Eigenzinnige Bonfire danst in Sydney zijn laatste dans

In Barcelona en Atlanta behaalde hij zilver. Op de Olympische Spelen in Sydney, die over vier dagen beginnen, gaat Bonfire samen met Anky van Grunsven nog één keer voor goud. Portret van `ein einmaliges Pferd'.

Vier april 1982 de Duitse paardenfokker Karl Bernd Westerholt heeft zijn archief erop nageslagen. Op die dag werden zijn merrie Warine en de hengst Welt As `bij elkaar gebracht'. Na elf maanden werd een jonge hengst geboren. ,,Een veulen om verliefd op te worden'', zegt Westerholt na zeventien jaar nog euforisch. ,,Prachtige bouw en een pittig karakter.'' Het bruine veulen dartelde in de weilanden aan de oevers van de Weser. De carrière van Bonfire was begonnen. ,,Eén van de mooiste paarden die ik op stal heb gehad'', zegt Westerholt. ,,En zeker het succesvolste dressuurpaard.''

Niets was aan het toeval overgelaten. Warine was een prachtig paard, mooie bouw, sterk lichaam, goed karakter. Maar, wist Westerholt, de merrie was óók een beetje sloom en suf. Hengstenhouder George Vorwerk had, zei hij op een paardenkeuring, een oplossing: `Welt As'. Westerholt ging kijken in Vorwerks manege in de buurt van Osnabrück en was meteen onder de indruk: groot, krachtig, dominant, fel. Welt As was de mooiste Oldenburger-hengst die hij ooit had gezien. Bij een biertje in de keuken werd de stamboom bestudeerd, de prijzenkast bewonderd. De mannen gaven elkaar een hand: `Fünfhundert Mark'.

Zo'n twintig kilometer ten noorden van Bremen, in het plaatsje Lemwerder, fokt Westerholt al zijn hele leven Oldenburgers. Het paardenras dankt zijn naam aan de Duitse graaf Anton Günther von Oldenburg (1603-1667) die strenge eisen stelde aan de raszuiverheid van het koetspaard. Het paard werd `overbodig' door de introductie van de auto. De fok werd aangepast: er kwam een paard dat geschikt was voor de ploeg. Mechanisatie van de landbouw maakte het ras voor de tweede keer overbodig en opnieuw werd bijgestuurd, nu door het fokken met Engelse volbloedhengsten toe te staan. Zo ontstond een gespierd rijpaard met goede springcapaciteiten dat zeer geschikt is voor de military (een wedstrijd die bestaat uit dressuur, uithoudingsritten en springconcours) en het springen.

Ook met Bonfire wilde Westerholt op het hoogste niveau gaan fokken, maar in het najaar 1984 werd het paard afgekeurd als dekhengst. Het paard had geen goede stap, een euvel waar moeder Warine ook al aan leed. En nog steeds is de beweging waarbij de vier benen afwisselend en afzonderlijk worden opgetild en weer neergezet, de zwakste kant van Bonfire.

Westerholt verkocht het paard aan de Duitse handelaar Dirk Haezen die het in de zomer van 1985 voor 24.500 gulden doorverkocht aan de Brabantse aannemer Wim van Grunsven. De paardenliefhebber uit Erp zocht een nieuw paard voor zijn zeventienjarige dochter Anky.

Toevallig viel zijn oog op de tweeënhalf jaar oude hengst. Het paard was nog niet `zadelmak', maar na een paar demonstraties in de manege was hij verkocht. De draf en galop waren subliem. ,,Het paard had een prachtige cadans'', zegt Van Grunsven. ,,En ik let altijd op de ogen, die waren lekker fel.'' ,,Ik viel voor zijn uiterlijk'', weet dochter Anky nog. ,,De uitdrukking van zijn hoofd en zijn manier van bewegen.'' Ze noemde het paard Bonfire. ,,Vreugdevuur, dat past wel bij hem.''

De naam werd al snel `Olympic Bonfire', omdat de Nederlandse Hippische Sportbond internationale successen verwachtte en het paard ging sponsoren. Met sponsoring probeert de bond te voorkomen dat paarden die trainen voor de Olympische Spelen op het laatste moment naar het buitenland worden verkocht; het contract staat verkoop niet toe op straffe van een fikse geldboete. In de aanloop naar de Olympische Spelen in Atlanta veranderde de naam in `Cameleon Bonfire', gevolg van een sponsorcontract met een snoepfabrikant die Cameleon (autodrop en kindersnoep) in het assortiment heeft.

