Engelse liefde met Franse scepsis

Tien jaar geleden publiceerde Julian Barnes Talking It Over, een roman die zich bij het openslaan meteen onderscheidde doordat de personen zelf verslag deden van wat hen bezighield, zonder inmenging van een verteller. Het herinnerde aan het werk van Ivy Compton-Burnet, waar bijna het hele verhaal in dialogen wordt verteld, totdat bleek dat dit geen dialogen waren. Barnes' personen spraken ieder afzonderlijk tot de lezer. De samenhang van hun mededelingen leek te ontstaan doordat zij ongeveer vermoedden wat een ander gezegd had. Wij zouden ze ons kunnen voorstellen in geluiddichte cabines met microfoons. Alleen bleek de geluiddichtheid onvolledig, want af en toe reageerden zij toch op elkaar.

Die vorm bleef onwennig tot het eind toe, en het boek werd heel wat gemengder ontvangen dan Flaubert's Parrot (1984). Barnes heeft zich niet laten ontmoedigen. Love, etc. is een vervolg op Talking It Over, en laat ons naar dezelfde personen luisteren tien jaar later.

In het eerdere boek trouwde Stuart met Gillian en werd hij na enkele maanden door zijn beste vriend Oliver uit het huwelijksbed verdrongen. Tien jaar later heeft hij voorspoedige zaken en een tweede huwelijk in Amerika achter de rug. Hij is naar Engeland teruggekeerd waar hij ook gauw op gang komt in de handel; hij hervat de betrekkingen met Oliver en Gillian, en laat het daar niet bij. Oliver, tien jaar geleden een welbespraakte feestvierder die neerkeek op ernst en vlijt, is intussen niet verder gekomen dan het ene deeltijdbaantje na het andere; het echtpaar en de twee dochtertjes leven voornamelijk van de inkomsten van Gillian, en dan wint Stuart haar ook nog terug.

De verhalende lijn van de twee boeken is eenvoudig: een scheve schaats naar de ene kant, en dan een scheve schaats naar de andere kant. Dat de lezer er meer aan beleeft komt voor een deel door de karakterisering van de twee mannen. Oliver was altijd de vlotte jongen die zich vindingrijk uitdrukte over kunst en cultuur en die de meisjes wist te versieren, Stuart was de onhandige vriend die de minst aantrekkelijke van twee vriendinnen moest bezighouden en aan het eind van de avond de rekening betalen. De verhouding is in beginsel voorstelbaar en uit de ervaring bekend. Wat de aannemelijkheid ervan beperkt, is de laatdunkende spot van Oliver wanneer hij tegen of over Stuart praat, en de onderworpenheid waarmee Stuart alles slikt. In dit opzicht is het tweede deel er op vooruitgegaan. Stuart is zelfverzekerd geworden in Amerika en drukt zich minder lijdzaam uit. Oliver, die nog steeds de toon aanslaat van een woordkunstenaar, maakt minder indruk en verzinkt in een beginnende depressie.

Wat Gillian betreft, die neemt nergens een duidelijke vorm aan als romanpersoon; al kunnen wij ons een aantrekkelijke gestalte van haar voorstellen, zij had een paar mentale uitschieters nodig die Barnes haar niet gegund heeft. Een meer gedenkwaardige vrouwenfiguur is haar moeder, Madame Wyatt genoemd, omdat zij van Franse afkomst is. Kenners van Barnes' werk weten dat hij in de Engelse literatuur optreedt als francofiel no. 1 en hij heeft er plezier in om het Engelse idee van love een injectie met Franse scepsis te laten geven door de wijs geworden (allang van meneer Wyatt gescheiden) schoonmoeder.

Noch de gebeurtenissen van deze tweedelige roman noch de personen die ze beleven, verklaren helemaal dat de lezer er gedesoriënteerd en onderzoekend over blijft nadenken. Dat komt doordat de personen, ongehinderd door dialoog-verplichtingen, al hun perikelen beantwoorden met uitspraken over leven en liefde in het algemeen. De titel geeft er een voorbeeld van. Love, etc. was volgens Stuart een formule die Oliver placht te gebruiken om de mensheid in tweeën te delen: voor de ene soort is de liefde alles en de rest maar een rest, voor de andere is de rest hoofdzaak en de liefde bijkomstig. Zou er iets van aan zijn, denkt de welwillende lezer. Nee, vergeet het maar, zegt Stuart er meteen achteraan: er klopt niets van – en dan komt hij zelf met een idee over hoe de liefde er uitziet dat minstens even betwistbaar is.

Daar schuilt de kracht van de verwikkelingen om Gillian heen: in de honderden uitspraken over liefde, vriendschap en andere emoties, sommige scherpziend, andere uit de lucht gegrepen en een heel aantal soms geldig en soms toch weer niet. De lezer verkeert aan het eind in meer twijfel over mogelijke waarheden en bruikbare definities dan tevoren, en beschikt tegelijk over meer gegevens om over na te denken: een uitstekende filosofische conditie. Alle zekerheden moeten op de helling. Het leven begint opnieuw.

Zo beschouwd worden al deze praters levensechte mensen. Als wij ooit nog eens op de boulevard van Eastbourne of Brighton lopen en er aan de railing twee mannen en een vrouw met verwaaide haren zien uitkijken over de zee zullen wij met een schok stil blijven staan: `Weet je wie dat net lijken? Stuart en Oliver en Gillian, alweer tien jaar ouder.'

Wat de praktische vraag betreft of Love, etc. lezenswaard is voor iemand die Talking it over niet kent: jawel, het zal best te begrijpen zijn, als inleiding op het voorafgaande.

Julian Barnes: Love, etc.

Jonathan Cape, 250 blz. ƒ49,95