Labour houdt de hand op de portemonnee

De Britse minister van Financiën, Gordon Brown, kwam gisteren tijdens het jaarlijkse Labour Congres in Brighton slechts mondjesmaat tegemoet aan de eisen van ouderen en actievoerders tegen hoge brandstofprijzen, die de populariteit van de regeringspartij Labour hebben aangetast.

In Brighton beloofde Brown gisteren de armste pensioengerechtigden extra geld. Maar de koppeling tussen pensioenen en de gestegen lonen die ouderen eisen komt er niet. Hij maande de actievoerders tegen hoge brandstofprijzen en extra pensioenmaatregelen af te wachten tot de tussentijdse begroting, die in november verschijnt. Daarin zijn – mogelijk – belastingmaatregelen opgenomen om ,,prioriteiten aan te pakken''.

Maar zulke steun kan ,,niet worden afgedwongen door degenen die het luidst roepen en het hardst duwen'', aldus Brown. ,,Er komt geen plotselinge verandering in de belastingen of in het uitgavenbeleid, geen onverantwoordelijke cadeautjes voor de verkiezingen en geen looneisen die jeugdbanen of welke banen dan ook in gevaar brengen.''

Het Verenigd Koninkrijk heeft ruim tien miljoen gepensioneerden, één op de vijf Britten. Brown beloofde dat het `basispensioen'' wordt verhoogd van 78 naar 90 pond (330 gulden) per week. Ook wordt een drempel weggenomen om zich particulier bij te verzekeren.

Volgens Brown heeft drie jaar Labour-bestuur het land financieel gezond gemaakt en de werkglegenheid sterk verbeterd. Belastingen, waaronder de hoge accijnzen, waren nodig om de schulden te saneren en ze blijven nodig om de beloofde verbeteringen van gezondheidszorg en onderwijs te betalen. Toegeven aan de eisen zou de ,,stabiliteit van Labour'' inwisselen voor ,,Tory boom and bust'', aldus Brown met een verwijzing naar de snel wisselende economische getijen onder de voorgaande Conservatieve regeringen. Premier Blair heeft vanmiddag in Brighton een soortgelijke oproep gedaan.

De toespraken van Blair en Brown zijn mogelijk de laatste grote gelegenheid om de Britse kiezer te bereiken vóór de verkiezingen, die vanaf volgend voorjaar kunnen worden gehouden. Of ze die kunnen overtuigen dat Labour een tweede regeringstermijn verdient, is onzeker. Labour ligt in de peilingen achter op de Conservatieven.

Blair en Brown zijn steeds minder populair bij het bedrijfsleven, bleek uit een peiling van het instituut MORI. Veertig procent van de ondervraagde directeuren schreef Blair ,,geen speciale kwaliteiten'' toe en een meerderheid zei niet te geloven in de hoofdlijnen van het fiscaal beleid. Ook stijgt het aantal zakelijke tegenstanders van de euro.

Michael Portillo, de Conservatieve `schaduwminister' van Financiën, noemde Browns toespraak ,,typisch arrogant''.

Kiezers hadden volgens hem gehoopt op ,,het bewijs dat hij naar hen heeft geluisterd, maar in plaats daarvan kregen ze veertig minuten retoriek over zijn eigen gelijk.''