Kroonprins is als lid IOC ingetogen bezoeker Spelen

De Nederlandse kroonprins toont zich als IOC-lid fel tegenstander van dopinggebruik. Maar de ware gevoelens van Willem-Alexander blijven verborgen achter het harnas van de ministeriële verantwoordelijkheid.

Tegen wil en dank bevestigde kroonprins Willem-Alexander vandaag tijdens zijn bezoek aan het Holland House in Sydney het beeld van een gekooid IOC-lid. Vier jaar geleden kwam de Prins van Oranje bij de Spelen van Atlanta vooral hossend in beeld als supporter van de Nederlandse deelnemers. Volleybalsters en hockeydames gingen giechelend met hem op de foto. Sinds zijn verkiezing in het Internationaal Olympisch Comité gedraagt Willem-Alexander zich ingetogener dan hij wellicht zou wensen in de wetenschap dat hij nu eenmaal is gebonden aan de ministeriële verantwoordelijkheid. De afgelopen dagen bezocht de kroonprins de IOC-sessies in Sydney, waar hij zich opnieuw een fel tegenstander toonde van het gebruik van doping. ,,Ik heb al eerder duidelijk gemaakt dat alles wat met doping heeft te maken zo hard mogelijk moet worden aangepakt'', verklaarde Willem-Alexander tegenover de Nederlandse media. ,,In dat opzicht is de oprichting van de World Anti Doping Agency (WADA) een heel goed initiatief. Het rapport van voorzitter Dick Pound tijdens de IOC-sessies sprak duidelijke taal. Helaas is met de invoering van de nieuwe EPO-test niet het dopingprobleem opgelost. Nu de wetenschap eindelijk EPO kan detecteren, vormt de genetische doping het volgende gevaar. We zullen mee moeten denken met de kwade genius achter nieuwe vormen van doping om ze te kunnen opsporen.''

Hoewel het IOC voor en tijdens de Spelen slechts driehonderd bloedtesten afneemt bij atleten in de duursporten, juicht Willem-Alexander dat beleid toe. ,,Er bestaat consensus over het aantal testen en je hebt bovendien te maken met een capaciteitsprobleem. Het kost veel tijd en geld om al die bloedanalyses uit te voeren. Het aantal testen blijft natuurlijk arbitrair. Misschien is vijfhonderd dopingtesten ook niet genoeg.''

Ook de 27ste Olympische Spelen dreigen uit hun voegen te barsten door het grote aantal deelnemers (10.500) en de te verwachten problemen bij het transport van atleten, officials en enkele miljoenen toeschouwers. Denkt het koninklijke IOC-lid aan een inkrimping van het olympische programma? ,,Het wordt inderdaad steeds moeilijker om de Spelen te organiseren'', erkent Willem-Alexander. ,,Momenteel liggen diverse voorstellen op tafel om verschillende onderdelen over te hevelen van de Zomer- naar de Winterspelen. Ik vind wel dat een sport een duidelijke binding met sneeuw en ijs moet hebben om tot de Winterspelen te kunnen behoren. Maar juist omdat de Winterspelen veel kleiner zijn, kunnen ze worden georganiseerd door kleine steden als Lillehammer. Dat biedt ook voordelen.''

De kroonprins zal zich binnen het IOC in elk geval niet hard maken voor een nieuwe Nederlandse kandidatuur voor de Zomerspelen. ,,Dat is voorlopig niet aan de orde, omdat Europa pas op zijn vroegst in 2016 weer aan de beurt is om de Zomerspelen te organiseren'', zegt de Prins van Oranje. ,,En mochten de outsiders Istanbul en Parijs in 2008 toch in aanmerking komen voor de Spelen, dan doet Europa daarna voorlopig niet meer mee. Tegen die tijd hebben de Spelen ongetwijfeld een totaal ander karakter dan nu en zal ook Nederland een ander aanzien hebben.''

Zijn taken binnen het IOC blijven beperkt, omdat Willem-Alexander zich als troonopvolger nu eenmaal verre dient te houden van politiek gevoelige onderwerpen. Zo leverde hij zijn functie bij de zogeheten nominatiecommissie ,,om persoonlijke redenen'' weer in. ,,Dat had geen politieke oorzaak.'' Maar hoe frustrerend is het voor de prins om telkens ruggespraak te moeten houden met de Nederlandse regering? ,,Ik ben nu eenmaal gebonden aan de ministeriële verantwoordelijkheid, waar ik ook ben. Maar de minister-president heeft de verantwoordelijkheid genomen voor mijn lidmaatschap van het IOC. Dat betekent wel dat ik met mensen van diverse ministeries van tevoren de IOC-agenda doorneem om heikele onderwerpen te bespreken. Verder voel ik me vrij in mijn doen en laten.''

De meeste voldoening put de kroonprins uit zijn werkzaamheden in het olympische solidariteitsfonds. ,,De afgelopen vier jaar hebben we zeshonderd atleten met financiële problemen uit de hele wereld gesponsord, waarvan 450 sporters deelname aan `Sydney' hebben afgedwongen. Als lid van die olympic solidarity heb ik het trainingskamp van de Keniaanse atleet Kipkeino bezocht, waar we ook geld in hebben gestoken. Het is een boeiende commissie, waarin we nu al onderhandelen over de bijdragen in het traject tot de Spelen van 2004.''