Na de zilveren medaille nam het Amsterdamse effectenkantoor Gestion de sponsoring vier jaar geleden over, zodat de inmiddels zeventienjarige ruin nu `Gestion Bonfire' heet. Het paard wordt nog door elf andere bedrijven gesponsord, waaronder de Rabobank, Ernst & Young, Volkswagen, en Anky Technical Casuals: de eigen kledinglijn inclusief bijbehorende zadels, tuig en paardendekens - die Anky van Grunsven introduceerde. De sponsorgelden zouden, zo weten betrokken, genoeg zijn om de jaarlijkse kosten van zo'n half miljoen gulden te dekken. Het prijzengeld bij wedstrijden kan oplopen tot 50.000 gulden. Financiële klappers worden gemaakt bij de wereldbekerwedstrijden; toen Volvo die nog sponsorde, won het duo Van Grunsven/Bonfire drie keer zo'n auto.

Wim van Grunsven liet de hengst castreren toen hij drieënhalf jaar was. ,,Ik haat hengsten'', zegt hij. ,,Snel afgeleid, macho, veel bombarie, maar als er gewerkt moet worden geven ze vaak niet thuis.'' Een ruin, een gecastreerde hengst, is volgens hem evenwichtiger, minder snel afgeleid, waardoor je er beter mee kunt werken. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat hengsten in de wedstrijden hogere pieken hebben en dat ruinen constanter presteren.

Bij een castratie worden de testikels verwijderd, waardoor de produktie van het hormoon testosteron stopt. Ruinen zijn daardoor minder zwaar bespierd dan hengsten en hebben langere benen. Bonfire is relatief laat gecastreerd waardoor hij nog veel spiermassa heeft ontwikkeld. Bovendien heeft Bonfire extreem soepele pezen en spieren, zegt zijn lijfarts Hans van Schie. De Wassenaarse veearts, specialist op het terrein van paarden-orthopedie, onderwerpt Bonfire sinds zeven jaar bijna elke week aan een keuring en constateert dat de onderbenen steeds verder kunnen worden gebogen. ,,Dat is voor een paard, zeker van deze leeftijd, uniek.''

Uniek vond Anky van Grunsven haar aankoop al tijdens de eerste trainingen in de zomer van 1985. `Dit is een toppaard' dacht ze na de eerste dag; vierentwintig uur later was het `de miskoop van de eeuw'. Nukkig en angstig, geen land mee te bezeilen. ,,Hij had extreme hoogte-, maar ook extreme dieptepunten.''

Na vier jaar training deed de combinatie in 1989 mee aan de eerste wedstrijd: Jumping Amsterdam. Laatste plaats, maar Wim van Grunsven, zat te glunderen op de tribune. ,,Anky had de grootste moeite om het paard in bedwang te houden. Ze trok de teugel strak en Bonfire deed prachtige piaffes (de pas op de plaats, red.).'' In de auto van Amsterdam naar Erp dachten vader en dochter `dit paard wordt een knaller'.

Na vier nationale kampioenschappen kwam met het wereldkampioenschap in 1994 in Den Haag de grote doorbraak. Toen Bonfire klaar was met de proef moest hij onder de tribune door die gebouwd was tussen de wedstrijdring en de ruimte waar de stallen waren. Daar werd gekeerd en moest het paar weer de ring in, maar omdat de mensen zo hard klapten, durfde Bonfire niet meer naar binnen voor de prijsuitreiking. Pas na een oproep om te stoppen met klappen en juichen, kwam het paard naar binnen.

Bonfire was een extreem angstig paard. Bonfire was al bang als er een muis nieste, is een vaak aangehaalde uitspraak van vader Wim. ,,Soms voelde je het hart door het zadel heen kloppen, zo ging het te keer.'' Het was een vertrouwd beeld dat hij en de latere trainer (en partner van Anky) Sjef Janssen voor Bonfire uit naar de wedstrijdring liepen. Het hoofd van het paard verschool zich achter de ruggen van de mannen. Geleidelijk aan kreeg het paard meer zelfvertrouwen. Als een psychiater heeft Anky, met praten, Bonfire's angst overwonnen; hij reageert heel sterk op haar stem. ,,Ik praat veel met Bonfire. Als ik 's morgens de stal in kom zeg ik `goedemorgen'. Ik weet dat ik geen antwoord krijg, maar het schept een band en het maakt Bonnie rustig.''

