Opvallende stilte onder de grote transporteurs

De grote transportondernemingen in Nederland laten bij de protesten tegen de hoge dieselprijs nog niet veel van zich horen. In tegenstelling tot de zogeheten `eigen rijders', kunnen zij wél de hogere brandstofprijs doorberekenen.

Het protest tegen de hoge dieselprijzen komt tot nog toe vooral van de eigen rijders: kleine ondernemers die hooguit met drie vrachtwagens rijden. Van de zijde van de grote transporteurs als de Vos Groep en Frans Maas is tot dusverre nog niet veel vernomen. Het grootste probleem dat de eigen rijders met de hoge dieselprijzen zeggen te hebben is dat zij de gestegen prijzen niet door kunnen berekenen aan hun klanten, de verladers.

Hoewel de grote transporteurs ook last zeggen te hebben van de gestegen brandstofprijzen, berekenen zij de hogere brandstofprijs, in tegenstelling tot hun kleinere concurrenten, wel door aan hun klanten. Directeur P. Stoof van Breda Transport in Breda: ,,Als je meer kwijt bent aan brandstof dan je verdient, moet je niet gaan rijden. Anders ben je een slechte ondernemer. Niet dat mijn klanten me met open armen ontvangen als ik met prijsverhogingen aankom overigens.''

Ook H. Benjamins, de bestuursvoorzitter van Frans Maas, zegt dat zijn bedrijf de prijsstijgingen op de klanten verhaalt. Hetzelfde geluid is te horen bij W. Vos, directeur van de Vos groep. Vos heeft kort geleden alle contracten met zijn verladers opengebroken. In de nieuwe overeenkomsten staan clausules die bepalen dat verhogingen van de dieselprijs voor rekening van de klant komen. Die actie heeft hem wel klandizie gekost, zegt Vos. ,,Gelukkig is er op dit moment meer vraag naar vervoer dan aanbod, dus hebben we een redelijk sterke onderhandelingspositie. Maar je wil de goede vrede met je klanten niet teveel verstoren, je weet niet wanneer de situatie omgedraaid zal zijn.''

Benjamins van Frans Maas vult aan: ,,De vervoersprijzen zullen net zo lang hoog blijven als nodig is.'' Volgens R. Enthoven, de secretaris van Koninklijk Nederlands Vervoer (KNV), zijn de vervoersprijzen in de afgelopen twee maanden met gemiddeld 6 procent gestegen. Benjamins en Vos hebben begrip voor de acties van de eigen rijders. Beide zijn naar eigen zeggen voor een gedeelte afhankelijk van een breed aanbod van kleine ondernemers, die 8 procent van de vervoersmarkt voor hun rekening nemen. Vos: ,,Naast de 2500 vrachtwagens van ons bedrijf rijden er voor ons ongeveer 500 zelfstandige ondernemers. Het zou een ramp zijn als die er mee op zouden houden.'' Benjamins van Frans Maas is het met hem eens: ,,Een groot deel van de goederenstroom is van hen afhankelijk.''

Directeur Stoof van Breda Transport kan in tegenstelling tot Vos en Benjamins helemaal geen begrip opbrengen voor de wilde acties. Gisteren stonden vijf van zijn wagens stil in België, en naar eigen zeggen heeft hij daar een ,,pokkenlast'' van. ,, Als ze geen hogere prijzen kunnen doorberekenen, moeten ze de bedrijfsterreinen van hun klanten gaan blokkeren, niet de openbare weg, waar ze mensen treffen die er niets mee te maken hebben.''

Vos is behalve directeur van zijn bedrijf ook vice-voorzitter van KNV. Samen met de werkgeversorganisaties Transport en Logistiek Nederland (TLN) en Vereniging Eigen Rijders Nederland (VERN) biedt KNV morgen in Den Haag een petitie aan de regering aan, waarin zij vragen om een verlaging van de accijns.

Stoof denkt niet dat het wat uit zal halen, evenmin als de wilde acties van de eigen rijders. ,,Ik begrijp mijn eigen organisaties niet. De manier van denken is krom. Je moet de schuld niet bij de Nederlandse overheid zoeken. Eerder in Brussel, lijkt me.'' Benjamins van Frans Maas denkt daar heel anders over. Volgens hem is de overheid moreel verplicht in te grijpen om de transportsector te helpen. ,,Toen de varkensboeren in de problemen kwamen, grepen ze ook in. Waarom nu dan niet?'' Overigens klagen de grote transporteurs niet alleen over de hoogte van de dieselprijs. De transportwereld heeft, net als andere branches, erg veel moeite om voldoende personeel te vinden, en dat leidt tot toename in de loonkosten. Volgens een onderzoek van het transportonderzoeksbureau NEA zijn de kosten voor binnenlands vervoer sinds 1 januari dit jaar gestegen met gemiddeld 2 procent. Een groot deel van de stijgingen wordt veroorzaakt door de hogere brandstofprijzen. Normaal is brandstof goed voor 20 procent van de bedrijfskosten. Dat is inmiddels 30 à 40 procent.