TOPJAAR VOOR WISKUNDENIVEAU VAN STUDENTEN IN VS

Aankomende studenten in de Verenigde Staten worden beter in wiskunde. Dit jaar scoorden de 1,26 miljoen deelnemers aan de SAT (Scholastic Aptitude Test) het hoogste aantal punten in wiskunde sinds 1970. De SAT wordt door 83 procent van de vierjarige universitaire opleidingen in de VS gebruikt als een van de onderdelen van de toelating en vrijwel iedere aankomende student legt het examen af. Een hoge SAT betekent een goede kans op toelating bij gerenommeerde universiteiten. Overigens is 1970 (en ook 2000) nog niet echt een topjaar in de Amerikaanse onderwijsgeschiedenis. De SAT-scores voor wiskunde vertoonden tussen 1963 en 1982 een gestage daling. Pas sinds 1990 is er weer sprake van een stijging.

Volgens de College Board, die de SAT afneemt, hebben nieuwe studenten nu vaker wis- en natuurkundevakken gekozen op de middelbare school, en met betere cijfers. De studenten zijn ook intellectueel ambiteuzer dan hun voorgangers in de afgelopen twintig jaar. Het aandeel studenten dat aan wiskundige analyse (calculus) heeft gedaan op high school is in de afgelopen tien jaar met bijna een kwart toegenomen tot ongeveer 25 procent van het totaal. Ruim tweederde heeft gewone wiskunde gehad, vooral bij vrouwen een duidelijk stijging ten opzichte van tien jaar geleden. Veertig procent van de SAT-ters behaalde op de high school een gemiddeld van een A+, A of A- (het hoogste `cijfer' in de VS), tien jaar geleden was dat nog maar 28 procent.

De Verenigde Staten scoren in internationale vergelijkingen altijd vrij slecht op het gebied van wiskunde. In een vergelijking van de rekenprestaties op 14-jarige leeftijd uit 1995 moesten de VS bijvoorbeeld bijna alle West-Europese landen (behalve Griekenland, IJsland, Spanje en Portugal) voor laten gaan. Deze rangorde werd overigens met grote voorsprong aangevoerd door Japan en Korea.

Het verschil tussen mannen en vrouwen in de wiskunde-SAT wordt langzaam kleiner. In de jaren tachtig was het gemiddelde verschil nog 41 punten (op een totaal van bijna 500) in het voordeel van de mannen, dit jaar is het gedaald tot 35. De taalscore is voor de vijfde achtereenvolgende keer stabiel gebleven, zo meldt verder de College Board.

www.collegeboard.org