Actie voor behoud schellinkje Scala

Toen in La Scala van Milaan gisteravond de laatste noten van La Bohème waren weggestorven, dwarrelden er van de bovenste rij ineens honderden papiertjes naar beneden. Het waren fotokopieën van het oude biljet van 1000 lire, met de afbeeldingen van Giuseppe Verdi en de tekst `Il loggione come prima': de loggione moet weer worden zoals het was. De loggione, dat is de bovenste rij, met staanplaatsen van ruim elf gulden. Daar staan de meest onbarmhartige, maar vaak ook beste critici van zangers en orkest – operaliefhebbers die uren in de rij staan voor een goedkoop kaartje en voor een première bijeenkomen om het libretto nog eens door te nemen en eerdere uitvoeringen te bespreken. Als de loggione klapt, doen ze dat niet omdat ze zich niet bekocht willen voelen met een kaartje van over de honderd gulden. En als de loggione fluit of boe roept, is dat meer een teken van passie voor muziek dan van gebrek aan beschaving.

Maar volgens de directie van La Scala moeten er 160 van de 200 plaatsen in de loggione verdwijnen – ze zouden ineens niet meer in overeenstemming zijn met de brandvoorschriften.

De directie ,,wil de meest gepassioneerde lyriek-liefhebbers knevelen'', zei Dario Garegnani, een 21-jarige klarinetstudent aan het Milanese conservatorium en woordvoerder van een actiegroep die de loggionisti hebben opgericht. De loggionisti hebben veel slachtoffers gemaakt, maar ook zangers een steun in de rug gegeven. Het bekendste slachtoffer is de tenor Luciano Pavarotti. Het verhaal gaat dat hij niet meer in La Scala wil zingen sinds zijn optreden in Don Carlos van Verdi in 1992 met boe-geroep is ontvangen. Hij was ook in 1983 al een keer weggefloten.