Een spannend avontuur

Studeren in Barcelona of stage lopen in Afrika.Er zijn verschillende beurzen en fondsen beschikbaar voor studenten die over de grens willen kijken.

EMMELINE BACKHUYS WOONT in een vuurtoren in Lowestoft, een Engelse kustplaats zo'n 200 kilometer ten Noord-Oosten van Londen. De dertigjarige Backhuys volgde in het ziekenhuis van Great Yarmouth de huisartsenopleiding, omdat er in Nederland geen plaats was. Backhuys had een goede reden om in het buitenland te gaan studeren. In Engeland is een tekort aan huisartsen en buitenlandse studenten zijn dan ook zeer welkom, in de hoop dat ze zullen blijven. Haar opleiding werd door de Britse staat betaald en zij verdient nu een – naar Nederlandse begrippen – goed salaris. Backhuys: ,,Ik heb er nooit spijt van gehad''. Ze mist Nederland nauwelijks en overweegt om te solliciteren bij de Flying Doctors in Australië.

Studeren aan de University of California at Berkeley, de Universidad de Barcelona of zelfs de Jihoceská universita veských Budejovicích in Tsjechië; het behoort allemaal tot de mogelijkheden. Iedere student kan via een Nederlandse universiteit een paar maanden of een heel jaar vakken volgen in het buitenland, eventueel te combineren met een stage bij een organisatie of bedrijf. De studiefinanciering blijft binnenkomen en het collegegeld wordt in Nederland voldaan.

In veel studentensteden bestaat een Bureau Buitenland dat studieprogramma's en beurzen regelt. Volgens Babette Berrocal, medewerker van het Utrechtse bureau, gaat ongeveer 10 procent van de 23.000 studenten die in Utrecht studeren naar het buitenland.

De ervaringen achteraf zijn verschillend; van `zeer leerzaam en een goede aanvulling op mijn studie' tot `een betaalde vakantie' of `een spannend avontuur'. Zelfs als een stage in het buitenland tegenvalt, zijn de meesten tevreden over hun uitstapje. ,,Ik heb er toch veel geleerd, over mezelf en over mijn ambities,'' aldus een student wiens bedrijfsstage in Antwerpen enorm tegenviel.

In Utrecht alleen al zijn elk jaar 500 beurzen beschikbaar waarmee zo'n 90 procent van de aanvragen wordt gehonoreerd. Voorwaarde voor deelname aan de verschillende programma's is dat je minimaal je propedeuse hebt gehaald, gemotiveerd bent en de taal van het gastland redelijk beheerst. Binnen Europa behoren de Erasmus- of Socratesbeurzen tot de bekendste mogelijkheden. De student krijgt niet alleen een tegemoetkoming in de verblijfs- en reiskosten, ook bemiddelt de gastuniversiteit bij het zoeken naar woonruimte.

Om de studie in het buitenland goed aan te laten sluiten op de studie in Nederland is het zogenaamde European Credit Transfer System in het leven geroepen. Dit is een internationaal erkende puntenwaardering, waardoor elders behaalde tentamens kunnen worden omgezet in Nederlandse studiepunten. Van studievertraging hoeft dus geen sprake te zijn.

Faculteiten hebben zelf ook samenwerkingsverbanden met uiteenlopende instellingen en universiteiten. Veel letterenstudies bijvoorbeeld bieden eerstejaars de mogelijkheid een aanvullende talencursus te volgen in het buitenland. Faculteitsdecanen zijn behulpzaam bij het opstellen van het studieprogramma in het buitenland en zijn goed op de hoogte van de te volgen colleges.

Zo is Femke Verwest (22) via de contacten van de Interfacultaire Vakgroep Bestuurskunde voor vijf maanden naar de universiteit van Bologna gegaan. Zij volgde vantevoren vijf taalcursussen Italiaans om ,,op te gaan in het Italiaanse leven''. Het contact met de Italianen viel haar echter tegen; ze had meer aan de andere buitenlandse studenten. Haar vijf Italiaanse huisgenoten hadden al te veel buitenlanders zien komen en gaan om in haar nog moeite te steken. Dat is wellicht de keerzijde van een door de buitenlandse universiteit gevonden woonruimte. Desalniettemin zou ze er zo weer heen gaan.

Voor hen die extra cachet willen geven aan hun verblijf, zijn er ook nog de elitebeurzen. Deze beurzen, veelal particulier ingestelde fondsen zoals de Fullbright-beurzen en de Fundatie van de Vrijvrouwe van Renswoude, zijn doorgaans kostendekkend en bieden de mogelijkheid om aan de meer gerenommeerde universiteiten te studeren. Voorwaarden zijn uitmuntende studieresultaten en genoeg nevenactiviteiten op het curriculum vitae.

Eigen initiatief wordt ook beloond. Zo wilde Liesbeth Hof (24), student Medische Biologie, al van jongs af aan naar een ontwikkelingsland, ,,voor het avontuur en om andere culturen te leren kennen''. Omdat haar eigen faculteit geen mogelijkheden bood om een stage in een ontwikkelingsland te lopen, ging ze zelf zoeken op internet. Uiteindelijk kwam ze via de geneeskundefaculteit van de VU in Cambodja terecht. Daar heeft ze viereneenhalve maand onderzoek gedaan voor de organisaties CARE en UNAIDS, naar de voorlichtingsactiviteiten op het gebied van aids door ontwikkelingsorganisaties. Zo bleken in Cambodja 45 organisaties te werken die deels niet van elkaars bestaan wisten en nauwelijks met elkaar samenwerkten. Veel van het beschikbare geld blijft volgens Hof op deze manier aan de strijkstok hangen. ,,Ik heb hierdoor minder idealistische ideeën over ontwikkelingswerk gekregen'', zegt Hof.

Via weer een andere weg is Helen Kuyper (22) in Brussel terecht gekomen. Als lid van de Europese studentenvereniging AEGEE (Association des Etats Généraux des Etudiants de l'Europe) werd zij gevraagd om penningmeester te worden bij het centrale bestuur in Brussel. Zij woonde daar samen met de andere bestuursleden uit alle delen van Europa in een huis dat tevens hun kantoor was. Kuyper vond het vooral leerzaam om de verschillende culturen met elkaar te zien botsen. ,,Het poldermodel werkt niet overal'', zegt Kuyper achteraf. In Brussel kwam zij erachter dat het bedrijfsleven haar minder interesseerde dan ze dacht. Zij is gestopt met haar studie technische bedrijfskunde in Enschede, en wil nu journalistiek studeren en vooral veel reizen, liefst buiten Europa.