FOSSIEL GERED

Paleontologen verfoeien de verkoop van fossielen aan particulieren. Het belemmert de wetenschap en hoge prijzen, zo vrezen ze, kunnen leiden tot diefstal van bijzondere exemplaren uit museacollecties. Daarbij komt dat fossielen in particuliere collecties vaak met onvoldoende zorg worden geconserveerd, waardoor ze onherstelbaar beschadigd raken. Veel fossielen van particuliere verzamelaars blijken in de loop der tijd gewoon verloren te zijn gegaan.

Het lot van een 200 miljoen jaar oud exemplaar van Icarosaurus siefkeri biedt in dit verband hoop. Het gaat om het oudst bekende reptiel met vleugels, dat de grootte had van een fors uitgevallen libel. Waarschijnlijk kon hij niet echt vliegen maar wel glijvluchten maken.

Het prachtexemplaar werd in 1960 ontdekt in een steengroeve in New Jersey door drie jongens, onder wie Alfred Siefker. Siefker, aan wie de soort zijn naam ontleent, gaf het fossiel in bruikleen aan het Stedelijk Museum voor Natuurlijke Historie van New York, zoals dat in die tijd vaak gebeurde met bijzondere vondsten. De naamgeving van het dier, door de paleontologen van het museum, kan worden beschouwd als betaling in de vorm van eeuwige roem voor de vinder.

Siefker raakte later in financiële moeilijkheden door hoog opgelopen medische kosten. Hij besloot daarop het uitgeleende fossiel terug te vragen en bood het diverse musea te koop aan. De vraagprijs was echter zo hoog dat niemand zich de aankoop kon permitteren. Uiteindelijk besloot Siefker het fossiel te laten veilen. Veilinghuis Butterfields in San Francisco schatte de opbrengst op zo'n 300.000 dollar.

De belangstelling viel echter tegen. Het fossiel werd afgelopen 27 augustus voor 167.500 dollar verkocht aan een plaatselijke zakenman, Dick Spight. Die schonk het fossiel prompt weer aan het museum in New York, zodat Icarosaurus siefkeri weer veilig op zijn oude nest terugkeerde. Van de Amerikaanse fiscus mag Spight het bedrag opvoeren als aftrekpost.