Gouden parachute Homburg

Vastgoedfonds Uni-Invest verdwijnt, redder Homburg ontvangt 338 miljoen gulden. Een gouden parachute voor een vastgoedbaas die beleggers met een tram lokt.

Een afkoopsom van 338 miljoen gulden voor een topmanager in een Nederlands bedrijf? R. Homburg, de ondernemer die vastgoedfonds Uni-Invest eind 1991 redde en opstootte in de vaart der volkeren krijgt het bedrag uitgekeerd bij de fusie van Uni-Invest met concurrent VastNed Offices/Industrial.

,,Dit is hoger dan de markt had verwacht'', zegt financieel analist M. Berkelder die voor zakenbank Kempen & Co de vastgoedwereld volgt. Het afkoopbedrag is ongeveer de helft hoger van wat Berkelder en zijn collega's bij de zakenbank eerder hadden becijferd. ,,En hogere schattingen dan die van ons heb ik niet gezien.''

,,Ik vind dat die regeling voor Homburg volstrekt uit de hand is gelopen'', vindt P. de Vries, directeur van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) die het karakter van de afkoopsom bij eerdere gelegenheden, toen er nog geen sprake was van een uitkering, heeft gekritiseerd. ,,Waarom doet u daar niets aan heb ik vorig jaar de raad van commissarissen gevraagd.''

Geraadpleegde experts konden de afgelopen dagen niet met voorbeelden van hogere afkoopregelingen in het Nederlandse bedrijfsleven op de proppen komen. Afgelopen vrijdag meldden VastNed en Uni-Invest dat de vertraagde fusiebesprekingen met succes waren afgerond. Zij vormen een belegger met vastgoedbezittingen ter waarde van ruim 6 miljard gulden, waarvan 68 procent is geïnvesteerd in kantoren. De rest zit in winkels, woningen en bedrijfsgebouwen.

De bundeling heet een fusie, maar komt neer op een overname. De naam Uni-Invest verdwijnt. De tweehoofdige directie plus de raad van commissarissen van Uni-Invest ruimen het veld.

Een van de commissarissen van Uni-Invest, H. Sterk, trad vrijdag al direct af. Waarom? ,,Ik kan mij niet verenigen met de fusievoorwaarden.'' Stapt hij op vanwege de afkoopsom voor Homburg? ,,Dat maakt deel uit van de fusievoorwaarden.''

Homburg, die afkomstig is uit Canada, begon na een financiële reorganisatie bij Uni-Invest in de jaren negentig aan een indrukwekkende opmars in het vastgoed. Als stofzuiger nam hij aan de lopende band pakketten vastgoed en kleinere beursgenoteerde vastgoedfondsen over. Dat sommige daarvan een schimmige reputatie hadden deerde hem niet - het drukte de prijs.

Homburgs uitkering bestaat uit twee elementen. Hij controleert een besloten vennootschap die eigenaar is van een klein pakket bijzondere aandelen die zeggenschapsrechten hebben bij het vastgoedfonds. Nu Uni-Invest van eigenaar wisselt moet ook deze speciale aandeelhouder worden uitgekocht.

Het tweede element is een zogeheten gouden parachute die opengaat voor Homburg. Nadat hij in 1991 de leiding had overgenomen bij Uni-Invest en het vastgoedfonds had gered van een naderend debâcle bedong hij een aparte regeling als het fonds verkocht zou worden.

Hij heeft het recht om tien procent nieuwe aandelen te kopen van het fonds tegen een relatief lage waarde. Deze effecten kan hij vervolgens aanbieden bij een bod, al heeft dat zoals in dit geval, de vorm van een juridische fusie met VastNed. Deze afkoopsom staat overigens gedetailleerd beschreven in het jaarverslag van Uni-Invest.

De aandeelhouders van VastNed kunnen door de fusie allerlei kosten besparen die het fonds anders wel zou hebben moeten betalen, zo redeneert analist Berkelder. Geen overdrachtsbelasting (6 procent) bijvoorbeeld. Alles bij elkaar scheelt het zo'n 10 procent.

De aandeelhouders van Uni-Invest krijgen echter minder als gevolg van de afkoopregeling, zo becijfert hij. De totale compensatie voor Homburg komt neer op meer dan 20 procent van de intrinsieke waarde van Uni-Invest. ,,Ik denk dat ook de professionele beleggers hier kritisch naar zullen kijken. Het is nog geen gelopen race.''

Beide fondsen zullen de fusie voorleggen aan hun aandeelhouders. De aandelen van Uni-Invest zijn mede dankzij onconventionele marketing, waaronder reclame op een Amsterdamse tram, ruim gespreid onder het beleggende publiek.

Homburg zelf bezit volgens een taxatie van Berkelder een procent of zeven van de aandelen, terwijl veel van de verkopers van vastgoed aan Uni-Invest ook (gedeeltelijk) betaald kregen in de vorm van aandelen van het fonds. Twee grotere beleggers zijn vermogende particulieren: de Bakhuizen Groep, de dominante aandeelhouder in het door Uni-Invest overgenomen vastgoedfonds Nevas, en de erven van ondernemer (Sporthuis Centrum) en belegger P. Derksen.

Directeur De Vries van de VEB wil in afwachting van meer informatie geen definitief oordeel geven over de afkoopsom. Rekent hij op medestanders tegen de afkoopsom? ,,Ik heb altijd weinig steun gevoeld in aandeelhoudersveragderingen van Uni-Invest. Homburg weet het zelf op een overtuigende manier te brengen.''

Wat De Vries stoort is dat de regeling niets met geleverde financiële prestaties tegenover beleggers heeft te maken, maar alles met de omvang van het fonds. ,,Toen Homburg bij Uni-Invest binnenkwam was het een fondsje met 5 miljoen aandelen. Nu zijn het er 55 miljoen. Met elke uitgifte van nieuwe aandelen stijgt de waarde van de parachute mee. Ten opzichte van de geleverde prestatie is dit buitensporig.''