Begrotingsrust

Bij de start van Paars-II ging in totaal 10 procent van ons bruto binnenlands product (bbp) naar de loonkosten van leraren, medisch personeel, politie en ambtenaren. Dit jaar is dat nog 9,8 procent van het bbp wat wil zeggen dat die salarissen in twee jaar tijd in totaal bijna 2 miljard zijn achtergebleven bij de economische ontwikkeling. De Miljoenennota van afgelopen dinsdag repareert die achterstand niet. Het enige dat de regering nu wil beloven is dat in 2001 en 2002 de lonen van leraren, verplegend personeel, politie en ambtenaren gelijke tred mogen houden met de salarissen in het bedrijfsleven. Maar twee jaren 3,5 procent bovenop de lonen compenseert de inflatie, maar helpt nog niet bij het oplossen van de grote gaten in de dienstverlening. Staatssecretaris Vliegenthart rekent ons opgewekt voor dat als alle medewerkers in de Thuiszorg nu eens langer gaan werken, de wachtlijst kan verdwijnen. Een scherpzinnige suggestie, maar helaas doet de staatssecretaris nog niets om Thuiszorg-medewerkers in de Randstad te compenseren voor de hogere kosten van levensonderhoud.

Zo gaat Nederland dus verder met één Thuiszorg-CAO voor het hele land: weinig problemen in Friesland of Den Helder, maar onvervulbare vacatures in Amsterdam. De politie moet volgens de Miljoennota blij zijn met 0,4 procent van de landelijke salarissom extra voor het personeel; alleen al hoofdcommissaris Kuiper in Amsterdam heeft meer nodig ter compensatie van zijn personeel voor het dure leven in de grote stad. Directeur Truze Lodder van de Nederlandse Opera moet verder met een bevroren subsidie, hoewel de lonen in Nederland in de periode van het Kunstenplan van Van der Ploeg gemiddeld zo'n 15 procent hoger zullen zijn dan in de afgelopen periode. Het onderwijs, tenslotte, krijgt volgens de Miljoenennota volgend jaar 344 miljoen gulden extra geld maar het is onduidelijk hoeveel daarvan terecht komt bij docenten. Om de cijfers te flatteren heeft Minister Hermans gemakshalve het corrigeren van een fout in de btw-verwerking door zijn eigen ministerie maar meegeteld in het officiële totaal voor actie tegen vacatures en kwaliteitsverlies. Tel al deze kruimels bij elkaar op, en het resultaat is dat volgend jaar de totale loonsom van leraren, verpleegsters, agenten en ambtenaren precies even hard daalt als percentage van het bbp als dit jaar: ook in 2001 blijft de honorering van het personeel in de collectieve sector weer bijna 2 miljard achter bij de ontwikkeling van de economie.

Dat zijn de echte cijfers, en die zien er dus heel anders uit dan de vrolijke propaganda van onze ministers over de extra miljarden voor nieuw beleid. Het verschil wordt verklaard in de kleine letters van een voetnoot op pagina 55 van de Miljoenennota. Daar wordt uitgelegd dat in het Regeerakkoord van 1998 de ontwikkeling van lonen en prijzen expres veel te laag was ingeschat. Zo stond in dat Regeerakkoord bijvoorbeeld een loonstijging van 1,35 procent voor volgend jaar en dáár waren de meerjaren cijfers op gebaseerd. Nu mogen, althans volgend jaar en in het verkiezingsjaar 2002, leraren, medisch personeel, agenten en ambtenaren gelijk opmarcheren met het bedrijfsleven, maar dat heet dan `extra beleid'. Na die technische voetnoot volgen in de Miljoenennota de mooie kleurengrafieken voor zorg, onderwijs enz. met de extra miljarden voor volgend jaar, maar alleen wie de kleine letters heeft bestudeerd weet dat het vooral gaat om het corrigeren van dwaze eerdere cijfers. Compensatie voor hogere inflatie is mooi maar maakt nog steeds niets goed van eerder opgelopen achterstanden en verdient ook niet het etiket `extra beleid'.

Het is niet bevorderlijk voor een serieuze discussie in het parlement dat ministers zo makkelijk met miljarden kunnen goochelen. Met een onafhankelijk budgetbureau zouden we tenminste kunnen voorkomen dat ministers ieder jaar nieuwe kunsten verzinnen om de cijfers zo flatteus mogelijk te presenteren en hun trucs diep verstoppen in de onderliggende documenten.

Intussen worden de wachttijden in de zorg nauwelijks korter, want tekort aan personeel en te lage instroom in de opleidingen hebben te maken met de sterkere aantrekkingskracht van de private sector en die blijft acuut, zo lang de regering niet meer doet dan compenseren voor inflatie. Ook de tweedeling in het onderwijs gaat gestaag verder, en minister Hermans praat elke keer weer iets vlotter over de mogelijkheid dat goedverdienende ouders toch best 1.200 gulden per jaar extra kunnen betalen zodat hun kinderen tenminste verzekerd zijn van de ingeroosterde gymnastieklessen. De politie zal ook volgend jaar weinig kunnen doen om de continue stroom tegen te gaan van ervaren personeel uit de Randstad naar de provincie. En tenslotte moeten de hoogste ambtenaren zichzelf wel een nog royalere bonus toekennen dan de nu gebruikelijke 20.000 gulden extra salaris per jaar, omdat ze zelf harder moeten werken vanwege al die vacatures in de lagere ambtelijke regionen waar salarissen vaststaan en bonussen niet mogen.

Vorige week vertelde mijn vriend de gynaecoloog-oncoloog opnieuw hoe afschuwelijk het is om patiënten met kanker na twee weken wachten op een operatie toch op de dag zelf te moeten vertellen dat de behandeling is uitgesteld. En ik ontvang een verdrietige brief van een lezeres die op haar medisch dossier `urgent' ziet staan bij de specialist en dan drie maanden moet wachten op de eerste noodzakelijke bestraling. Zij schrijft geen geld te hebben om naar Zwitserland te gaan. Politiek is een hard en cynisch vak en dus hebben ministers Zalm en Borst dit jaar besloten om in de interviews vooral zo uitvoerig mogelijk kritiek te spuien op het CDA. Beiden doen dat ongetwijfeld voortreffelijk. En dan die schitterende `begrotingsrust'! Of is dat een schaamlap voor afkalvende kwaliteit in de zorg, het onderwijs en de politie? `Begrotingsrust' is nu het ambitierisico van een regering zonder bedrijfskundig inzicht.