Volgens de amazone is haar paard eigenzinnig, werklustig, heet, eenkennig en intelligent (,,Gemeten naar paardenmaatstaven. Met sommige paarden moet je oefeningen eindeloos herhalen, bij Bonfire is het in één keer raak.''). Hij is sensibel en `eist' een monogame houding. ,,Als ik de stal binnenkom, trappelt hij aan de deur, de andere paarden hinniken. Bonfire wil als eerste mijn aandacht, en het eerste suikerklontje.''

Met zoetigheid wint ze dagelijks zijn liefde. Zij werd samen met Bonfire volwassen. Zij was zeventien, hij tweeënhalf (gemiddeld wordt een Oldenburger twintig jaar oud). ,,De intense band die ik met Bonfire heb, zal ik nooit met een ander paard krijgen. Het is niet uit te leggen. Het is alsof je vraagt wat leven voor mij betekent. Het gaat niet eens om goud. Het is een voorrecht dat ik elke dag met zo'n paard mag werken. Het moeilijkst van paarden is dat je ze overleeft. Als ik daar aan denk, schiet ik vol.''

Bonfire is al tien jaar het beste dressuurpaard in Nederland. ,,De Nederlandse dressuur is groot geworden dankzij Anky en dankzij Bonfire'', schreef het paardenweekblad De Hoefslag onlangs. ,,Zij zijn de ambassadeurs en hebben Nederland als dressuurnatie op de kaart gezet.'' Sydney wordt de laatste wedstrijd van Bonfire (dagelijks zijn op internet de voorbereidingen te volgen www.anky.nl). Anky: ,,Ik heb bewust voor de Olympische Spelen gekozen omdat hij daar de enige prijs kan halen die nog ontbreekt. Ik heb het gevoel dat Bonfire een eenmalig paard is; die verdient Olympisch goud.'' De Nederlandse bondscoach, Jürgen Koschel, is optimistisch. ,,Er bestaat geen paard dat beschikt over zo'n grote wedstrijdmentaliteit als Bonfire. De combinatie met Anky is uniek; hij gaat voor haar door het vuur. Ein einmaliges Pferd'', zei hij vorig jaar na het behalen van het Europese kampioenschap.

Op 27 september worden de dressuurwedstrijden gehouden in Horsley Park, even buiten Sydney, met als apotheose de kür op muziek; het onderdeel dat Bonfire de bijnaam `danspaard' opleverde. Maar het is niet zo dat het paard, net als een danser, uit zichzelf reageert op muziek. De muziek wordt zorgvuldig aan de bewegingen van het paard aangepast, legt Cees Slings uit. Samen met Victor Kerkhof componeert hij de muziek waar het duo Van Grunsven/Bonfire op `danst'. Anky maakt samen met trainer Sjef Janssen de choreografie, die wordt op video opgenomen, en vervolgens componeren Slings en Kerkhof de muziek. Hun `Bonfire's Symphony' is een wereldwijde nummer één-hit in de maneges, en voor Sydney scheef het duo het stuk `Something old, something new'. ,,Goed voor goud'', zegt Slings.

Maar dressuur blijft een jury-sport: paard, amazone, kür - alles kan de doorslag geven. Mooi is Gestion Bonfire niet, daar zijn de kenners het over eens. `De meeste mensen', schrijft ruiter Tineke Bartels, die vier keer deelnam aan de Olympische Spelen, in haar pas gepubliceerde boek Dressuur, `zouden Gestion Bonfire nooit gekocht hebben als jong paard.' `En hij is op stal nog steeds geen schoonheid.'

Anky is er niet van onder de indruk. ,,Het gaat er niet om of een paard in zijn box mooi is. Een dressuurpaard moet zich in de ring presenteren; en dat doet hij goed.'' Om er op fluistertoon aan toe te voegen: ,,Ik vind Bonnie best mooi, anders had ik hem nooit gekocht.''

En na de laatste wedstrijd? ,,Dan gaat Bonfire de wei in. Hij heeft tien jaar topsport gedaan; ik wil de druk er voor hem afhalen.'' Bonfire gaat een afscheidstournee lopen en af en toe zal hij meegaan naar openbare lessen, de zogenoemde clinics.'' Verkopen? Handelaren noemen prijzen van tussen de één en drie miljoen gulden. Wim van Grunsven kreeg ooit een keer de gelegenheid om Prisco, een ander paard van Anky, te verkopen. Toen hij het aan haar voorlegde, werd ze woedend: ,,Ge verkoopt Wilco en Erik (haar broers, red.) toch ook niet?''