Ajax ging kapot aan wijntje en trijntje

George Knobel werd als chef-scout op non-actief gezet bij zijn jeugdliefde RBC, dat hem strafte voor het sturen van een boze brief aan het bestuur. De 77-jarige Roosendaler kan niet zonder voetbal. ,,Ik wil niet sterven achter de geraniums. Dan ga ik liever meteen dood. Afmaken, die handel.''

Een sterk rechtvaardigheidsgevoel heeft hem zijn laatste baan gekost. Toen de Belgische doelman Jurgen Belpaire tijdens zijn herstel van een dubbele beenbreuk werd bedankt voor bewezen diensten, is George Knobel in de bres gesprongen. Hij stuurde voorzitter Jan Pollemans een boze brief en betitelde bestuurslid Jaap LaLau als `een gluiperd en snoodaard die beter kan oprotten'. Knobel kon zelf vertrekken bij RBC. Hij kijkt terug zonder wrok. ,,Wat heb ik nog te verliezen op mijn leeftijd?''

Als zoon van een sigarenmaker is hij in bittere armoede opgegroeid. Hij woonde aan de Bredase Baan, een volksbuurt in Roosendaal. Geld voor voetbalkleding was er niet. Hij werd geholpen door een kleermaker en tijdens een partijtje straatvoetbal gadegeslagen door kapelaan Koenraad. ,,Die man was onze geestelijke adviseur. Hij heeft mij ontdekt. Ik werd eerst lid van BSC, want RBC had toen nog geen jeugdafdeling. Pas later werd dat mijn cluppie. Tot vorige maand. Na zestig jaar ben ik als een zak stront op straat gezet.''

Knobel was een talentvolle binnenspeler die nog heeft geroken aan het betaalde voetbal. Na een beenbreuk ging hij zich toeleggen op het trainersvak. Hij werd een succesvolle coach bij MVV en Beerschot. Bij Ajax en het Nederlands elftal had hij naar eigen zeggen met pech te maken. Bijna vijftien jaar werkte hij voor de voetbalafdeling van horlogemaker Seiko in Hongkong. ,,Ik wist niet eens waar die vlek lag. Ik heb nooit Engels of Chinees geleerd. Voetbaltaal is overal hetzelfde.''

Knobel verdiende goud in het Verre Oosten. Hij rijdt een dure auto en bewoont een luxe woning. Maar hij voelt zich nog steeds verbonden met de zwakkeren in de samenleving. ,,Wij waren worst. Wij werden elke dag gediscrimineerd. Dat begon al in de kerk, waar de gegoede kinderen de beste plaatsen kregen. Ik was twaalf toen mijn ogen open gingen. Ik ben cynisch geworden en gebleven. Ik heb nooit iemand vertrouwd, behalve mijn ouders en mijn kinderen. Ik heb nooit vrienden gehad. Ik leef mijn eigen leven. Pias.''

Knobel komt met een opsomming van lijfspreuken die even goed in de wc hadden kunnen hangen. ,,In wezen is de mens heel slecht. Een integer mens is altijd de zwakste. Het is overal winnen of verliezen. Zij die macht hebben, houden de macht. Het leven is meedogenloos en stelt tegelijkertijd geen flikker voor. Daarom heb ik geen enkele moeite met de dood. Als ik vandaag of morgen een ziekte krijg, gaat meteen de stekker uit het stopcontact. Afmaken, die handel. Dat staat zwart op wit.''

Hij heeft nergens spijt van, maar zou het leven niet willen overdoen. Toch verschijnt er een glimlach op het sombere gelaat, als hij terugdenkt aan de oorlogsjaren en de woelige perioden bij Ajax en het Nederlands elftal. Dan toont hij zich een vriendelijk gastheer. Het borstelhaar is ietsje uitgedund. Het ranke lijf weegt nog steeds 67 kilo. Een kwestie van houtzagen, hardlopen en racefietsen. Na afloop van het gesprek loopt hij in een drafje naar de parkeerplaats. George Knobel is nog even vitaal als een halve eeuw geleden.

,,Ik was leerling-sigarenmaker toen de oorlog uitbrak. Ik werd met een paar kameraden als dwangarbeider naar Duitsland gestuurd. We maakten daar duikboottorens. We zijn een keer gevlucht uit de fabriek en hoorden bij Essen de bommenjagers van de RAF langs onze oren suizen. Angst heb ik nooit gehad. Na de oorlog werd ik eerst magazijnbediende en later productiebaas bij Philips. Niet slecht voor een knaap die alleen lagere school heeft gedaan. De Mulo konden we thuis niet betalen.

,,Het werk in de fabriek was surrogaat. Voetballen betekende alles voor me. Voetballen is een afspiegeling van de maatschappij. Met een stuk emotie erbij. Het mooiste gras is het gras van een voetbalveld. De mooiste schoenen zijn voetbalschoenen. En wat is er dan mooier dan met voetbal je brood verdienen? Ik kon trainer worden bij een vierdeklasser, de Kaaise Boys in Fijnaart. Ik heb alle diploma's gehaald in Zeist. Binnen de kortste keren was ik coach van MVV. In Maastricht liepen toen spelers om van te watertanden. Willy Brokamp, Jo Bonfrère, noem maar op. Brokamp was een kind van zijn tijd. Een vrijbuiter in moderne kleren. Hij speelde toen nog in het tweede. Wat een talent! Ik ben nooit meer zo'n goeie vent tegenkomen. Hij zat in het café, maar vloog nooit uit de bocht. Ik hoefde niet autoritair te zijn. Ik heb trouwens nooit als een dolleman voor de dug-out gestaan. Schelden deed ik in de kleedkamer, niet in 't openbaar. De idioterie van tegenwoordig was ! niet aan mij besteed.

