Benschops goede voorbeeld

ls het Koos Vorrink of Evert Vermeer had betroffen zou hun gedwongen aftreden als voorzitter van de PvdA internationaal voorpaginanieuws zijn geweest en zou Nederland dagenlang van de speculaties over de politieke gevolgen gedaverd hebben. Maar partijvoorzitters van het type Vorrink en Vermeer worden niet meer gemaakt en het politieke volksdeel dat zij aanvoerden is sinds lang uiteengevallen of afvallig geworden.

In dat licht bezien is het logisch dat premier Koks PvdA tamelijk onaangedaan is gebleven onder het vertrek van haar partijvoorzitter Marijke van Hees. Het was een gebeurtenis die Kok zo te zien noch overviel noch uit zijn doen bracht. Hij wilde wel toegeven dat het zijn partij geen goed zou doen, het was vooral `sneu voor Marijke', maar op de keper beschouwd was het niet meer dan `een bedrijfsongeluk'.

Het was een even koele als afgemeten reactie. Het was vooral een gratuite verklaring die laconiek duidelijk maakte dat het voorzitterschap van de partij tegenwoordig niet meer is dan een hulpstuk van de politieke leiding. In het verleden mogen de Vorrinks en de Vermeers — die het voorzitterschap met het Kamerlidmaatschap combineerden — meer stem in het kapittel hebben gehad, Van Hees was slechts de waterdrager voor premier Kok en fractievoorzitter Melkert, die in de afgelopen jaren een hecht, oligarchisch verbond hebben gesloten dat nagenoeg geheel aan de invloed van de partijleden is ontstegen.

Marijke van Hees had die halfwaspositie zowel aan zichzelf als aan de hypotheek van haar verkiezing te danken. Ze was actief geweest in de Rooie Vrouwen, maar ze was geen oudgediende in de partij en nog minder een zwaargewicht.

Ze was eerder een nieuwkomer die met de geringe ervaring in het politieke achterland van de lokale politiek van de ene dag op de andere een kwakkelende landelijke partij moest gaan leiden. Bovendien steunde haar verkiezing niet op een eclatante aanhang in de PvdA maar op de behoudende koers van een groep gewestelijke besturen die haar als alternatief naar voren schoof om zich de aanstormende jonge garde van het lijf te houden.

Het was evident dat die negatieve keuze haar in de politieke praktijk parten zou gaan spelen. Ze was in geen enkel opzicht partij voor Kok en Melkert. Haar machtsbasis in de PvdA was daarvoor niet sterk genoeg, haar eigen politieke gewicht niet groot genoeg en het ontbrak haar aan strategisch inzicht. De achterstand waarmee zij van start ging, kon ze nooit meer inhalen. Goed beschouwd had ze de functie niet moeten ambiëren.

De manier waarop de PvdA-voorzitter haar functie heeft beëindigd wekt nog de meeste verbazing. Met een gezonde partij-democratie heeft dat alles niet veel van doen. Van Hees streek de vlag niet na een diepgaand debat in het partijbestuur maar kondigde, nerveus geworden door een publicatie van dubieus gehalte in Vrij Nederland, haar vertrek aan in een televisie-uitzending van Nova. In plaats van het weekblad wegens smaad voor de rechter te slepen, verdedigde zij zich voor de camera's tegen de ongedocumenteerde beschuldigingen over malversaties en liet het daarbij.

Een politiek functionaris wier naam in het publiek door achterklap bezoedeld wordt heeft uiteraard recht op een publieke verdediging. Maar democratische politiek vereist in de eerste plaats een publieke verantwoording van beleid.

Van Hees had zich moeten verantwoorden voor haar mislukte missie in Den Haag en voor haar verloren strijd voor andere beleidskeuzes. Zij had moeten laten zien welke sociaal-economische prioriteiten van haar partij afwijken van die van Kok en Melkert en hoeveel meer zij had willen doen voor gezinnen die leven op de grens van de armoede. Zij had moeten zeggen: `Ik heb dit geprobeerd en dat geprobeerd, maar wat ik ook probeerde, het liep vast op de bezwaren van Kok en Melkert.'

Haar partij zou er goed aan doen die verantwoording alsnog aan haar te vragen. Het kan niet waar zijn dat de Partij van de Arbeid niet meer geïnteresseerd is in de achterliggende programmatische gronden van dit personele conflict en opgehouden is een debatpartij te zijn.

Juist nu mag ze de hoon van haar oud-partijbestuurslid Bart Tromp, die haar regelmatig heeft uitgemaakt voor een claque van Kok, niet op zich laten zitten. Wil zij niet aan extreme trouw ten onder gaan dan zal ze haar onafhankelijkheid op haar lijsttrekker Kok moeten heroveren en de top van de partij tot verantwoording moeten dwingen.

Een beter moment kan zij zich daarvoor niet wensen. Dezer dagen is de koers van het begrip verantwoording in de Europese politiek aan een lichte opmars begonnen. Staatssecretaris Dick Benschop van Buitenlandse Zaken heeft zojuist opgeroepen tot meer openheid en verantwoording van de Europese politieke organen. Gelijktijdig heeft hij steun betuigd aan de Europese commissaris voor de onderhandelingen over de uitbreiding van de Europese Unie, de Duitser Günter Verheugen, die pleit voor het invoeren van een referendum om de kiezers nauwer bij de Europese besluitvorming te betrekken.

Benschop wil een publiek debat over elk belangrijk Europees onderwerp. ,,Het is nodig dat politici verantwoording afleggen over de keuze die ze maken.'' Voor zijn actie `meer verantwoording in Europa' verdient Benschop in de eerste plaats de steun van zijn eigen PvdA.

Als die partij voor meer politieke verantwoording op Europees niveau opkomt, kan zij moeilijk de verantwoording in eigen kring laten versloffen.