Ik wacht hier al dertien jaar op

Hoe blijf je kalm, nuchter en analytisch op een ogenblik dat duizenden inwoners van Belgrado samenstromen op het Plein van de Republiek, van oudsher de verzamelplaats van de oppositie, om de overwinning van oppositiekandidaat Vojislav Koštunica te vieren.

Ik hoop dat de lezers mij de emoties in mijn tekst en mijn gebrek aan nuchterheid zullen vergeven, want ik woon nu eenmaal in dit deel van de wereld, en ja, ik wacht al dertien jaar op dit moment.

Want precies dertien jaar geleden, in 1987, ook op 24 september, nam Slobodan Miloševic door een paleisrevolutie in het Centraal Comité van de voormalige Servische Communistische Partij alle macht in Servië over, nadat hij zijn oude strijdmakker Ivan Stambolic, de man die hem had `gemaakt', had afgezet. Stambolic wordt op dit moment overigens nog steeds `vermist', een maand inmiddels nadat hij tijdens zijn dagelijkse rondje joggen werd ontvoerd. De autoriteiten ontkennen iets met de ontvoering te maken te hebben gehad en volgens zijn vrienden is hij ontvoerd door mensen die nauwe banden met het bewind onderhouden.

De vorige alinea omschrijft, denk ik, heel goed de aard van het bewind van Miloševic en de sfeer rond de verkiezingscampagne. Haattoespraken, onverdraagzaamheid, leugens en etiketten als `NAVO-huurlingen, verraders, spionnen' en dergelijke behoorden tot het dagelijks taalgebruik van regeringsfunctionarissen – met inbegrip van Slobodan Miloševic zelf. Ook de media die hij controleert spreken stelselmatig zo over de oppositiepartijen verenigd in de DOS – de coalitie van de Democratische Oppositie in Servië.

De campagne is gekenmerkt door groeiende repressie, arrestaties van activisten van de studenten-volksbeweging Otpor (Verzet) en arrestaties van oppositieactivisten, jongeren, bejaarden, vrouwen. Het geheel zal de herinnering ingaan als een vergeefse poging de kiezers zo te intimideren dat ze niet voor veranderingen kozen.

`Veranderingen' zijn het sleutelwoord. Het bevat alles wat de burgers van Servië en Joegoslavië verwachten van de toekomst, waar ze naar toe geleid zouden moeten worden door de nieuwe president Vojislav Koštunica. Let wel: ik zeg niet voor niets `zouden moeten' in plaats van `zullen'. En dat is niet alleen mijn persoonlijke beroepsvoorzichtigheid.

Zelfs vierentwintig uur nadat de stembureaus zijn dichtgegaan, heeft het enige orgaan bevoegd om de officiële verkiezingscijfers te publiceren, de Staatsverkiezingscommissie, nog geen enkele verklaring afgelegd. Bovendien weet niemand de commissieleden te vinden voorzover ze niet behoren tot de DOS of andere oppositiegroeperingen, want die laatsten zijn er al zondagavond uitgegooid. Formeel gesproken is er dus geen officiële uitslag of zelfs maar een prognose daarvan. Helemaal niets!

De verkiezingscommissie zwijgt, maar zo niet het linkse regeringsblok. Daar wordt beweerd dat Miloševic 45 procent en Koštunica 40 procent van de stemmen voor het presidentschap heeft behaald. Maar ze geven dus wel toe dat hun kandidaat in de eerste ronde niet de absolute meerderheid zal halen en dat er een tweede ronde komt.

Veranderingen, een beter leven, aansluiting bij Europa, regelmatige betaling van lonen en pensioenen, beter onderwijs en een betere gezondheidszorg laten hen blijkbaar koud. Zij vinden het wel goed zo. Ze willen macht, of liever gezegd: ze willen dat Slobodan Miloševic aan de macht blijft, ongeacht de prijs die het land daar al jarenlang voor betaalt en ongeacht de prijs die het in de toekomst misschien nog zal betalen als ze besluiten vierhonderdduizend stemmen te stelen om het huidige bewind te laten winnen.

Ik denk dat die prijs hoog zal zijn en helaas misschien zelfs wel in bloed betaald zal worden. Omdat de Serviërs zich ontdaan hebben van een symbool, de mythe van de onoverwinnelijke `hoeder' van het Servisch nationaal belang, de man die onfeilbaar is, de man die weet wat voor ons allemaal het beste is: Slobodan Miloševic. De man en zijn mythe zijn ten val gebracht door een eenvoudig, beschaafd bezoek aan de stembureaus en de omcirkeling van de naam Vojislav Koštunica. Het is dus mogelijk. Maar hij en zijn partijgenoten willen dat niet aanvaarden – vandaar mijn angst voor bloedvergieten.

Maar ook mijn gepensioneerde buurman, die ongerust is over zijn maandpensioen van ten hoogste 50 mark dat het `gevreesde Westen' hem zal afnemen als de oppositie aan de macht komt, heeft zondag op Koštunica gestemd. ,,Dan nemen ze het maar af, ik wil gewoon dat hij weggaat, dat er iets verandert, misschien wel ten goede. Wie weet dat mijn kleindochter werk vindt, gaat trouwen, een gezin sticht,' zegt mijn buurman. Al tien jaar maken wij ruzie, al tien jaar leeft hij in angst en vraagt hij zich af wat ik me toch allemaal op de hals haal terwijl ik voor de staatsmedia had kunnen werken, maar zondag heeft hij op Koštunica gestemd. Mijn kleine privé-missie is voltooid.

Ik ben geëmotioneerd, dat geef ik toe. Mijn stuk bevat te veel emoties, te veel hoop, wensen, optimisme. Ik ben vanavond nu eenmaal niet in de stemming om te schrijven. Ik ga naar het Plein van de Republiek. Servië en de Serviërs zijn vanavond op dat plein en op tientallen andere pleinen in Servië. En vieren daar de komst van VERANDERINGEN.

Tot ziens op het plein.

Radomir Diklic is hoofdredacteur van het onafhankelijk Joegoslavische persbureau Beta News.