Parlement Hongkong staat voor omwenteling

Een ongekozen regering bestuurt Hongkong samen met een vleugellam parlement. Daarin lijkt met de parlementsverkiezingen van morgen verandering te komen.

Het cliché wil dat de bevolking van Hongkong weinig interesse heeft voor de politiek. Zolang de economie maar draait, dan zult u van hen niets horen. Maar afgaande op het verkoopsucces van `Tung, de oude gek', een boekje vol spotprenten waarin de hoogste leider van Hongkong de hoofdrol speelt, valt het wel mee met die politieke onbetrokkenheid.

De populariteit van het boekje is een kleine indicatie voor de groeiende ontevredenheid die in Hongkong bestaat over het beleid van Tung Chee-hwa, de door Peking aangewezen chief executive van Hongkong, en zijn ongekozen kabinet. De man in de straat mag dan de indruk wekken dat hij niet om de Hongkongse politiek geeft, maar hij heeft wel degelijk een mening.

Het is een conclusie waar steeds meer beleidsmakers in Hongkong zich van bewust worden omdat zij er langzamerhand achter komen dat besturen zonder een democratische achterban wel geriefelijk is, maar op de lange duur in hun nadeel kan werken. De Hongkongse parlementsverkiezingen van morgen, die door menig commentator zijn afgedaan als grotendeels ondemocratisch en derhalve irrelevant, is in die zin veel meer een voorproefje van wat Hongkong te wachten staat.

Het zijn vooralsnog de individuele gevallen die de suggestie wekken dat de ontwikkeling van de democratie in Hongkong hoopgevend is. Zo is bijvoorbeeld de beslissing van een voormalige minister van Binnenlandse Zaken om zich verkiesbaar te stellen voor het parlement, van grote betekenis. De overstap van David Lan Hong-tsung is, mits hij gekozen wordt, er een uit de geïsoleerde en elitaire wereld van het kabinet naar een wereld waar hij de steun van het volk geniet. Politici in Hongkong, met name indirect gekozen parlementariërs en ongekozen leden van het kabinet, realiseren zich met de verkiezingen in het vooruitzicht dat hun positie niet voor eeuwig onaantastbaar blijft.

Volgens de Basiswet, de grondwet die voorafgaand aan de terugkeer van Hongkong uit Britse handen is vastgelegd, mag morgen het aantal direct gekozen zetels in het zestig-koppige parlement worden uitgebreid tot 24. Nu zijn dat er nog twintig. Over vier jaar zal de helft van het parlement direct gekozen worden. In 2008 staat het Hongkong vrij om, indien daar de wens toe bestaat, het parlement volledig rechtstreeks te kiezen. Maar voorlopig hebben slechts 175.000 mensen het recht om de helft van het parlement (dertig zetels) te kiezen. Die dertig parlementariers heten de verschillende beroepssectoren van `de maatschappij' te vertegenwoordigen. Voorts beslist een achthonderd leden tellend kiescollege over de bezetting van zes andere zetels. Waarna 3 miljoen kiesgerechtigden de 24 direct gekozen parlementariers kunnen kiezen. Maar velen vinden dit kiesstelsel zo oneerlijk dat zij weigeren te stemmen. Tijdens de verkiezingen twee jaar geleden voelde slechts de helft van die kiezers zich genoodzaakt een stem uit te brengen.

Een aantal indirect gekozen parlementariërs voelt zich inmiddels zo ongemakkelijk over de ongelijke verhoudingen binnen een parlement dat weinig rechten heeft (wetsvoorstellen mogen alleen gedaan worden met goedkeuring van de chief executive) en niet veel meer kan doen dan mondelinge kritiek leveren op de regering, dat zij resoluut van taktiek zijn veranderd. Indirect gekozen parlementsleden van de Liberal Party, een zaken-partij die traditioneel trouw is aan Tung en weinig kritiek levert, gingen deze zomer voor het eerst de straat op om te protesteren tegen het onvermogen van de regering om de dalende onroerendgoedprijzen tegen te gaan. Anderen, zoals Ronald Arculli, het indirect gekozen parlementslid voor de onroerendgoed- en bouwsector, hebben zich uit protest terug getrokken uit het parlement.

Aan de andere kant van het politieke spectrum, onder de democratische partijen die het merendeel van de direct gekozen zetels bezetten, is ook een kleine revolutie gaande. Zo heeft de Democratische Partij van Martin Lee Chu-ming na een moeizaam jaar van frictie en schandalen, de conclusie getrokken dat politieke winst niet meer zo makkelijk is te behalen als in het verleden. Na de overdracht in 1997 kregen de democraten van Lee, met hun reactieve anti-China programma nog met gemak het merendeel van de direct gekozen zetels. Maar met het uitblijven van bemoeienissen uit Peking, waartoe China volgens het `een land, twee systemen'-beginsel toe verplicht is, is de stem van de Democratische Partij minder relevant geworden. De politieke thema's zijn veranderd en de democraten zien inmiddels in dat ook zij met een partijprogramma moeten komen dat meer aansluit bij de wensen en zorgen van de bevolking.