Tussen wetenschap en gevoel

Houden studenten zich nog bezig met geloof? En zo ja, op welke manier? Een rondgang langs vijf studenten met hun eigen opvatting van geloven.

EEEN PERSOONLIJKE relatie met God, dat is voor studente Hanna Stapel de manier om het geloof te beleven. ,,Voor mij is het geloof niet weg te denken uit mijn bestaan. Ik ben er elke dag mee bezig'', zegt de 22-jarige studente gezondheidswetenschappen aan de Universiteit Maastricht. Stapel is lid van een christelijke studentenvereniging, Ichthus, waarin verschillende kerken vertegenwoordigd zijn. Iedereen heeft daar een andere achtergrond, en toch hebben ze volgens Stapel één ding gemeen: ,,We willen allemaal leren in het leven te staan zoals God het wil: het goede, welgevallige en volkomene.''

Is geloven `uit' onder studenten? Van alle jongeren tussen de 15 en 24 jaar gaat tweederde nooit naar de kerk, zo blijkt uit een onderzoek uit 1998 van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hoewel er geen aparte cijfers over studenten zijn, zal het gedrag van deze groep waarschijnlijk niet veel afwijken. Kerkbezoek alleen zegt niet alles. Een groeiende groep studenten zoekt naar andere mogelijkheden om met een geloof bezig te zijn, bijvoorbeeld door te mediteren. In Tilburg bijvoorbeeld is een stiltecentrum geplaatst op het terrein van de Katholieke Universiteit Brabant (KUB). Saillant detail: wie naar de studentenkerk wil, moet Tilburg zelf in.

Stapel is overtuigd christen. Volgens haar is het christendom de enige godsdienst waarin God je accepteert zoals je bent. ,,Andere geloven pleiten ervoor dat je verandert vóórdat God je accepteert.'' Haar geloof dwingt haar elke dag stil te staan bij waar het om gaat, namelijk te leven volgens Gods maatstaven. Zij ziet niets in de constatering dat geloven `uit' is. ,,Elke student gelooft wel ergens in''.

In haar studie filosofie aan de KUB wordt Eef Sulsters (25) regelmatig met godsbewijzen geconfronteerd. Voor haar houdt geloof in: geloven in een hogere macht. Zelf is ze daar niet van overtuigd. Voor geloof hoef je volgens de filosofiestudente niet naar de kerk te gaan. ,,Dat is slechts de poppenkast eromheen. Kerk is het gedrag, geloven is het gevoel, dat vaak niet eens verwoordbaar is.''

Zelf is Eef Sulsters misdienaar geweest en heeft ze in het kerkkoor gezongen. Maar voor haar gevoel stond dat los van de kerk. Kerkrituelen zijn niet nodig, vindt Sulsters, maar in pogingen om een goed mens te zijn, staat ze niet los van christelijke normen. Vooral daarom is zij teleurgesteld over het feit dat in haar omgeving van het geloof weinig te merken is. ,,De hele maatschappij is egocentrisch, studenten zijn dat ook; je hoeft alleen nog verantwoording aan jezelf af te leggen. En niet iedereen heeft evenveel gevoel voor verantwoording, zeker op een jonge leeftijd. Geloof zou daar misschien mee kunnen helpen.''

Misschien is de keuze van Karolien Celis (20) voor de studie geneeskunde wel voor een deel ingegeven door christelijke waarden, door de drang mensen te helpen, zo zegt ze zelf. In haar jeugd is Celis als rooms-katholiek op verschillende manieren bezig geweest met het geloof. Ze heeft het vormsel ontvangen, was lid van de jongerenkerk en deed mee aan trektochten naar bijvoorbeeld Echternach. Ook is ze dit jaar, het heilig jubeljaar, naar de wereldjongerendagen in Rome geweest. Ze gaat daar naartoe voor de sfeer, om inspiratie op te doen.

