Brahms' dodenmis ontbloot

Richard Wagner omschreef Ein deutsches Requiem van Brahms ooit smalend als `Schumanns Laatste Woord'. Een andere criticus uit Brahms' dagen oordeelde nog venijniger. Hij vond het werk zo saai dat `zelfs de meest alledaagse begrafenis er een danse macabre bij zou lijken'.

Voor het Koninklijk Concertgebouworkest dirigeerde Philippe Herreweghe gisteravond een visie op Ein deutsches Requiem waarmee hij alle opuskritieken van weleer effectief het zwijgen oplegde. Saai? Schatplichtig aan Schumann? Herreweghe ontbloot met zijn benadering vooral Brahms' liefde voor de oude muziek. Hij realiseerde met beheerste gebaren een slanke, lenige klank, en behield ook daar waar Brahms' dodenmis een zekere kathedrale grandeur vereist vast aan zijn controle over koor, orkest en beide solisten.

Brahms selecteerde eigenhandig de bijbelfragmenten voor zijn requiem. Het werk richt zich tekstueel vooral op hoop en deemoed, en mist de beukende voorbodes van de Dag des Oordeels. Ook Herreweghe laat in zijn weergave van de partituur het licht prevaleren boven het duister.

Met dansende souplesse zongen beide koren La Chapelle Royale en Collegium Vocale Gent het Seid nun geduldig in het tweede deel, romig vloeiden koren en orkest samen in het derde deel. In de solopartijen sloten bariton Stephan Genz en sopraan Sibylla Rubens in wendbare kernachtigheid uitstekend aan bij de klank die Herreweghe koor en orkest ontlokte.

Met zeer zorgvuldig gedoseerd opgebouwde muzikale erupties in de delen drie en zes dwong het Concertgebouworkest respect en opwinding af, hoewel in het begin van deel drie iets minder volume wellicht tot iets méér ziel had geleid. Toch was het niet het Concertgebouworkest, maar het vocale aandeel dat in dit deutsches Requiem de meeste indruk maakte. Herreweghe leidde het Concertgebouworkest nauwgezet en met een zeer energieke slag, maar veroorloofde zich vooral in de door koor gedomineerde fragmenten rust in zijn gestiek. In het zesde deel leidde dat tot een koorfuga van verbluffende dynamische en ritmische perfectie. Controle en ontspanning kwamen er even samen in een zeer zuiver aandoende religiositeit.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest, La Chapelle Royale en Collegium Vocale Gent o.l.v. Philippe Herreweghe m.m.v. Stephan Genz (bariton) en Sibylla Rubens (sopraan). J. Brahms: Ein deutsches Requiem. Gehoord: 20/9 Concertgebouw, Amsterdam. Herh.: 21/9, aldaar. Radio 4: 1/10, 14 uur.