Museum Doorn hoeft niet dicht

Museum Huis Doorn, de laatste verblijfplaats van de Duitse keizer Wilhelm II, hoeft niet per 1 januari dicht. Dat heeft staatssecretaris Van der Ploeg (Cultuur) het museum vanmorgen per brief laten weten. Wel moet worden gezocht naar een oplossing voor de exploitatieproblemen van huis, landgoed en collectie. Een onderzoek daarnaar was al in juni begonnen in samenwerking met de Rijksgebouwendienst. Dit onderzoek moet, zo schrijft Van der Ploeg, op 1 september 2001 zijn afgerond.

Vorige maand werd bekend dat het voornemen bestond het museum in Doorn te sluiten, in navolging van het advies van de Raad voor Cultuur. Het bericht van de sluiting en de vrees dat daarmee de collectie uit elkaar zou vallen, leidde de afgelopen vier weken in heel Nederland tot protesten vanuit verschillende disciplines.

Volgens directeur Th.L.J. Verroen van Museum Huis Doorn heeft de staatssecretaris de raad van toezicht onlangs laten weten onder de indruk te zijn van de reacties die het voorgenomen besluit heeft opgeroepen. ,,De staatssecretaris heeft laten weten de toegankelijkheid van Huis Doorn als zijn eigen verantwoordelijkheid te beschouwen en de collectie bijeen te willen houden, of dat nu in Huis Doorn is of elders.'' Ook de woordvoerder cultuur van de Tweede-Kamerfractie van de PvdA, Van der Ploegs partijgenoot Gerrit Valk, heeft zich opgeworpen als pleitbezorger. ,,Valk vindt dat je een een dergelijk stuk geschiedenis niet zomaar aan de kant mag zetten,'' aldus Verroen die het aantal bezoekers aan het museum na alle publiciteit zag verdubbelen. ,,De komende weken zullen we proberen meer Kamerleden hiervan te overtuigen.''

Keizer Wilhelm II kocht het landgoed nadat hij in 1920 uit Duitsland was verbannen. Hij woonde er tot zijn dood in 1941. Zijn graf bevindt zich in de tuin. Na het eind van de Tweede Wereldoorlog kwam Huis Doorn in bezit van de Nederlandse staat, na een jarenlange juridische strijd met familieleden van de keizer. Het museum trekt jaarlijks 45.000 bezoekers. Het wordt draaiend gehouden door 150 vrijwilligers. De inventaris bestaat uit onder meer meubelen, kunstvoorwerpen, boeken en foto's uit het bezit van het huis Hohenzollern waartoe de keizer behoorde. Alle voorwerpen bevinden zich nog op hun oorspronkelijke plaats, hetgeen het museum tot een document humain maakt dat uniek is voor Nederland. Huis Doorn is het enige monument in Nederland dat herinnert aan de Eerste Wereldoorlog. Het feit dat de Duitse keizer hier onderdak kreeg is tevens een illustratie van de Nederlandse neutraliteitspolitiek.