Geen stadspoorten

Drie jaar geleden nam het raadslid Micky Teenstra (VVD) afscheid van de Rotterdamse gemeenteraad met een plan dat een warm welkom kreeg. Maak Rotterdam mooier en beter herkenbaar door `stadspoorten' te bouwen op belangrijke invalswegen, stelde zij voor. Ze liet een boekje na met ideeën en schetsen van lokale kunstenaars voor eigentijdse `poorten' die de stad meer gezicht zouden geven. Maar zoals stadsbestuurders in de Middeleeuwen al vaststelden, kost de bouw van een poort veel geld.

Wethouder Hans Kombrink (PvdA), zowel verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening als voor kunst, verzon een list. Negen stadspoorten van zes ton per stuk zouden 5,4 miljoen gulden kosten. Kombrink peuterde bij Rijkswaterstaat Zuid-Holland een eenmalige bijdrage van 1,5 miljoen los. Het ontbrekende bedrag zou vervolgens kunnen worden binnengehaald, zo bedacht hij, door de opbrengst van reclame op tien à twaalf hoge zuilen langs de autosnelwegen van de Rotterdamse ruit. Dat levert per jaar per zuil al gauw een ton op. Na drie of vier jaar zouden alle kosten terugverdiend zijn en zou Rotterdam kunnen pronken met `rendabele stadspoorten'.

Veel raadsleden vonden de koppeling tussen de oprichting van artistieke stadspoorten en horizonvervuiling door reclamezuilen geen goed idee. Enkele deelgemeenten, die uiteindelijk de benodigde bouwvergunning moeten afgeven, en de gemeente Vlaardingen, wezen het plan ook af. Dat er hier en daar, aan de andere kant van de Rotterdamse snelwegen, vooral in Capelle aan den IJssel, al reclamemasten staan ,,zodat inkomsten naar de randgemeente toevloeien en horizonvervuiling toch ontstaat'' (B en W in hun voorstel) maakte evenmin indruk.

In juli leidde Kombrinks koppeling al tot een heftige discussie in de raad waarover de wethouder, destijds afwezig, zich `verbaasd' toonde. Het kan echter geen verrassing zijn dat zijn plan afgelopen week, na discussie in derde en vierde termijn, definitief sneuvelde. Er was sinds juli niets nieuws te melden. Kombrink had voor de vorm nog een compromis voorgesteld: minder poorten en minder horizonvervuiling, maar tevergeefs. PvdA-fractieleidster Knol kreeg evenmin steun voor haar suggestie: twee stadspoorten een bij het Giessenplein en een op Zuid, betaald door Rijkswaterstaat. De SP'er Cornelissen vond ook dat de bijdrage van Rijkswaterstaat niet verspeeld moest worden. Hij stelde voor de stadspoorten grotendeels te betalen uit het gemeentelijke Investeringsfonds. Maar dat succes was hem niet gegund. Kombrink, wetende hoe het balletje zou rollen, liet over zijn voorstel stemmen onder het motto `Dan slaat de democratie maar toe'. Met 23 tegen 17 stemmen werd het voorstel afgewezen en Teenstra's nalatenschap dus om zeep geholpen.

Het politieke spelletje `rendabele poorten' heeft mogelijk toch een gunstig gevolg en een schrale troost voor Teenstra mits ook logica bij de raadsleden toeslaat: de automobilist rond Rotterdam zullen reclamezuilen bespaard blijven.