`Werving militairen beter melden'

Vrijwel de gehele Tweede Kamer wil dat het ministerie van Defensie voortaan meer gedetailleerde gegevens verstrekt over de werving van militairen. Het departement gaf gisteren toe dat het de afgelopen jaren ,,onheldere cijfers'' aan de Kamer heeft verstrekt over de exacte wervingsgetallen van BBT'ers (Beroepsmilitairen bepaalde tijd).

Zo is er bij de instroom van nieuw personeel steeds uitgegaan van soldaten die aan de opleiding begonnen en niet van de personen die uiteindelijk aan hun parate functie zijn begonnen.

De Kamer, die in juni staatssecretaris H.van Hoof al vroeg om betere `vullingscijfers', wil voortaan beide gegevens hebben. Bovendien wil A. van Aardenne (CDA), net als haar collega N. van 't Riet (D66), dat de wervingsresultaten worden uitgesplitst naar militairen die op gevechtsfuncties worden geplaatst en soldaten die bijvoorbeeld kok of chauffeur worden. Beide partijen noemen het ,,kwalijk'' dat het ministerie niet gewoon alle gegevens heeft gemeld. ,,Het is heel raar dat wij als Kamer nooit structureel zijn geïnformeerd over het aantal BBT'ers die echt aan hun functie zijn begonnen. Maar het verbaast me niets, want uit de krijgsmacht zelf krijg ik alarmerende verhalen over de vullingsgraad. Het water staat de generaals aan de lippen'', aldus A. van Aardenne (CDA), die het ,,onaanvaardbaar'' noemt dat staatssecretaris H. van Hoof ,,maar blijft doen alsof er niets aan de hand is''.

De PvdA vraagt zich af of de Defensienota uit 1999 wel gemaakt is op basis van reëele cijfers en of de Tweede Kamer in dat geval wel genoeg mogelijkheden heeft gehad het beleid bij te sturen.

Ook N. van 't Riet (D66) zegt ,,zorgelijke signalen'' uit het leger te krijgen. Zij is voor een radicale verbetering van de werving naar Amerikaans model: ,,Bijvoorbeeld de mogelijkheid dat soldaten na hun diensttijd door kunnen stromen naar bedrijven.

T. van den Doel (VVD) wil een ,,breed debat'' over het probleem tijdens de komende behandeling van de begroting van defensie. Hij noemt ,,werving en behoud van personeel voor de krijgsmacht een fundamentele zaak''.