Ze komt, zo zegt Celis beslist, niet voor de paus en ze is het oneens met zijn uitspraken over homo's en condooms: ,,Die zijn niet van deze tijd''. Celis vindt het belangrijk dat ieder zijn eigen weg kan vinden in het geloof. De katholieke kerk heeft naar haar idee geen vertrouwen in de mens; de mens is klein en God almachtig. Zelf gelooft ze meer in het idee dat God in jezelf en andere mensen zit. ,,Het is iets dat je kunt aanvoelen, niet iets van analyseren met de ratio.''

Voor Karolien Celis betekent geloven dat je nadenkt over wat je doet en waarom. Niet oppervlakkig leven, maar proberen een diepere betekenis aan je leven te geven. Religie is volgens de geneeskunde-studente veel persoonlijker geworden; niets houdt mensen tegen om dingen van verschillende godsdiensten bij elkaar te sprokkelen. ,,Veel mensen staan er eenvoudigweg niet bij stil. Het geloof zou mensen iets kunnen bieden. Heel veel mensen zijn nu ongelukkig omdat ze zich normen op laten leggen waarmee ze het misschien zelf niet eens zijn. Als ze zich hiervan bewust zijn en luisteren naar hun innerlijke stem, die misschien wel voor een deel God is, zouden ze de juiste keuzes maken.''

De Indonesische theologiestudent Frederick Doeka houdt van praktische voorbeelden. Hij vergelijkt het geloof voor mensen die God in hun leven voelen met een radio- of tv-antenne. ,,Die antenne helpt mensen om in vrede te leven, om lief te hebben en om om elkaar te geven op dezelfde manier waarop ze voelen dat God van hen houdt.'' Geloof betekent voor Doeka: zich veilig voelen en oprecht zijn. Voor hem is het belangrijk op welke manier dit innerlijke gevoel verbonden blijft met God. Dat staat in zijn opinie los van luisteren naar de paus: ,,Wat weet je nou als je de woorden van de paus opvolgt?'

Het christendom als kerkelijke stroming is niet het enige geloof voor studenten. Met het toenemend aantal allochtone studenten en de toestroom van studenten uit het buitenland krijgen universiteiten en hogescholen steeds meer studenten met bijvoorbeeld een islamitische of boeddhistische geloofsovertuiging. Een voorbeeld daarvan is Muhammad, derdejaars student economie en moslim. Muhammad is er stellig van overtuigd dat het geloof onder bepaalde groepen studenten helemaal niet `uit' is: ,,Onder veel moslimjongeren komt het juist terug en dat is goed. Religie geeft waarden en normen door die je als samenleving nodig hebt. Het kan ook een manier zijn om op het rechte pad te blijven.'' Geloven doe je volgens de economie-student vanuit je hart. ,,Geloven geeft je meer vertrouwen en daarmee zekerheid.''

Studenten zijn getraind in het zoeken naar wetenschappelijke onderbouwingen. Is het voor hen extra moeilijk om te geloven in een hogere macht, ongeacht van welk geloof ze aanhanger zijn? Nee, denkt filosofiestudente Eef Sulsters: ,,Soms zijn dingen onverklaarbaar. Neem het begrip toeval. Wetenschap kan dat niet beschrijven, maar er is meer dan toeval alleen.''

Muhammad en Karolien Celis denken daar, ondanks hun `exacte' studies economie en geneeskunde, hetzelfde over. Muhammad: ,,Er gebeuren te veel dingen die onverklaarbaar zijn om te zeggen dat je alles moet kunnen zien. De wind zie je ook niet, je ziet alleen wat er beweegt.'' Celis sluit zich daarbij aan: ,,Wetenschap kan niet alles verklaren. Er gebeuren dingen die buiten fysische wetten liggen. De menselijke geest alleen al en zijn invloed op het lichaam. Dat is ook iets goddelijks. We zullen het nooit helemaal kunnen analyseren of vatten, maar er ligt heel veel kracht in.''