Zorg Raad van State over extra's

De Raad van State is bezorgd over de financiële dekking van de extra bestedingen voor volgend jaar. Deze extra uitgaven zouden kunnen bijdragen aan oververhitting van de economie.

De Raad van State schrijft dit in het commentaar op Miljoenennota 2001. Minister Zalm (Financiën) keert zich tegen de kritiek van het hoogste adviescollege van de regering.

Het kabinet heeft het bedrag voor extra uitgaven verdubbeld in de Rijksbegroting 2001, tot in totaal 14,8 miljard gulden. De Raad van State stelt dat deze verhoging deels wordt gefinancierd uit meevallende uitgaven op andere begrotingsposten die niet structureel van aard zijn. Dit zou ertoe kunnen leiden dat er binnen enkele jaren weer op de rijksbegroting moet worden bezuinigd.

Minister Zalm bestrijdt de opvatting dat de structurele verhoging van de begroting wordt gefinancierd uit conjuncturele meevallers. Hij wijst op de gunstige ontwikkeling van de werkgelegenheid ,,naar een blijvend lager niveau''. Door daling van de staatsschuld vallen rentelasten blijvend vrij voor nieuwe uitgaven. Rentelasten lopen ook niet meer op doordat het financieringstekort in de collectieve sector is omgeslagen in een overschot.

Volgens de Raad van State voert het kabinet een `procyclisch beleid' door de collectieve uitgaven fors te verhogen, terwijl de geraamde economische groei al op een relatief hoog niveau ligt, van 4,5 procent dit jaar en 4 procent volgend jaar. De stabiliserende werking van collectieve bestedingen op de economische ontwikkeling wordt hierdoor belemmerd, zo meent de Raad van State. De Raad ziet in oplopende inflatie, van 2,5 procent dit jaar naar 3,5 procent volgend jaar, een teken van oververhitting van de Nederlandse economie. Het adviescollege had liever gezien dat meevallende uitgaven, zoals meevallende inkomsten, volledig zouden zijn toebedeeld aan versnelde aflossing van de staatsschuld: ,,De oplossing van dit schuldprobleem wordt weer verder naar de toekomst verschoven.''

Zalm stelt dat het verwachte inflatiecijfer een vertekend beeld geeft. Dit hangt samen met een verschuiving van directe naar indirecte belastingen als gevolg van de Belastingherziening 2001. Hierbij komen hogere BTW- en milieuheffingen tot uitdrukking in het inflatiecijfer, terwijl verlaging van de directe belasting buiten deze statistiek blijft. Zalm: ,,Hoewel de regering geen duidelijke tekenen van oververhitting bespeurt, is zij wel van mening dat oplettendheid op dit terrein op zijn plaats is.''