Op het hellende vlak van de Embryowet

Vermoedelijk vrijdag stuurt het kabinet het wetsvoorstel inzake handelingen met embryo's en geslachtscellen naar de Tweede Kamer. De Embryowet heeft een ingebouwd hellend vlak.

De Embryowet, waarvan het ontwerp nog door het kabinet moet worden behandeld, verbiedt het maken van een menselijk embryo voor wetenschappelijk onderzoek of medische therapie, maar regelt dat dit verbodsartikel over drie tot vijf jaar verdwijnt. Dan mogen embryo's speciaal voor bepaald wetenschappelijk onderzoek of voor medische therapie worden gemaakt en dan wordt het voor transplantatiedoeleinden klonen van mensen in Nederland ook toegestaan. Die kloon mag overigens nooit mens worden. Voordat het embryo van de kloon veertien dagen oud is worden er embryonale stamcellen uit gewonnen die voortgekweekt de basis vormen voor de cellen en weefsels die uiteindelijk worden getransplanteerd. Het embryo (de kloon) gaat daarbij verloren.

De wet bevat nog een ingebouwde tijdbom: vijf tot zeven jaar na inwerkingtreden verdwijnt de wetstekst die kiembaangentherapie verbiedt. Dat is gentherapie waarbij de veranderingen blijvend op het eventuele nageslacht van de patiënt worden overgedragen. In beide gevallen verandert de wet bij Koninklijk Besluit, dus zonder tussenkomst van de Eerste en Tweede Kamer. Het parlement kan beide verruimingen tegenhouden als Kamerleden in de vier weken waarin het besluit `voorhangt' een debat aanvragen.

De ministerraad moet het uiteindelijke ontwerp van de Embryowet nog goedkeuren, maar minister Borst onthulde maandagavond in een TV-interview met Sonja Barend de essenties ervan, daarmee het embargo van haar eigen ministerie schendend. Borst schatte kennelijk in dat het wetsontwerp vrijdag in de ministerraad een hamerstuk is.

Een meerderheid in de Tweede Kamer stemt waarschijnlijk in met het wetsvoorstel. De christelijke partijen wijzen het af, de SP wil eerst de tekst bestuderen. De regeringspartijen kunnen zich in grote lijnen in het wetsvoorstel vinden net als GroenLinks. Met name PvdA vindt dat nu eventueel ook al tot de tweede fase (het apart maken van embryo's en het opkweken van stamcellen daaruit) kan worden besloten als dit nodig zou zijn voor het doen van onderzoek dat perspectief biedt op een succesvolle aanpak van ernstige aandoeningen.

Embryo's, ontstaan voor reageerbuisbevruchting maar daarvoor niet gebruikt, mogen, regelt de Embryowet allereerst, onder strikte voorwaarden voor wetenschappelijke en medische doelen worden gebruikt. En over drie tot vijf jaar mogen embryo's speciaal voor welomschreven wetenschappelijke en medische doelen worden gecreëerd. Het gebruik van embryo's voor onderzoek en medische therapie beoordelen de ministers Borst en Korthals (justitie) als `inbreuk op het respect voor het menselijk leven', en het creëren van embryo's voor onderzoek en therapie vinden de bewindslieden een grotere inbreuk dan het gebruik van restembryo's, maar daartegenover staan belangen van menselijk welzijn en gezondheid die de inbreuk rechtvaardigen.

De Embryowet staat de komende jaren dus een toenemende inbreuk op `het respect voor het menselijk leven' toe. Als een soort compensatie voor die toenemende inbreuk op een universeel geachte waarde als respect voor het menselijk leven bakent de wet duidelijk af voor welke wetenschappelijke en therapeutische doelen de embryo's mogen worden gebruikt.

Borst en Korthals, die de wet indienen, schrijven in hun toelichting dat internationale ontwikkelingen en veranderende opvattingen van Nederlandse belangengroeperingen en maatschappelijke organisaties aannemelijk maken dat de wettelijke mogelijkheden over een paar jaar kunnen worden verruimd. De Gezondheidsraad, het adviesorgaan van wetenschap en geneeskunde, had in 1997 al geadviseerd om het creëren van embryo's voor onderzoek toe te staan, bijvoorbeeld voor cel- en weefseltransplantatie, voor onderzoek en therapie van voortplantingsstoornissen en van erfelijke en aangeboren afwijkingen. Maar hoorzittingen waar bijvoorbeeld patiëntengroeperingen en religieuze organisaties hun mening gaven deed de ministers besluiten om nog niet aan de druk uit de wetenschap en geneeskunde toe te geven.

De Raad van State heeft bij deze gang van zaken opgemerkt dat ,,het overheidsbeleid niet gevoerd kan worden of gebaseerd kan zijn op de opvattingen van maatschappelijke organisaties.'' Maar Borst en Korthals zijn het daar niet mee eens en achten de maatschappelijke aanvaardbaarheid ,,de beste waarborg voor handhaafbaarheid van de regeling.''

Wat in Nederland met de Embryowet geleidelijk een legale status krijgt, mag in Groot-Brittannië al sinds 1991. Tot 1998 zijn daar ruim 48.000 restembryo's voor wetenschappelijk onderzoek gebruikt en 118 embryo's speciaal voor wetenschappelijk onderzoek gecreëerd, schreef een groep deskundigen van het Britse minister van volksgezondheid in juni in een advies over stamcelonderzoek. Embryo's voor onderzoek en therapie mogen in Groot-Brittannië niet langer dan veertien dagen in leven worden gehouden. Die grens staat ook in het Nederlandse wetsvoorstel. Na veertien dagen ontstaat het begin van een zenuwstelsel en wellicht begint een embryo dan te merken dat hij er is. Wel mogen uit embryo's voor de veertiende levensdag embryonale stamcellen worden gehaald en in kweek gebracht, maar uitsluitend voor de welomschreven en door een landelijke commissie goedgekeurde doelen van onderzoek naar en therapie voor onvruchtbaarheid, transplantaties en erfelijke en aangeboren afwijkingen.

De Britse regering heeft deze zomer een wetsvoorstel naar het parlement gestuurd waarin therapeutisch klonen onder voorwaarden wordt toegestaan. Daarbij wordt de celkern van een levende mens met een medisch probleem in een lege eicel gebracht. Na enige manipulatie in het laboratorium kan daaruit een embryo groeien met precies dezelfde genetische eigenschappen als de donor van de lichaamscel. Cellen en weefsels die uit stamcellen van dit embryo worden gemaakt kunnen uitstekend voor transplantatie worden gebruikt omdat het afweersysteem van de ontvanger ze niet zal afstoten. Dit is therapeutisch klonen. De Britse wetgever staat het toe. In de Nederlandse wetstekst is er niet over terug te vinden, maar de toelichting maakt duidelijk dat therapeutisch klonen in Nederland wordt toegestaan als over drie tot vijf jaar het doen ontstaat van embryo's wordt gelegaliseerd. Reproductief klonen wordt wel verboden.