiken die er door de eeuwen heen zijn geweest. Het accent ligt op de 19de en 20ste eeuw en de meeste objecten komen uit Nijmegen en omgeving.

Een in verschillende opzichten bijzonder item op de tentoonstelling is de `Vent van Lent'. In de eerste plaats zijn de resten van de man – botten en zijn bronzen sieraden – al 2500 jaar oud. Het stoffelijk overschot werd ontdekt in 1998 toen men in Lent (vlakbij Nijmegen) een nieuwbouwwijk wilde aanleggen. De vondst baarde opzien omdat het graf een afwijking betekende van de in de IJzertijd gangbare vorm van lijkbezorging: crematie. Pas toen ten tijde van het Romeinse Rijk het christendom zijn intrede deed, raakte begraven in zwang. In 785 vaardigde Karel de Grote zelfs een verbod uit op lijkverbranding. Het lichaam van een christen moest immers bewaard blijven voor een geslaagde wederopstanding bij het einde der tijden. Tot in de 20ste eeuw bleef begraven daarom de enige vorm van lijkbezorging in Nederland, ondanks problemen met stank en hygiëne op kerkhoven en in kerken (waar de rijken begraven mochten worden). Pas in 1963 werd het verbod op crematie vanuit de katholieke kerk opgeheven.

Christelijke uitvaartrituelen namen een grote vlucht ten tijde van de Romantiek in de 19de eeuw. Na de rationele periode van de Verlichting mocht er weer uitbundig aandacht worden besteed aan de dood en werd er zelfs mee gedweept. De expositie in de Stratemakerstoren toont de flinke uitbreiding in het assortiment van rouwkleding en -artikelen in de 19de eeuw. Onmisbaar in geval van rouw werden bijvoorbeeld zwarte hoeden – eventueel met voile –, zware kralenkettingen en donker servies. Ook werd het mode om kunstige sierbloemetjes te laten maken van het haar van de overledene.

Bidprentjes, rozenkrans en het Latijnse gebedenboek in de collectie verwijzen naar de katholieke sfeer in Nijmegen. In de katholieke optiek was het essentieel voor de ziel en zaligheid van de overledene om veel voor hem of haar te bidden. Om dat niet te vergeten werden bidprentjes gebruikt: kaartjes met een afbeelding van een heilige of een foto van de overledene en een bijbelse tekst, die de kerkganger in zijn gebedenboek stopte. Een andere verwijzing naar de Nijmeegse geschiedenis in de tentoonstelling is het triptiek met foto's uit de jaren veertig, gemaakt door een particulier. Op de foto's staan kinderen die omkwamen tijdens het bombardement van Nijmegen op 22 februari 1944. Naar schatting vijfhonderd Nijmegenaren vonden op die dag de dood, maar het precieze aantal is nooit bekend geworden. Daarom ligt er een register met namen van de doden, dat bezoekers eventueel kunnen aanvullen.

Naast historische objecten is op de tentoonstelling een reeks nieuwe initiatieven op het gebied van uitvaartrituelen te zien. Geheel volgens de tijdgeest ligt de nadruk in het moderne uitvaartwezen vooral op het persoonlijke. Voor de boekengek is er de boekenkast die eenvoudig omgetoverd kan worden tot grafkist. En de IT'er hoeft het ook na zijn dood niet zonder computerscherm te stellen: binnenkort zal een roestvrijstalen grafzerk met computerscherm – waar gegevens van de overledene op komen te staan – in productie worden genomen.

Tentoonstelling `uitvaartrituelen, een zaak van leven en dood', t/m 3 dec in museum De Stratemakerstoren, Waalkade 83-84, Nijmegen. Deze toren uit 1540 kan bezocht worden met een gids die vertelt over de vestingwerken, de Tachtigjarige oorlog en de pestepidemieën die de stad hebben geteisterd in de Middeleeuwen. Inl 024-3238690. Open: di-vr 10-17u, za en zo 13-17u.

Toegang: volwassenen ƒ6, kinderen ƒ3, rondleiding met gids ƒ2 extra p.p.

http://come.to/stratemakerstoren