Van den Hoogenband doorbreekt magische grens

Voor een wereldrecord meer of minder draait de olympisch kampioen zijn hand dezer dagen niet om. Nog geen vierentwintig uur na zijn gouden race op de 200 meter vrije slag kreeg Pieter van den Hoogenband het Sydney Aquatic Centre opnieuw aan zijn voeten. In de halve finales van de 100 meter vrije slag scherpte de 22-jarige Nederlander vandaag het wereldrecord (48,18), sinds zaterdag in bezit van de Australische immigrantenzoon Michael Klim, aan tot 47,84.

Anderhalf uur later leidde Van den Hoogenband de estafetteploeg op de 4x200 meter vrije slag naar een bronzen medaille. In gang gezet door Martijn Zuijdweg, Johan Kenkhuis en Marcel Wouda begon het goudhaantje van de Nederlandse ploeg aan een inhaalrace, die nog bijna ten koste ging van titelverdediger Verenigde Staten. Zijn tijd (1.44,88) was verbazingwekkend: de snelste split (tijd met vliegende start gezwommen.

Australië, met startzwemmer Ian Thorpe, bleek echter niet meer te achterhalen, en zette met 7.07,05 het tiende (!) wereldrecord binnen vier dagen neer in Sydney. Van den Hoogenband tikte aan na 7.12,70, een tijd die vier jaar geleden goed was geweest voor de gouden medaille. Nu moest het viertal zich tevreden stellen met de bronzen medaille en een ruime verbetering van het Nederlands record (7.16,77).

Wouda barstte na afloop in tranen uit. Na een lange lijdensweg, met twee min of meer mislukte olympische optreden (Barcelona 1992 en Atlanta '96), was de wegbereider van de Nederlandse zwemsuccessen zijn emoties niet langer de baas, en gesteund door Van den Hoogenband verdween hij achter de coulissen. ,,Dit is waarvoor ik al die jaren heb gewerkt. Eindelijk mag ik het podium op'', snotterde Wouda, voor wie overmorgen ,,de race van zijn leven'' (finale 200 meter wisselslag) op het programma staat.

Van den Hoogenband vervolgt zijn olympische campagne met de 100 meter vrij. Hoe magistraal het aanscherpen van het wereldrecord ook was, pas morgen, tijdens de finale van het koningsnummer, zal blijken wat die onverwachte krachtsexplosie waard is gebleken. Zondag, na zijn wereldrecord op de dubbele sprintafstand (1.45,35) in de halve finales, liet Van den Hoogenband weten dat hij goed besefte dat niet tijden, maar medailles tellen in Sydney. ,,Morgen moet ik er pas staan.'' Dat laat onverlet dat Van den Hoogenband vandaag een magische grens doorbrak. Nooit eerder dook een man op de klassieke sprintafstand onder de 48 seconden.

Jarenlang gold de mondiale toptijd (48,21) van meervoudig wereld- en olympisch kampioen Alexander Popov, de grootvorst onder de sprinters, als een onneembare hindernis. Alsof Van den Hoogenband de laatste twijfelaars over de streep wilde trekken, logenstrafte hij vandaag de theorie dat de Rus op eenzame hoogte zou staan. Zijn prestatie was des te opmerkelijker omdat Van den Hoogenband, van nature een trage starter, weer als laatste het startblok verliet. Maar de student met de ingedeukte borstkas – zijn handelsmerk – verkeert in de vorm van zijn leven, zoals gisteren en eergisteren al duidelijk werd. Zoveel aangeboren snelheid schuilt bovendien in het ranke lijf dat zijn tegenstanders genoegen moeten nemen met een plaats in zijn golven.

In een eerste reactie sprak hij vandaag de verwachting uit dat hij morgen nog sneller zou zijn. ,,Ik schat nog een tiende'', zo zei hij voor de tv-camera's, tot verbijstering van zijn gehoor. Als reden voor die boude bewering voerde Van den Hoogenband aan dat hij vannacht maar zes uur had kunnen slapen, na een bewogen avond in het olympische bassin en een al even slopende nacht. ,,Die race van gisteren bleef maar door mijn hoofd spoken.''

Geen moment ook kreeg hij rust om zich voor te bereiden op zijn twee starts van vandaag. Zodra hij een stap buiten het dorp zette, klampte de ene na de andere bewonderaar hem aan, en telkens werd Van den Hoogenband herinnerd aan zijn zege op publiekslieveling Thorpe. ,,Ik voelde me net een Australiër.''

Australië vond vandaag troost in de gouden medailles van Susie O'Neill op de 200 meter vrije slag en die van de estafetteploeg. Die namen de pijn weg van de smadelijke nederlaag van Thorpe. Na 10 van de in totaal 32 zwemonderdelen bezet het gastland met acht medailles de tweede plaats in het klassement. Koploper is grootmacht Amerika, dat tot dusverre veertien medailles (waaronder zes gouden) in de wacht sleepte. Nederland staat zesde, met dank aan Van den Hoogenband en zijn vrienden.

Dennis Rijnbeek keek vandaag toe vanaf de tribunes, nadat de teamleiding de 28-jarige sprinter zondag uitsloot van deelname aan de 4x200 vrij. Aanleiding voor die maatregel was onder meer zijn te vroege overname (éénhonderdste seconde), zaterdag in de series van de 4x100 vrij, waardoor Nederland werd uitgeschakeld voor de finale, en volgens de teamleiding daarmee werd beroofd van ,,een zekere medaille''. Uit voorzorg werd Rijnbeek aan de kant gehouden.

Zondag zat de onfortuinlijke zwemmer van DWK op initiatief van teammanager Ad Roskam aan tafel met zijn ploeggenoten, van wie een aantal nog altijd witheet was. Rijnbeek doorbrak het stilzwijgen. ,,Wat ik gezegd heb? Heel weinig. Ja, dat het me speet natuurlijk. Maar ja, woorden kunnen niet goedmaken wat er is gebeurd.''

Rijnbeek pakte drie jaar geleden zijn zwemloopbaan weer op. `Sydney' was zijn droom, maar die eindigde in een nachtmerrie. ,,Het is vreselijk. Vier jaar geleden was ik er wel bij, maar kwam ik niet in actie. En nu dit. Zo wil ik geen afscheid nemen. Daarom ga ik door.''