Krik-krak, oortjes open

`Krik-krak, oortjes op slot', noemt iemand die ik ken de reactie van a-technische mensen, zoals ikzelf, op uitleg over de werking van welk apparaat dan ook. Waarom rijdt een auto, zomaar uit zichzelf? Waarom kunnen we praten door een draadje? Wat is dat internet nou helemaal? `Krik-krak, oortjes op slot': alles wegvagende wazigheid slaat toe zodra de uitleg aanvangt. Ondanks goede wil vooraf, ondanks nieuwsgierigheid die er – soms – toch best is.

Voor mensen die het lef ontberen de mogelijkheden van alleen al hun eigen huishoudelijke apparaten volledig te onderzoeken, die al blij zijn als één pootje van hun mixer draait, is nu een boek uitgebracht. Een boek als een nieuw levensbegin, een machine- en klusbijbel, die ook bij in techniek geïnteresseerde kinderen zeer in de smaak zal vallen. In de nieuwe, volledig herziene editie van Over de werking van de kurkentrekker en andere machines van David Macaulay staat alles: van het wiel tot het fotokopieerapparaat, van portierraampje tot hologram, van achteruitkijkspiegel tot e-mail. Meer dan tien jaar terug won het boek, toen nog zonder cd-speler en laserprinter, in Nederland al een Zilveren Griffel en Penseel.

Het prettige van Macaulay, bekend van klassiekers onder de informatieve kinderboeken als Het kasteel en De kathedraal, is dat hij gevoel voor humor heeft. Macaulay paart begrip voor allerhande mechanismen, hefboom, kroonwiel, takel, aan begrip voor de `krik-krak, oortjes op slot'-reactie. Hij illustreert zijn betoog, dat bestaat uit heldere teksten en dito tekeningen, met een absurd verhaal waarin iemand `in de lente van dat jaar' op bezoek gaat in `het land van de wollige mammoet'. In dat land wordt heel wat afgezeuld met de enorme beesten, die gewogen moeten worden, gemolken, gewassen etcetera. Dat komt mooi uit bij de uitleg van vooral basisdingen zoals nokken, krukken en veren. Flauw is het, jazeker, maar doeltreffend. Dat geldt ook voor de details op de zorgvuldige tekeningen, waarbij de pijlen om beweging aan te geven vaak worden vergezeld door engeltjes, dieren of piepkleine mensjes.

Een beetje merkwaardig aan het boek, dat hier in Nederland bij uitgeverij Van Holkema en Warendorf in eerste instantie toch voor kinderen is bedoeld, is dat de lezer consequent met `u' wordt aangesproken. Uitgangspunt is dat deze `u' voortdurend gebruik maakt van ondermeer blikopeners, en boodschappen afrekent bij de supermarkt. Het contrasteert met het melige mammoetenverhaal, maar het went. Echt storend is het niet.

Macaulay versimpelt wel. Van een hologram verklaart hij niet veel meer dan de basiswerking, maar dat is al meer dan genoeg voor wie in het geheel nog niet thuis is in de materie. Over de werking van de kurkentrekker en andere machines is een ideaal `koffietabelboek'. Om in te zien als je na een bezoek aan het toilet ineens op de vraag komt hoe de spoelbak eigenlijk werkt. Of om te doorgronden hoe een stukje tekst als dit van de ene computer naar de andere kan vliegen, hoe een modem werkt, hoe een krant gedrukt wordt. Het staat er allemaal in. Maar wees niet te gretig: wie probeert het als een roman achter elkaar uit te lezen, slaat alsnog aan het suizebollen. Over de werking van de kurkentrekker is de remedie tegen `krik-krak, oortjes op slot', zij het alleen op de lange duur, als een kuur die je geduldig lange tijd moet volhouden.

David Macaulay: Over de werking van de kurkentrekker en andere machines. Uit het Engels vertaald door Jan Smit en Mandy van Zantwijk. Van Holkema en Warendorf, 400 blz. Vanaf 10 jaar. ƒ79,90