De gouden vlinder lost haar beloften in

Speculaties van de buitenlandse pers over doping schudde Inge de Bruijn van zich af als druppels water. Niemand kon haar nog de gouden medaille én het wereldrecord op de 100 meter vlinderslag afnemen.

Zoveel aandacht genereerde Inge de Bruijn de afgelopen weken dat zelfs de sprintster die zo graag in het middelpunt van de belangstelling staat het af en toe beu werd. Na gisteren kan de 27-jarige Nederlandse haar lol op. Met haar indrukwekkende zege op de 100 meter vlinderslag, Nederlands eerste gouden medaille bij deze Olympische Spelen en goed voor een wereldrecord (56,61), schroefde De Bruijn de verwachtingen op voor haar optredens op de 50 (zaterdag) en de 100 meter vrije slag (donderdag). Haar glansrijke race was voor (een deel van) de buitenlandse pers bovendien aanleiding te speculeren over het gebruik van doping.

Het was de hoofdpersoon gisteren om het even. ,,Een gouden vlinder'' voelde De Bruijn zich na haar explosie op het slopende sprintnummer, en na een innige omhelzing met haar broer Matthijs, lid van de Nederlandse waterpoloselectie, dartelde de olympisch kampioene naar de felle schijnwerpers van de camera's om haar verhaal te doen. Dit was haar moment, en niemand die het haar zou afnemen.

Trots mocht De Bruijn inderdaad zijn, nadat ze Nederland een dag eerder al een zilveren medaille had bezorgd op de 4x100 meter vrije slag. Vanuit geslagen positie – Nederland bezette de zesde plaats toen De Bruijn overnam van PSV-clubgenote Thamar Henneken – loodste ze de estafetteploeg dankzij een ziedende sprint alsnog naar de tweede plaats, achter de Verenigde Staten.

In Sydney loste De Bruijn haar beloften in. Eindelijk volgens velen, want reeds op jonge leeftijd gold ze als een exceptioneel talent dat, mits goed begeleid, vast en zeker de aansluiting zou vinden met de wereldtop. Daar leek het lange tijd ook op – De Bruijn won in 1991 bij de EK in Athene al zilver op de 100 vlinder – maar in het zicht van de Spelen in Atlanta ontspoorde de carrière van De Bruijn.

Een gebrek aan trainingsijver, tegenwoordig hét wapen van De Bruijn, kwam haar op een verwijdering uit de nationale ploeg te staan. Vanzelfsprekend dwaalden de gedachten gisteren weer af naar die zwarte bladzijde uit haar geschiedenis. ,,Het is goed dat het is gebeurd'', constateerde De Bruijn. ,,Die break was noodzakelijk, want anders was ik nooit zover gekomen. Nu weet ik hoe ik mijn talenten moet gebruiken.''

Twijfels heeft De Bruijn uit haar hoofd gebannen. Gierden de zenuwen haar nog niet zo lang geleden door de keel, ditmaal vertoonde ze geen spoor van nervositeit. Onbekommerd stapte de tweevoudig Europees kampioene gisteren op het startblok om vervolgens in een superieure stijl door het bassin te razen, gadegeslagen door 17.500 uitzinninge toeschouwers in het Sydney Aquatic Centre. Het verschil met de nummer twee, de Slowaakse Martina Moravcova, was indrukwekkend: 1,36 seconde.

De Bruijn laat zich niet langer uit het veld slaan. Zo benadrukte ze tijdens haar ontmoeting met de internationale pers die haar stormachtige progressie – tien wereldrecords in één jaar – verdacht vindt. Stoïcijns gaf ze antwoord op vragen met betrekking tot het mogelijke gebruik van doping. Kern van haar betoog: ,,Ik sta boven de verdachtmakingen.''

Het was niet zozeer wat De Bruijn zei, maar vooral de manier waarop ze het zei die de meeste bewondering wekte: rustig, ingetogen, volwassen. Scherp is het contrast met vorig jaar, toen De Bruijn nog paniekerig kon reageren als iemand het waagde haar te herinneren aan de gemiste kans van vier jaar geleden. Maar ook die mentale horde heeft De Bruijn in Amerika genomen onder leiding van drillcoach Paul Bergen.

Haar begeleider, levensgezel Jacco Verhaeren, verbaasde zich de voorbije dagen al over de ontspannen houding. ,,Bij de EK was de spanning vorig jaar groter. Toen twijfelde ze: kan ik het wel, kan ik het niet? Nu weet ze: ik kan het en ik heb er genoeg voor gedaan, dus kom maar op.''