Japanse oorlogsheld Sakai was geen kamikaze-piloot

Op een oude foto is hij te zien in de open cockpit van zijn Mitsubishi `Zero' jager: een zelfbewuste jongeman met een trotse glimlach op zijn toen nog ongeschonden gezicht, die weet dat hij al hard op weg is een legende te worden in Japanse luchtvaarthistorie. Afgelopen vrijdag is hij, zoals nu pas bekend is geworden, op 84-jarige leeftijd overleden: Saburo Sakai, één van de bekendste Japanse gevechtsvliegers tijdens de Tweede Wereldoorlog. In totaal 64 `vijandelijke' toestellen, de meeste Amerikaanse, haalde hij neer. Daarmee was hij niet de succesvolste oorlogspiloot aan Japanse zijde, maar wel de enige die de oorlog overleefde, al verloor hij tijdens een gevecht het zicht aan een oog.

Saburo Sakai – die werd geboren in 1916 en als nazaat van een verarmd Samoerai-geslacht opgroeide op een kleine boerderij in Saga in het zuiden van Japan – was een held in eigen land, maar het tegendeel van het stereotype van de fanatieke kamikaze-piloot die zich, luidt `banzai' krijsend, op de vijand stort. Onlangs nog relativeerde hij tegenover buitenlandse correspondenten in Tokio de `kamikaze'-acties in naam van de keizer. ,,Neem maar van mij aan: er was geen enkele piloot of soldaat die aan de keizer dacht op het moment dat hij de dood onder ogen zag''. Zelf drukte Sakai zijn piloten op het hart dat er niets oneervols in was om zich desnoods krijgsgevangen te laten maken. ,,Dan hou je de vijand ook bezig. Ze moeten je in leven houden en soldaten inzetten om je te bewaken'', hield hij zijn collega's voor.

Saki Sakai's roem is gebaseerd op zijn overwinningen in talloze luchtgevechten tussen 1943 en 1945 boven onder andere China, Formosa, de Filippijnen en Nederlands Indië, maar ook op het feit dat hij de afgelopen decennia vrijuit heeft gepraat over de oorlog – ook met voormalige tegenstanders aan geallieerde zijde. Sakai overleed afgelopen vrijdag aan een hartaanval die hij kreeg tijdens een diner met Amerikaanse legerofficieren op de Amerikaanse marinebasis Atsugi. Ook tijdens dergelijke ontmoetingen toonde hij zich de afgelopen jaren zelfbewust: niet alleen als hij vertelde over de technische prestaties van zijn vliegtuig of uitwijdde over het verloop van luchtgevechten – waarover hij verschillende bestsellers heeft geschreven – maar ook in zijn kritiek op het Japan van toen en het Japan van heden. ,,Wie gaf de opdracht tot die stomme oorlog?'', zei hij onlangs. ,,Hoe dichter je bij de keizer komt, des te mistiger wordt het.'' Zelf stuurde hij zijn dochter Michiko, die zijn overlijden gisteren wereldkundig maakte, naar een universiteit in de VS om ,,Engels te leren en democratie''.

Maar het meest aansprekend blijven natuurlijk zijn prestaties als gevechtsvlieger. Zo is er het verhaal dat hij werd aangevallen door twee Amerikaanse toestellen. Het eerste schoot hij neer, het tweede wist te ontsnappen. Later kwam uit de Lyndon B. Johnson, de latere Amerikaanse president, de gelukkige was. Een Nederlandse verpleegster heeft verteld dat het vliegtuig waarin zij en een aantal kinderen zaten, boven de jungle van Indonesië dreigde te worden aangevallen. Toen de Japanse piloot de angstige gezichten van haar en de kinderen zag, maakte hij een gebaar van `weg wezen' en maakte rechtsomkeer. Die piloot, werd later duidelijk, was Saburo Sakai.