Nederland spaart op halve kracht

Nederland spaarland. Voor het pensioen wordt al decennia gespaard. Nederland is een Europees koploper. Inmiddels is ook de AOW aan de beurt. De BV Nederland haalt er echter niet uit wat er inzit, maar de oplossing is controversieel.

Vergrijzing is de onontkoombare groeimarkt van de eerste helft van de 21ste eeuw.

Over tien jaar gaan de eerste kinderen van de na-oorlogse generatie, de babyboom, officieel met pensioen. Dat maakt 2010 het officieuze startjaar voor de vergrijzing. De angst voor de onvermijdelijk oplopende kosten die samenhangen met een toenemend aantal ouderen is nu al tastbaar.

"Ook zullen met het ouder worden van de bevolking de uitgaven aan de AOW-pensioenen en de gezondheidszorg sterk stijgen", schrijft het kabinet in de inleiding van de dinsdag gepresenteerde begroting voor het volgend jaar.

Nederland spaart al decennia. De Nederlandse pensioenfondsen, die samen meer dan 1.000 miljard gulden vermogen beheren, behoren tot de grootmachten op hun gebied in de wereld, Nederland is met het Verenigd Koninkrijk koploper in opgebouwde pensioenen. Landen als Italië, Duitsland en Frankrijk blijven ver achter en zijn in allerijl bezig hun pensioenregelingen om te gooien of op te bouwen om de vergrijzingskosten nog het hoofd te bieden.

Maar Nederland kan het sparen niet laten. Bij pensioenfondsen sparen de meeste Nederlanders (ruim 90 procent van de werknemers) voor een aanvulling op de AOW, het `staatspensioen' dat wordt gefinancieerd door de jaarlijkse uitkeringen om te slaan over de werkenden. Als het aantal AOW-premie betalende werknemers daalt ten opzichte van de gepensioneerden, neemt automatisch het beroep op de werkers toe. Dat kan leiden tot stijgende lastendruk, eis tot compensatie in loonstijgingen, inflatiedreiging. Kortom: dijkdoorbraak van het poldermodel.

Sinds een jaar of drie spaart Nederland dan ook ook voor de toekomstige AOW-uitkeringen. Opnieuw is Nederland een Europese koploper. Inmiddels zit er ruim 21 miljard gulden in dit zogeheten AOW-spaarfonds. Volgens de jongste prognoses, die bij de begroting zaten, moet het fonds in 2020 zijn aangegroeid tot 306 miljard gulden.

Dat lijkt aardig wat, maar is minder dan de 322 miljard gulden die pensioengigant ABP (pensioenregelingen voor overheid en onderwijs) eind vorig jaar al had opgebouwd. Het verschil is dat het spaarfonds alleen nog geld vergaart en ABP naast geld vergaren ook pensioenen moet uitkeren.

In weerwil van wat de naam doet vermoeden is het spaarfonds geen echt beleggingsfonds, maar een pakketje staatsobligaties, dat mag worden afgetrokken van de staatsschuld. Zo dringt Nederland de staatsschuld terug en voldoet zij aan de Europese regels.

Het spaarfonds is politiek geïnspireerd, en als belegger haalt de BV Nederland er niet uit wat er inzit, heeft het economisch bureau van ING becijferd. Door niet louter in effecten met een vaste rente te beleggen (opbrengst 7 à 8 procent), maar in een gespreide beleggingsportefeuille met aandelen kan Nederland jaarlijks bijna de helft meer verdienen.

Haagse politici beseffen niet voldoende dat geld met geld verdienen op lange termijn tot spectaculaire vermenigvuldinging van kapitalen kan leiden, ervan uitgaande dat resultaten in het verleden enige indicatie zijn voor de toekomst. Voorwaarde is dan dat het fonds niet beperkt is in de keuze van beleggingen.

De structuur van het AOW-fonds lijkt wat op die van het pensioenfonds ABP, dat tot zijn privatisering in 1996 aan restricties was gebonden. Het fonds mocht slechts mondjesmaat in aandelen beleggen. Aandelen van buitenlandse bedrijven waren jarenlang helemaal taboe, al boden aandelenbeleggingen op langere termijn het hoogste rendement. En juist de lange termijn is de beleggingshorizon van pensioen- en AOW-fondsen. Door de beperkingen waren de beleggingsrendementen lager en de premiekosten voor de ambtenaren en het onderwijspersoneel hoger. Dat moet de belastingbetaler miljarden hebben gekost.

Het idee dat een belegger als het AOW-spaarfonds ook geld in aandelen steekt is niet nieuw, maar zelfs in de VS controversieel. In diverse Europese landen bestaan bijvoorbeeld nog restricties voor de beleggingen van pensioenfondsen, die Europees Commissaris Bolkestein wel wil afbreken.

President Clinton stelde begin vorig jaar voor het vermogen van het Amerikaanse social security fund deels in aandelen te investeren. Dat leidde onder meer tot kritiek dat de overheid op die manier als aandeelhouder een machtsfactor wordt in het bedrijfsleven.