Niets meer te verliezen voor Miloševic

De `zomercoup' van de Joegoslavische president Miloševic is mislukt. Maar daarmee is hij nog niet van het toneel verdwenen.

Een ding is zeker: Miloševic heeft zich lelijk misrekend. Zijn zomercoup is op een totale mislukking uitgelopen. De huidige president van Joegoslavië is niet herkozen. Hij heeft niet eens de absolute meerderheid weten te behalen. Hij heeft niet eens meer stemmen gekregen dan zijn tegenstander, Vojislav Koštunica.

Eind juli lagen de zaken nog zo eenvoudig. Met het halve parlement op vakantie veranderde president Miloševic de grondwet. Volgens de oude regels was hij niet herkiesbaar bij het aflopen van zijn termijn, volgend jaar zomer. Volgens de nieuwe regels werd hij direct door het volk gekozen en zou hij nog twee termijnen aanblijven. Tot 2008 zat hij geramd. Dacht-ie.

Miloševic en zijn raadgevers hebben eenvoudig geen onraad geroken. Het Servische volk leek lam geslagen. De verdeelde oppositie leek hem niets in de weg te leggen. De twee belangrijkste oppositieleiders, Vuk Draškovic en Zoran Djindjic, waren veel te druk met hun eeuwige concurrentiestrijd. We hebben de overwinning in onze zak, moeten Miloševic en de zijnen hebben gedacht.

Tegen alle verwachting in is de oppositie opgestaan. ,,Eindelijk heeft de oppositie haar hersens gebruikt'', zegt een jonge inwoonster van Servië, op bezoek in de zusterrepubliek Montenegro. Achttien oppositie-partijen hebben zich verenigd. Alleen de Socialistische Vernieuwings Beweging (SP0) van Draskovic doet niet mee. De oppositie schoof bovendien een onverwachte kandidaat naar voren: Vojislav Koštunica.

Het is een goede zet gebleken. Koštunica is ongrijpbaar voor het regime. Hij is een recht-door-zee-nationalist, die niet kan worden beschuldigd van collaboratie, niet met de Amerikaanse president Clinton en niet met diens Joegoslavische collega Miloševic.

De gevolgen zijn spectaculair. Volgens de federale kiescommissie heeft Koštunica 48 procent van de stemmen gekregen en Miloševic 40 procent. Het is een kleine revolutie in Joegoslavie. Want zo geeft de kiescommissie, geleid door aanhangers van Miloševic' partij, het verlies van de president in de eerste ronde toe. En dat had niemand verwacht.

Miloševic heeft enkele dagen nodig gehad om te herstellen van zijn misrekening, maar deed gisteravond dan toch een slimme zet. Hij gaat een tweede ronde aan. De bal ligt dus bij de oppositie, die claimt 55 procent van de stemmen te hebben behaald. Koštunica wees een tweede ronde onmiddellijk en pertinent van de hand. ,,Dit is politieke fraude. Wij hebben de verkiezingen gewonnen.'' Ook oppositieleider Djindjic voelt weinig voor een tweede ronde. Hij beticht de regering van stemfraude en eist inzage in de tellingen. ,,Laat Miloševic eerst bewijzen dat wij geen meerderheid hebben behaald.''

Miloševic hoopt juist op een boycot door de oppositie. Dat zou hem de kans bieden de schuld bij de oppositie te leggen – en zelf aan te blijven. Zíj wil immers niet meewerken. Miloševic hoopt ook verdeeldheid te zaaien tussen degenen die vasthouden aan de boycot en degenen die naar de tweede ronde willen. Vooralsnog houdt de oppositie vast aan haar victorie. Vanavond wil zij, tijdens een bijeenkomst in Belgrado, Koštunica eenzijdig uitroepen tot de nieuwe president van Joegoslavië.

Het doet de spanningen verder oplopen. En hoe loyaal is het Miloševic-kamp aan haar leider die langzaam ondergaat? Een euforische oppositie en internationale gemeenschap maakt al vergelijkingen met de val van de Muur, in 1989. Toeval of niet, dit weekeinde viert het verenigde Duitsland zijn tienjarig bestaan. Een enkeling maakt voorzichtig gewag van het einde van de Roemeense dictator Ceaucescu en zijn vrouw Elena. Op de vlucht voor het woedende Roemeense volk werden zij geexecuteerd.

Maar in Servië valt vooralsnog niets. Miloševic is nog de macht en geniet de steun van politie en geheime politie. Het leger daarentegen, is een onzekere factor. Miloševic kon de soldaten om een boodschap sturen in Kroatië, Bosnië en Kosovo, maar het is onzeker of zij zullen schieten op hun eigen volk, in de straten van Belgrado, Novi Sad en Niš.

Miloševic heeft de verkiezingen ,,een referendum over de overleving van de staat Joegoslavië'' genoemd, maar inmiddels lijkt het meer op een strijd op leven en dood voor Miloševic zelf. Hij kan nergens heen, want het Joegoslavië-Tribunaal staat klaar om hem te berechten wegens oorlogsmisdaden. In Belgrado circuleren geruchten over asiel, in Rusland of in China, maar die optie lijkt onwaarschijnlijk.

De doodstrijd wordt niet alleen door Miloševic gevoerd. Zijn kring van naaste medewerkers heeft, net als hijzelf, niets te verliezen. Deze criminele elite heeft zich de afgelopen tien jaar schaamteloos verrijkt en wacht niets dan ellende na de val van haar grote roerganger. Enkelen van zijn medewerkers, zoals de minister van Defensie, worden bovendien ook gezocht door het Joegoslavie-Tribunaal. Die zal daarom zijn leger vermoedelijk opdracht geven Miloševic tot het einde te verdedigen.

Het hangt af van de massa op straat, zeggen Servische analisten. Hoeveel mensen kan de oppositie avond aan avond op de been krijgen? Maar zelfs honderdduizend mensen garanderen geen succes voor de oppositie. In de winter van 1996 en 1997 trokken tienduizenden betogers drie maanden lang door de straten van Belgrado in een poging Miloševic weg te krijgen. Het deed hem niets. Bovendien kreeg hij de verenigde oppositie binnen enkele maanden al weer aan het ruziën.

Miloševic is fiks beschadigd, zoveel is zeker. Maar zijn einde kan nog wel eens op zich laten wachten. De `slager van de Balkan' geeft niet zo snel op.