Oppositie Servië snakt naar winst

De verkiezingscampagne in Servië kenmerkt zich door scheldpartijen. Maar de politieke partijen hebben wel degelijk programma's. `Punt drie: bestrijding van de corruptie.'

Het verkiezingsprogramma van Miloševi'c is eenvoudig. Hij wil aanblijven als president van Joegoslavië. Het verkiezingsprogramma van zijn vrouw, Mira Markovi'c, leider van de regeringspartij JUL, is ook niet moeilijk. Zij wil dat haar echtgenoot verder regeert. Maar ze heeft nog een enkele andere noot op haar zang: hervorming van de gezondheidszorg bijvoorbeeld.

De gezondheidszorg is een dagelijkse ergernis onder de Servische bevolking. De meeste medicijnen zijn alleen in commerciële apotheken te koop, in handen van corrupte ondernemers. Het gebrek aan betaalbare medicijnen is daarom groot; Servische kennissen vragen vaak om goede aspirines. Met hervorming van de gezondheidszorg, weet Mira Markovi'c dan ook, kan ze `scoren'.

Andere, verstrekkende plannen heeft het echtpaar Miloševi'c niet. Een tien punten-plan, zoals de oppositie heeft, ontbreekt. De Joegoslavische president heeft zijn kiezers beloofd zijn politiek van soevereiniteit voort te zetten, een beter leven voor alle burgers te bewerkstelligen, vernielde gebouwen te herbouwen en een ,,heroïsche defensie tegen de agressor'' (lees: het Westen) te voeren.

Andere beloftes zijn bij voorbaat loos. Zo zal de man, die radio- na televisiestation sluit en oppositionele kranten torenhoge boetes oplegt, zorg dragen voor vrije media. En zal de man, die oorlogen voerde tegen de moslims in Bosnië en Kosovo, staan voor de gelijke behandeling van mensen met verschillende religies.

De Democratische Oppostie van Servië (DOS) pakt het anders aan. Ze heeft een tien puntenplan, een plan voor de eerste honderd dagen van de nieuwe regering en een financieringsplan opgesteld. Mocht de oppositie aanstaande zondag de presidents en/of federale verkiezingen winnen, dan kan ze volgens eigen zeggen direct aan de slag.

Eigenlijk heeft de oppositie maar een doel: Miloševi'c te verwijderen. Wij winnen, iedereen profiteert, is hun leus. Maar die winst is hoogst onzeker. In de peilingen loopt Milosevic zijn achterstand op oppositie-kandidaat Vojislav Koštunica al in. Ook kan Miloševi'c nog altijd de uitkomst van de verkiezingen manipuleren en stemmen stelen.

Mocht de oppositie toch winnen, dan staat Servië grote veranderingen te wachten. De Joegoslavische republiek wordt gedecentraliseerd. De politieke en economische blokkades tegen de afvallige zusterrepubliek Montenegro worden opgeschort. Kosovo en Vojvodina (in het noorden van Servië met een grote Hongaarse minderheid) krijgen hun autonomie terug. De internationale sancties worden opgeheven. Het aantal ministeries wordt met ,,tenminste'' eenderde verminderd. De archieven van politie en staatsveiligheidsdienst worden openbaar gemaakt.

Speciale aandacht heeft de oppositie voor de wijdverspreide corruptie in Servië. Allereerst zullen regering en parlement `schoon' moeten zijn. Daartoe mogen de Kamerleden geen verschillende functies bekleden, geen economische organisaties leiden en moeten ze bij aanvang van hun werkzaamheden inzage geven in hun financiën. ,,Wij zijn verplicht om onze beloften uit te voeren. De burgers zijn verplicht ons te ontslaan als we daarin falen'', luidt de verklaring die kandidaten van de oppositie moeten ondertekenen.

De financiering van al deze goede voornemens blijft een heikel punt. Miloševi'c blijft vaag. Hoe kan hij een `beter leven voor alle burgers' betalen? Zeventig procent van het staatsbudget gaat naar op defensie en de handel ligt stil door internationale sancties. De soepkeukens van het Rode Kruis draaien op volle toeren.

De oppositie heeft haar financiële plan laten opstellen door de G17, een club van vooraanstaande economen in Joegoslavië. Een blik op het plan leert dat vooral het Westen in de buidel zal moeten tasten. Dat is daar overigens niet te beroerd voor; de Europese Unie heeft gisteren laten weten dat Servië in aanmerking komt voor economische en financiële steun, indien de oppositie wint.

Blijven er twee kleinere partijen over: de oppositionele Servische Vernieuwings Beweging (SPO) en de regerende Radicale Partij van Servie (SRS). Een echt programma hebben de nationalistische radicalen niet – of het moet zijn dat alle oppositieleden `verraders' en `nazis' zijn. De partij probeert zich bij tijd en wijle te presenteren als het alternatief voor Miloševi'c, maar ,,is ze echt van plan haar koers te wijzigen, dan verlaat ze direct de regering'', aldus een verklaring van de verenigde oppositie.

De SPO heeft zich niet bij de verenigde oppositie en hun kandidaat Koštunica aangesloten, maar heeft een eigen presidentskandidaat naar voren geschoven. De Belgradose burgemeester Vojislav Mihailovi'c, die een campagne voert onder de leus `Onze man', richt zich vooral op nationale verzoening. Aan de vooravond van de verkiezingen belooft hij een `opgewekte campagne', maar van opgewektheid is weinig te zien.

En dat geldt niet alleen voor Mihailovi'c en de zijnen.