Vuurwerkramp nabootsen in speciale bunker

Om duidelijkheid te krijgen over de oorzaak van de vuurwerkramp in Enschede wil advocaat J. Plasman de situatie van vlak voor de fatale explosie bij S.E. Fireworks nabootsen in een speciaal hiervoor gebouwde bunker. De raadsman van Fireworks-directeur R. Bakker heeft het verzoek neergelegd bij het openbaar ministerie in Almelo. Het OM beraadt zich nog.

Of, waar en wanneer de test wordt uitgevoerd is nog onbekend. Als het OM instemt, wordt ergens in Nederland de situatie van vlak voor de explosie nagebootst.

In een nog te bouwen bunker zou een partij verpakte mortierbommen opgeslagen moeten worden. Dit type bommen lag ook bij S.E. Fireworks. De zogenoemde shells worden in het plan van Plasman vervolgens blootgesteld aan eenzelfde hitte-ontwikkeling als op 13 mei, de dag van de vuurwerkramp. De raadsman wil zo uitzoeken of onder deze extreme omstandigheden een massa-explosie kan plaatsvinden.

Volgens Plasman kunnen deskundigen de hitte vaststellen met hulp van beelden van de explosie. ,,Bekend is dat op 13 mei een enorme vlam het centrale bunkercomplex volledig omgaf. Daardoor zou het mogelijk zijn dat de dozen waarin de mortierbommen zaten, in een seconde zijn gesmolten. Het vuurwerk kwam daardoor bloot te liggen en zou dan van de minder zware classificatie 1.4 in een fractie van een seconde kunnen zijn opgewaardeerd naar de zware classificatie 1.1.''

Die classificatie zou betekenen, zegt Plasman, dat het vuurwerk een massa-explosie heeft kunnen veroorzaken. ,,Dan is de vraag wat de relevantie van de discussie over de verpakking van het vuurwerk is.''

Plasman verbaast zich erover dat hij het initiatief moet nemen voor deze test. De test die TNO heeft uitgevoerd trekt hij in twijfel. ,,Zij hebben drie doosjes vuurwerk boven een vuur op houten balken gehouden en tot ontploffing gebracht. Een test volgens het boekje. Daarmee creëer je niet de extreme omstandigheden van 13 mei.

Volgens de raadsman kan alleen een financieel argument een reden zijn om de test niet uit te voeren. ,,Maar wie wil zich daar op beroepen.''