Hollands Dagboek: Jacco Verhaeren

Jacco Verhaeren (31) begeleidt de negen Nederlandse zwemmers die vandaag in Sydney de jacht op olympisch goud openen. Hij werkt al zeven jaar voor de Eindhovense club PSV. Verhaeren woont samen met een van zijn pupillen, medaillekandidate Inge de Bruijn.

Woensdag 6 september

De woensdag is een rustige trainingsdag. Al jaren zitten we in hetzelfde stramien: maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag wordt er twee keer per dag getraind. Woensdag en zaterdag één keer een rustige hersteltraining, zondag een rustdag. Bedenk hier nog drie krachttrainingen per week bij en het leven van zwemmer en trainer is ingevuld.

Tien dagen voor aanvang van de Olympische Spelen is het zaak de conditie op peil te houden en goed uit te rusten om straks in de wedstrijd te kunnen exploderen. Ik begeleid hier negen zwemmers, die allemaal op een andere manier naar de wedstrijd toewerken. Met alle mentale perikelen en nukken van dien.

Na de ochtendtraining zijn we met de ploeg naar het gemeentehuis geweest voor een lunch en een aantal speeches. Na de derde dodelijk saaie spreker begon het geroezemoes. Tv-station ABC wilde na afloop nog een quote van mij over de Chinezen die een aantal zwemmers hebben teruggetrokken voor de Spelen. Toen ik van de regisseur moest zeggen dat `het de schoonste Spelen ooit moeten worden', heb ik hem vriendelijk doch dringend bedankt. De Australische en Amerikaanse zwemploeg gaan een lachwekkende koude oorlog voeren over de vraag wie de meeste medailles gaat winnen. De Australiërs hebben zelfs al een strijdlied gecomponeerd.

Donderdag

De Torch Relay, de fakkeloptocht met het heilige vuur naar Sydney, is in de media een soap aan het worden. Onderweg is er al van alles gebeurd: één drager probeerde te ontsnappen met de vlam. Bij een bejaarde drager ging na zijn iets te enthousiaste run tragisch genoeg zijn eigen kaars uit – hartaanval. Vandaag zag ik een meisje haar hand in brand steken bij de overdracht.

De zwemmers beginnen goed uitgerust te raken. Zo'n twee keer per dag zwemmen ze nu nog een race tegen de klok. Als de voortekenen niet bedriegen, liggen we perfect op koers. Snellere tijden heb ik op een training in elk geval nog nooit gezien, en dat met een groep die ik al zeven jaar train. De vorm is er dus, maar ik ben me ervan bewust dat de `sterkste zenuwen' straks winnen.

Vrijdag

Eindelijk! Een Oezbeekse worstelcoach met een pakketje groeihormonen is op het vliegveld gepakt en het lijkt wel of heel `sportminded' Australië hierop heeft zitten wachten. Dat de man gepakt wordt, is uitstekend, maar de berichtgeving is misselijkmakend. Twee weken geleden hebben de Australische media al een dopingschandaal willen forceren door een Afrikaanse zwemcoach met dieetpillen aan de schandpaal te nagelen. De verbouwereerde coach liet weten dat nu iedereen wist dat hij op dieet was en daarmee was gelukkig de kous af. Nu is er `gelukkig' echt wat aan de hand en de olympische bazen feliciteren elkaar met het behaalde resultaat.

Tegenwoordig zijn topsporters `aangeschoten wild' dat zich onmogelijk kan verdedigen. Het feit dat ze in en buiten het seizoen om gecontroleerd worden, lijkt daar niets aan af te doen.

Het is onze laatste dag in Newcastle. Morgen naar het olympisch dorp om alvast te wennen aan ons verblijf in Sydney en het zwembad. Dan zal het gedaan zijn met onze rust. Het uitzicht zal ik missen. We zitten hier op vijftig meter van de oceaan waar 's ochtends om zes uur al de eerste surfers op de soms torenhoge golven staan en dolfijnen zich elke dag een keer laten zien.

Zaterdag

Na een busreis van ruim tweeënhalf uur komen we aan bij het accreditatiecentrum. Hier krijgen we de olympische toegangskaart in een vlot tempo. Van de vorige spelen herinner ik me dat we daar zo'n vier uur op moesten wachten. In gezelschap van onze nationale roeiploeg gaan we richting dorp. De doorzonwoningen zouden niet misstaan in een willekeurige Nederlandse nieuwbouwwijk, en de barakken en containers (letterlijk) waar de Nederlandse olympische equipe voor drie weken wordt gehuisvest, hebben meer weg van een camping dan van een olympisch bastion. Maar aangezien overbodige luxe geen voorwaarde is voor succes, zitten we hier prima. Duizenden atleten, de beste van hun land of de wereld, lopen hier rond. In het reusachtige restaurant lijkt sprake van een onbeperkte keuze en toestroom van voedsel. Toch proberen de sporters hun eigen voedingsregime vast te houden.

Zondag

Een rustig dagje. Vanmorgen hebben de zwemmers even kunnen rondkijken in en om het olympisch zwembad. Het is een imposante arena waar 17.500 toeschouwers terechtkunnen. In Nederland is zwemmen een sport waarbij vooral ouders, opa's en oma's langs de kant zitten en de pers alleen opdraaft bij een nationaal kampioenschap. Hier is het zwemmen een van de belangrijkste sporten. De concurrentie komt mondjesmaat binnen. Omdat we tot en met dinsdag in aparte zwembaden trainen, zullen we daar weinig van merken. De Afrikaan-op-dieet baalt dat hij zijn pillen heeft moeten inleveren, en dat het verblijf in Sydney zijn gewicht niet ten goede zal komen. IOC-voorzitter Samaranch komt even een kijkje nemen in de eetzaal.