,,Het liep vijf jaar lang op rolletjes bij MVV. We wonnen vaak van Ajax. Blijkbaar heeft dat indruk gemaakt, want op een avond hing voorzitter Jaap van Praag aan de lijn. Ajax was in 1973 de god van het wereldvoetbal. Als je aan de andere kant van de wereld met een speldje van Ajax rondliep, kreeg je een maaltijd aangeboden. Ik ging minder verdienen dan bij MVV, maar voor de helft van het geld was ik ook naar Ajax gegaan. MVV legde me geen strobreed in de weg. Typisch Limburgs.

,,Na twee maanden ging Cruijff naar Barcelona. Hij kon daar drie of vier keer zoveel verdienen. Waartoe zijn wij op de wereld? Om de kost te verdienen. Iedereen heeft z'n prijs. Het vertrek van Cruijff was voor mij een geweldige teleurstelling. Mijn vrouw raadde me aan gelijk op te stappen. Pure intuïtie. Zonder Cruijff was Ajax een boom zonder vruchten. En die boom was niet verschrikkelijk groot. Sjaak Swart was gestopt en Jan Mulder was geblesseerd. Ik moest het doen met Gerrie Kleton in de spits. Nou, dan weet je het wel.

,,De club had alles gewonnen wat er te winnen viel. De sfeer werd een tikje losser. Als we met de trein naar het zuiden gingen, zag het in de coupé zwart van de rook. In z'n verschijning was Ajax heel verfijnd, met die kleding en die haardracht. Op de training stonden mooie meisjes achter de hekken. Ajax was een popgroep in die tijd. Als we aankwamen op Schiphol, werden we ontvangen als de Beatles. Maar ja, het voetbal werd steeds minder zonder Cruijff. Er zat geen zout in de aardappelen.

,,Toen kwam het beruchte interview met een gloednieuw tijdschrift. Die journalisten moest lezers trekken. `Ajax gaat kapot aan drank en vrouwen', stond er boven mijn verhaal. Ik mag hier ter plekke doodvallen, als ik die woorden letterlijk zo heb uitgesproken. Ik heb gezegd: `sommige jongens doen een beetje te veel aan een wijntje en een Trijntje'. Dat klinkt al een stuk genuanceerder. Ik zie nog Sies Wever, onze reservedoelman, met het artikel door de kleedkamer zwaaien. Mijn laatste uur had geslagen. Het gesprek met Van Praag heeft vijf minuten geduurd. Toen stond ik buiten.

,,Een paar uur na mijn ontslag hing Cruijff aan de lijn. Of ik vakantie wilde komen vieren in Barcelona. Ik had geen behoefte aan rust. Ik kreeg vrijwel meteen een aanbod van de KNVB. Twee jaar ben ik bondscoach geweest. De Zeister bossen zijn een slangenkuil. Wist ik veel dat de spelers van Ajax en PSV al een jaar aan het bakkeleien waren. In Katowice verloren we met 4-1 van Polen. Sommigen gaven de bal telkens een meter achter de man. Ik zat op de bank en begreep dat er iets niet klopte.

,,Voor de thuiswedstrijd tegen Polen heb ik de boel bij elkaar geroepen en beide kampen hun zegje laten doen. Ze maakten elkaar uit voor rotte vis. Ik geloofde mijn oren niet. Toen zijn Willy van der Kuijlen en Jan van Beveren weggelopen. Een paar dagen later wonnen we met 3-0 van Polen. De beste wedstrijd in de geschiedenis van het Nederlands elftal.

,,Daarna kwam het EK in Joegoslavië. Alle spelers zaten met hun hoofd bij de Duitsers. De nederlaag van '74 moest worden gewroken. Ze vergaten dat Tsjechië een behoorlijk elftal had. Cruijff had een blessure en speelde op halve kracht. We hadden een scheidsrechter uit Wales die ons voor de wedstrijd kwam vertellen dat het afgelopen moest zijn met het harde spel. Ik was een liefhebber van mooi voetbal, maar een portie mannelijkheid kan geen kwaad. Neeskens en Van Hanegem hebben zich tegen de Tsjechen laten gaan en kregen een rode kaart. Iedereen sprak er schande van.

,,De kritiek die toen is losgebarsten, heb ik als water onder de douche van me laten afglijden. Als kleine knul was ik verlegen en gevoelig. Het leven heeft mij harder en afstandelijker gemaakt. Daarom doe ik bij RBC geen water bij de wijn. Ik kan mijn excuses indienen, maar ik blijf bij mijn standpunt dat die Belgische keeper groot onrecht is aangedaan. Zo ga je niet met mensen om. Ik mag dan weinig scholing hebben, een beetje fatsoen heb ik wel in m'n donder.''