Voorbeschouwing: 100 meter atletiek

De 100 meter sprint kan misschien niet alleen als het koningsnummer van de atletiek worden beschouwd, maar van de hele Olympische Spelen. Het is, inclusief de spanning voor de start, een prachtig spektakel. Jammer dat, in tegenstelling tot Atlanta in 1996, de winnaars deze keer al bij voorbaat vaststaan: Marion Jones bij de vrouwen en Maurice Greene bij de mannen.

Die twee hebben morgen maar één gevaarlijke tegenstander en dat is hun eigen lichaam. Alleen een blessure kan hun zegetocht verstoren. Jones is al drie jaar ongeslagen op de 100 meter. De enige die haar dit jaar nog een beetje wist bij te houden, was haar landgenote Inger Miller. In Zürich, een belangrijke wedstrijd in de aanloop naar Sydney, eindigde ze maar éénhonderdste van een seconde achter Jones. Maar Miller heeft eerder deze week wegens een blessure afgezegd. Voor Jones is de 100 meter slechts een onderdeel van een lang en zwaar programma. Ze heeft haar zinnen gezet op vijf keer goud, één meer dan Fanny Blankers-Koen in 1948.

Greene verloor dit seizoen wel op de 100 meter, drie keer zelfs. Die nederlagen waren groot nieuws in de atletiek, maar kunnen als onbetekenend worden beschouwd. Greene had soms gewoon geen zin zich overmatig in te spannen. Als hij dat wel deed, was hij oppermachtig. Hij liep ook verreweg de snelste tijd van het jaar, 9,86. Wat veel moeilijker te voorspellen is, zijn de nummers twee en drie van de 100 meters. Bij de mannen zou Obadele Thompson uit Barbados wel eens de meer bekende atleten te snel af kunnen zijn in de strijd om het zilver.

Prognose mannen: 1. Greene, 2. Thompson, 3. Boldon

Prognose vrouwen: 1. Jones, 2. Gaines, 3. Thanou

Morgen verder:

Hockey (met Nederland-Duitsland)

Trampolinespringen (met Alan Villafuerte)

Waterpolo (finale vrouwen)

Zwemmen (met 50 meter vrije slag vrouwen)

Zondag:

Mountainbike (mannen)

Roeien (finales, met drie Nederlandse boten)