Politieke manoeuvres rond vervolging Bouterse

De vervolging in Nederland van Desi Bouterse voor de Decembermoorden is in Suriname onderwerp van politiek gemanoeuvreer.

De nieuwe Surinaamse minister van justitie, S. Gilds, heeft dit weekeind openlijk gezegd dat hij geen vertrouwen heeft in het eigen openbaar ministerie als het gaat om het onderzoeken van de `Decembermoorden'.

De typering van de bewindsman kan door een buitenstaander worden gezien als een pijnlijke illustratie van de toestand waarin de Surinaamse rechtsstaat zich bevindt. Maar de ware bedoeling van zijn opmerking heeft vooral een politieke achtergrond en is als signaalfunctie bedoeld naar het Amsterdamse Gerechtshof. Dat buigt zich morgen voor de laatste keer achter gesloten deuren over de vraag of voormalig legerleider D. Bouterse in Nederland vervolgd kan worden vanwege zijn rol bij de Decembermoorden. Bij die gelegenheid, waar Bouterse openlijk de verantwoordelijkheid voor heeft genomen, werden in 1982 vijftien opposanten van het regime vermoord.

In een eerder tussenarrest oordeelde het Hof dat een vervolging in Nederland ,,opportuun'' zou zijn. Maar in dat arrest zat wel een belangrijke nuance verscholen. Een rechtsgang lag voor de hand omdat het er niet naar uitzag dat de moorden op korte termijn in Suriname zelf zouden worden onderzocht. Dit aspect is inmiddels voor alle partijen een cruciaal element in de procedure geworden.

Bouterse, die een Nederlandse vervolging graag wil ontlopen, heeft zich de afgelopen weken ontpopt als een pleitbezorger van een rechtsgang in Suriname. Hij gaf er zelfs een persconferentie over en stuurde, met goed gevoel voor publiciteit, pontificaal een brief naar de waarnemend procureur-generaal. Boodschap: stel een onderzoek in. Bedoeling: het voor het Nederlandse Hof een stuk moeilijker maken om hier tot een vervolgingsbeslissing te komen.

Om deze ontwikkeling te voorkomen is minister Gilds op zijn beurt al een tijdje bezig publiekelijk duidelijk te maken een rechtsgang in Nederland te prefereren. Eerder liet hij al weten dat de Nederlandse justitie welkom is om op Surinaams grondgebied de Decembermoorden te onderzoeken. En nu is daar dus de openlijke diskwalificatie van het eigen OM.

Politiek gezien zijn Gilds' acties logisch. De bewindsman behoort tot de SPA, de partij van Fred Derby, die als enige de Decembermoorden overleefde. Derby heeft zich meerdere malen hard uitgelaten over een vervolging. In Suriname zelf heeft hij daar evenwel weinig vertrouwen in en hij niet alleen. Algemeen leeft de angst dat Bouterse een onderzoek op allerlei manieren zal frustreren. Zelfs de organisaties die momenteel in Paramaribo een beklagprocedure bij het Hof van Justitie hebben lopen met als doel het OM tot vervolging te dwingen, hebben liever dat dat in Nederland gebeurt. Een van de advocaten, F. Kruisland, zei vorige week nog dat het in Suriname moeilijker is om getuigen te horen en de zaak rond te krijgen.

Zo zijn de Decembermoorden een politiek instrument geworden. Daarbij is het onduidelijk wat de nieuwe regering officieel voor standpunt inneemt. Gilds mag dan minister van justitie zijn, hij behoort ook tot de kleinste partij in de regeringscombinatie Nieuw Front. De grotere partijen en ook president Venetiaan hebben zich tot nu toe officieel alleen maar in algemeenheden uitgelaten over de Decembermoorden. Het was dan ook tekenend dat Venetiaan dit weekeind zei ,,niet op de hoogte te zijn'' van de uitlatingen van zijn bewindsman. De SPA lijkt daarom het zekere voor het onzekere te hebben genomen. De advocaten van de nabestaanden zullen morgen in de Amsterdamse rechtszaal de opmerkingen van Gilds ongetwijfeld aanhalen in de hoop dat het Hof de vervolging van Bouterse in Nederland doorzet. En dat is precies Gilds' bedoeling.