De zwemmers krijgen nu last van hun overtollige energie, of beter: hun directe omgeving krijgt daar last van. Een doorgaans rustig potje kaarten gaat nu gepaard met veel misbaar. Gek genoeg is er nauwelijks enige stress te bespeuren. Af en toe een kriebeltje bij het bezoek aan het zwembad.

Maandag

Meedoen is belangrijker dan winnen. Dit geldt voor het merendeel van de hier rondlopende atleten. Er zijn immers maar drie medailles per discipline te verdelen. In veel landen, waaronder het onze, is het mogen meedoen aan de Spelen geen eenvoudige opgave en vaak een doel op zich. Vandaag zie ik echter het andere uiterste. De grote zwemlanden zijn voor de trainingen ingedeeld met de kleinere zwemnaties. Voor ons betekent dit dat we `samen' trainen met groepen uit Midden-Afrika. Er zullen daar niet veel zwembaden zijn, maar om nu deelnemers te sturen die hun hoofd net boven water kunnen houden, gaat mij iets te ver. Het wereldrecord van Inge op de 100 meter vrije slag staat op 53,80. Tijdens onze training zag ik een meisje dat op de halve afstand deze tijd waarschijnlijk niet haalt, om over het verdrinkingsgevaar nog maar te zwijgen.

Vannacht heb ik naar de Formule I-race in Monza gekeken. Niet zonder trots naar de verrichtingen van `onze Jos'. Leuk om af en toe nog iets van het Nederlandse nieuws te zien. De Australische media storten zich nu helemaal op de Spelen. Ook de sterren uit onze ploeg, Inge, Pieter, Marcel en Kirsten, worden elke training nauwlettend gevolgd en de volgende dag beschreven. Dit in schril contrast met de vorige Spelen toen we ook tot de `zwemdwergen' werden gerekend.

Ter ontspanning ga ik af en toe joggen. Vanochtend met onze fysiotherapeut Jan Herber. We maken een mooi rondje over de nog rustige Olympic Boulevard. De afmetingen van de stadions en de immense ruimte maken duidelijk dat we in Nederland niet meer aan de organisatie van de OS moeten denken.

Dinsdag

De drukte in en om het dorp neemt nu met de dag toe. Vandaag hebben we een vroege training. Coaches informeren driftig naar de `vorm' van elkaars zwemmers. Het lijkt me onwaarschijnlijk maar het gaat allemaal ,,beter dan ooit'' en hoewel ik niet twijfel aan mijn zwemmers overdrijf ik hier en daar wat. Sommige coaches zijn nogal snel uit hun evenwicht te brengen door vervelende opmerkingen te maken over de techniek of de trainingsprogramma's van hun zwemmers. Dat spelletje speel ik graag mee. Het is echter een ongeschreven wet zwemmers hier niet mee lastig te vallen en daar houdt iedereen zich keurig aan. De internationaal gelouterde zwemmers gaan vriendschappelijk met elkaar om. Zwemmen is een van de eerlijkste sporten die er bestaan.

Vanmiddag breng ik mijn vrije tijd door met roommate en bondscoach Stefaan Obreno en teammanager Ad Roskam op Olympic Boulevard. Ditmaal lopen beduidend meer mensen rond dan een paar dagen geleden. Onder hen de altijd om een praatje verlegen zittende Nederlandse immigranten. Olympische souvenirs zijn hier tegen belachelijke prijzen in overvloed verkrijgbaar. Het meest bizarre vind ik de olympische barbies. Naast de vlaggendraagsters van alle landen en de sportsters die deze plastic schoonheden moeten voorstellen, is er nu ook de Paralympic Becry. Volgens mij de eerste barbie in een rolstoel.

Woensdag

Bijna de hele dag ben ik in het zwembad. De zwemmers wennen langzaam maar zeker aan het wedstrijdritme dat hen te wachten staat. Hun niveau is hoog, anders waren ze hier niet. Toch is er een verschil tussen een estafettezwemmer en een medaillekandidaat. De een voelt bij wijze van spreken al bij het opstaan de zenuwen door zijn keel gieren omdat voor hem of haar de series van cruciaal belang zijn. De ander beschouwt de ochtendsessies als een noodzakelijk kwaad en probeert zoveel mogelijk zijn of haar krachten te sparen met het oog op de finale. Als trainer moet ik daar rekening mee houden.

De openingsceremonie komt steeds dichterbij. Voor de tweede keer deze week wordt er 's avonds druk gerepeteerd, en dat is duidelijk hoorbaar. Voor een paar ton gaat er vrijdag de lucht in. Het is een prachtig gezicht, al dat siervuurwerk, maar voor sporters die behoefte hebben aan nachtrust zou het gedonder achterwege mogen blijven. Maar: dit zijn de Olympische Spelen.

Donderdag 14 september

Vandaag staat onze laatste persconferentie op het programma. Vijftig tot zestig journalisten schuiven aan. Van tevoren spreken we af dat we geen vragen over doping beantwoorden. Iemand vraagt of wij spanning voelen. Ik zeg dat het niet zo is. Natuurlijk voelen we een gezonde twijfel, maar dat moet ook. Voor het overige zijn we overtuigd van onszelf. Vooral de Australische media zijn verrast over onze openheid. In tegenstelling tot de Nederlandse pers hebben zij de neiging om sporters een vedettestatus toe te kennen. Ze gaan hun gang maar. Ik vind het best.