Looneis bonden komt maximaal uit op 4 procent

De vakbonden FNV en CNV stellen voor volgend jaar in de CAO-onderhandelingen een looneis van maximaal vier procent. Eventuele afspraken over flexibele beloning komen hier boven op. De vakbonden weigeren winstdelingsregelingen of aandelen- en optieplannen in te ruilen voor de collectieve loonsverhoging.

De Federatieraad van de FNV en het CNV hebben dit vandaag in hun arbeidsvoorwaardenbeleid voor 2001 vastgesteld. De onderhandelingsruimte waar de FNV van uit gaat is 4,5 procent: vier procent voor collectieve loonsverhoging en 0,5 procent voor andere verbeteringen van de arbeidsvoorwaarden. Uitgangspunt voor de FNV-bonden is dat de flexibele vormen van beloning voor het gehele personeel gaan gelden. De FNV heeft zich dit jaar voor het eerst positief uitgelaten over aandelen- en optieplannen voor alle werknemers. Hiermee zouden de werknemers beter kunnen meeprofiteren van de groei van bedrijven, aldus de FNV.

De vakcentrale zet ook in op verbetering van eindjaarsuitkeringen of op uitbetaling van een dertiende maand. AbvaKabo FNV had eerder al laten weten een dertiende-maandsuitkering voor het overheidspersoneel te willen, om de achterstand met het bedrijfsleven in te lopen.

De FNV wil volgend jaar in de onderhandelingen ook meer afspraken maken over het thema `vrije tijd en werktijd'. Daarbij denkt de bond aan de momenten van uittreding, verlofvormen en zeggenschap over de roosters. De vakcentrale zal dit jaar nog een campagne beginnen over de `strijd om de tijd'.

De CNV stelt in de notitie `Werken aan de kwaliteit van leven' kritisch te staan tegenover flexibele beloning die prestatiegericht zijn. Volgens de CNV zou het beter zijn de motivatie van werknemers te verhogen door de kwaliteit van de arbeidsorganisatie aan te pakken, zoals de arbeidsomstandigheden, de arbeidsverhoudingen en de arbeidsinhoud. Individuele beloningsvormen mogen pas worden ingevoerd als deze onderdeel zijn van goed, algemeen personeelsbeleid. De doelstellingen moeten ook daadwerkelijk door werknemers beïnvloedbaar zijn.

De CNV vindt ook dat werkgevers betere loonbaanbegeleiding gaan bieden, waardoor ouderen langer aan het werk kunnen blijven. Maar het vervroegde uittreden staat wat de CNV betreft niet ter discussie. Wel is de CNV er voorstander van om de huidige VUT-regelingen om te zetten in prepensioenregelingen. Daardoor bouwen werknemers op basis van een kapitaaldekkingssysteem individuele rechten op. Werknemers krijgen daarmee meer keuzevrijheid en het wordt beter mogelijk om op oudere leeftijd in deeltijd te gaan werken. Bij verlof voor zorgtaken en scholing moet de opbouw van pensioenrechten doorgaan, aldus de CNV. Met hun looneisen leggen de vakbonden voortdurende waarschuwingen van het kabinet en werkgevers voor een loonexplosie naast zich neer.