Monza emotioneel keerpunt Schumacher

Het werd Michael Schumacher gisteren allemaal te veel. De Duitse Formule I-coureur had zojuist na een turbulente race voor eigen Ferrari-publiek de Grand Prix van Italië gewonnen en zijn kansen op de wereldtitel nieuw leven ingeblazen. Hij omhelsde de monteurs en zijn teambaas, zoende de lens van een tv-camera en liet zich op het erepodium overgieten met liters van de beste champagne.

Met de 41ste GP-zege uit zijn carrière had Schumacher het verschil met de Fin Mika Hakkinen (McLaren Mercedes) tot twee WK-punten teruggebracht en door die overwinning was hij op gelijke hoogte gekomen met de in 1994 verongelukte Braziliaan Ayrton Senna. De naar buiten toe doorgaans koele Schumacher schoot vol toen hem werd gevraagd wat dat voor hem betekende. Het nieuws dat een brandweerman als gevolg van een crash in de eerste ronde zojuist was overleden, had hem toen nog niet bereikt.

De 31-jarige Schumacher keek terug op ruim twee maanden zonder overwinningen waarin pech de boventoon voerde. Hij zag zijn voorsprong in de strijd om de wereldtitel als sneeuw voor de zon verdwijnen. In de laatste twee races, in Hongarije en België, moest hij zijn meerdere erkennen in Hakkinen. Die nam de leiding in de WK-stand over en Schumacher leek voor het vijfde achtereenvolgende jaar een wereldtitel bij Ferrari te kunnen vergeten. Niet eerder had hij in Italiaanse dienst zo'n riant uitzicht op de titel gehad.

In Monza zat opeens alles mee voor Schumacher. Zaterdag veroverde hij pole-position, vóór teamgenoot Rubens Barrichello, gisteren reed hij een foutloze race. Hakkinen vormde geen moment een bedreiging voor zijn rivaal en eindigde als tweede. In een cruciale fase van het seizoen was Ferrari erin geslaagd de wagens sneller te maken dan de Mercedessen van Hakkinen en diens teamgenoot David Coulthard.

Toen hij na 53 ronden de

zwartwitgeblokte vlag als winnaar passeerde, viel er een last van Schumachers schouders. Zijn zege had extra waarde omdat hij het record Grand Prix-overwinningen van Senna had geëvenaard. Aandoenlijk was het om te zien hoe op de persconferentie na de race Hakkinen zijn arm over de schouder legde van de huilende Schumacher. Aan zijn andere zijde vond de winnaar troost bij zijn broer Ralf, die als derde was geëindigd.

De jongste Schumacher hield in Monza Jos Verstappen van het podium. De Nederlander stelde met zijn verrassende vierde plaats zijn toekomst bij Arrows zeker, ook al hield de coureur de mogelijkheid open dat hij naar een ander team vertrekt. Uiterlijk vrijdag moet teambaas Tom Walkinshaw beslissen of hij in 2001 voor het tweede opeenvolgende jaar gebruik maakt van de diensten van Verstappen. Met zijn beste prestatie sinds 1994, toen hij als teamgenoot van Schumacher bij Benetton tweemaal derde werd, snoerde de Limburger zijn critici de mond. Met indrukwekkend stuurwerk gaf Verstappen zijn bijnaam Jos the Boss weer glans. Een groot deel van de race was hij achter Schumacher en Hakkinen `the best of the rest'. Na zijn enige pitstop was de vierde plaats het hoogst haalbare voor de Nederlander die vanaf de elfde plek was gestart.

Achter de twee coureurs die in de laatste drie races (VS, Japan en Maleisië) onderling zullen uitmaken wie van de twee zijn derde wereldtitel gaat veroveren, voltrokken zich tot twee keer toe crashes waarbij in totaal zeven van de tweeëntwintig coureurs werden uitgeschakeld. Al vlak na de start ging het mis. Voor de eerste bocht ging Eddie Irvine (Jaguar) in de fout en daarbij ramde hij zijn teamgenoot Johnny Herbert. De laatste reed op drie wielen naar de pits en daar eindigde voor hem de race.

Voor de tweede chicane, de Variante della Roggia, leidde Heinz-Harald Frentzen (Jordan) de zwaarste crash van het seizoen in. Vorig jaar won de Duitser in Monza, nu eindigde zijn race in de grindbak en dat gold ook voor zijn Italiaanse teamgenoot Jarno Trulli, voor de Schot David Coulthard, de Braziliaan Barrichello en Verstappens teamgenoot Pedro de la Rosa. De bolide van de Spanjaard werd door Ricardo Zonta's BAR-Honda gelanceerd. De wagen vloog met hoge snelheid door de lucht, tolde een paar keer in de rondte en kwam op zijn kop in het grind terecht. Toen het stof was neergedaald, bleken alle coureurs ongedeerd.

De race werd niet gestopt. Tot bijna een half uur na de crashes reden de vijftien overgebleven wagens met betrekkelijk lage snelheid achter de safetycar. Zo lang duurde het voordat de gecrashte wagens uit de grindbak waren verwijderd. Eenmaal op volle snelheid gaf Schumacher zijn koppositie niet meer prijs. Alleen toen hij zijn pitstop maakte, nam Hakkinen de leiding over. Totdat die ook zijn wagen stilzette, 6,6 seconden, voor nieuwe banden en benzine.

In de WK-stand gaat Hakkinen nog steeds aan de leiding, met 80 punten, twee meer dan Schumacher. Nummer drie Coulthard heeft met zijn 61 punten nog slechts een theorethische kans op de wereldtitel. Jos Verstappen scoorde mede dankzij een topsnelheid van 357,3 kilometer per uur drie WK-punten en steeg daardoor in de rangschikking van de dertiende naar de twaalfde plaats. In juni behaalde hij twee punten door in Canada als vijfde te eindigen.

In Indianapolis (VS) staat over twee weken de volgende race op het programma.