Engelse chipfabriek weer open

Tyneside, in het noodlijdende noordoosten van Engeland, krijgt er ruim duizend banen bij en het kabinet van premier Blair een politieke opsteker. Atmel, een Amerikaanse elektronicafirma, koopt een in 1998 gesloten fabriek van het Duitse Siemens om er een nieuwe generatie chips te gaan produceren.

Minister Byers (Handel en Industrie), wiens kiesdistrict grenst aan dat waarin de fabriek ligt, gaf een overheidssubsidie van 28 miljoen pond (104 miljoen gulden) voor de transactie. Volgens de BBC betekent de overname ook de redding voor een eveneens gesloten vestiging van het Japanse Fujitsu in Sedgefield, het iets zuidelijker gelegen kiesdistrict van premier Blair.

Siemens en Fujitsu sloten hun Engelse vestigingen ruim een jaar nadat ze waren geopend, omdat de prijs voor chips op de wereldmarkt instortte. Siemens schreef 650 miljoen pond (ongeveer 2,2 miljard gulden) af en betaalde vorig jaar nog eens achttien miljoen pond terug aan de Britse overheid. Met de sluiting gingen in totaal twaalfhonderd banen verloren.