Nederland wint zilver bij dressuur

Net als vier jaar geleden in Atlanta heeft de Nederlandse dressuurploeg, bestaande uit Anky van Grunsven, Ellen Bontje, Coby van Baalen en Arjen Teeuwissen, vandaag een zilveren medaille gewonnen in de landenwedstrijd op de Olympische Spelen. Zoals altijd achter erfvijand Duitsland.

In de wonderlijke en fascinerende wereld der paardensport, die van de dressuurruiters in het bijzonder, kijkt niemand vreemd op wanneer Nederland beslag legt op de tweede plaats. Al zo vaak is de equipe rondom kopvrouw Van Grunsven op het op één na hoogste schavot geklommen dat berusting zich meester maakt van de Nederlandse kolonie op Horsley Park, als de geschiedenis zich opnieuw herhaalt.

Het is een déjà vu, zij het een aangenaam déjà vu voor de op medailles beluste hippische afvaardiging. De tweede plaats is immers goed voor een zilveren plak. Een verrassing is de nummer drie. Want niet outsider of dark horse zoals een wakkere geest het vandaag noemde – Denemarken, maar het team van de Verenigde Staten stapt even voor vieren van de paarden om de bronzen medaille in ontvangst te nemen.

Maar voor het overige is en blijft alles bij het oude: Duitsland één, Nederland twee. Zo was het acht jaar geleden in Barcelona, zo was het vier jaar later ook weer in Atlanta. Van Grunsven kan haar privé-stallen in Erp onderhand voorzien van een zilveren dak. Nee, wie van verrassingen houdt, gaat niet naar de landenwedstrijd voor dressuurteams.

Niettemin blijft het een fascinerend schouwspel: mens en paard in eendrachtige harmonie, voortdurend op zoek naar de juiste balans, naar het juiste ritme in de uitvoering van de verplichte onderdelen bij de proef. Ruim vijftienduizend toeschouwers keken vandaag dan ook ademloos toe vanaf de volgepakte tribunes in het gloednieuwe Sydney International Equestrian Centre.

Daar zagen zij hoe mens en paard een eenheid kunnen vormen. Oftewel: terug naar de oudheid, toen de krijgers te paard hun vijanden op de korrel namen. Toen al was duidelijk dat degene met én het beste paard én de meeste rijvaardigheden zich de ongekroonde keizer van het slagveld mocht noemen.

Dat slagveld is tegenwoordig verplaatst naar een piste waar oorlogszuchtige taal en –uitingen zijn verboden. Doodse stilte heerst in en rondom het podium waar Duitsland en Nederland als vanouds de toon zetten, op basis van een rijke hippische traditie en een overdaad aan geld, talent en cultuur.

Minimaal zijn de verschillen tussen de beide grootmachten, al waren de marges nog nooit zo klein als vandaag op Horsley Park. Drieënvijftig punten slechts bedraagt het verschil in het rustieke oord in de Australische wildernis, even buiten Sydney, aan het einde van de dag. ,,We zijn d'r nog nooit zo dichtbij geweest'', verzucht Van Grunsven naderhand, en niemand die het onbetwiste boegbeeld van de Nederlandse dressuurequipe durft tegen te spreken.

Coby van Baalen, de laatste van de vier Nederlandse dressuurruiters die vandaag in actie kwam, stond voor de taak de kloof met Duitsland te dichten. Het lukte de 43-jarige amazone uit Brakel niet, ondanks een nagenoeg feilloze proef met haar Olympic Ferro, een vurige en gitzwarte hengst.

Tevreden was Van Baalen na afloop over haar verrichtingen tijdens de klassieke proef. Over Olympic Ferro niets dan lof. ,,Hij was briljant.'' En dat ondanks een sluimerende verkoudheid die hem parten speelde tijdens en na de oversteek naar Australië. ,,Maar gelukkig hadden we volop tijd, zodat ik hem rustig heb kunnen opbouwen.''

Van Baalen bezet in het individuele klassement na vandaag de derde plaats, met nog twee onderdelen, de Grand Prix Special (vrijdag) en de kür op muziek (zaterdag), in het verschiet. Aan de leiding gaat de Duitse titelverdedigster Isabell Werth, op de voet gevolgd door haar eeuwige kwelgeest Van Grunsven. En ook dat is, net als het zilver van de Nederlandse ploeg, geen verrassing.

Het klassement geeft sowieso een vertrouwd beeld te zien: de eerste niet-Duitser of -Nederlander bezet de achtste plaats en luistert naar de naam Lone Jörgensen, een amazone uit Denemarken die met haar paard Kennedy onder anderen de Nederlandse Ellen Bontje (negende) een paar punten voorblijft.

Het wachten is op een doorbraak. Op een jury die durft te breken met de eigen vastgeroeste patronen. Of op een krachtige en frivole combinatie uit een ander land dan Nederland of Duitsland, die de gevestigde orde kan bedreigen. Dat zou pas een verrassing zijn. Net zo'n grote verrassing als een gouden medaille voor Nederland in de landenwedstrijd voor dressuurteams.