BOTSING DEED PLANETOÏDE EVEN OP KOMEET LIJKEN

Vier jaar geleden ontdekte de Belgische astronoom Eric Elst een uniek hemellichaam op opnamen die de Chileense astronoom Guido Pizarro op de Europese sterrenwacht op La Silla (in Chili) had gemaakt. Het object bleek identiek te zijn aan een in 1979 ontdekte planetoïde, maar vertoonde nu een `staartje' dat aan een komeet deed denken. Dit staartje was vier maanden later echter weer verdwenen, waarna het object opnieuw niet van een planetoïde was te onderscheiden. Ging het hier nu om een bijna uitgedoofde komeet die nog één keer was opgeleefd, of om een planetoïde waarmee iets vreemd was gebeurd? Nieuw onderzoek lijkt op het laatste te wijzen.

Een planetoïde bestaat uit gesteenten en soms ook ijzer, terwijl een komeetkern overwegend uit een los conglomeraat van stof, gruis en ijs bestaat. Die kern verliest door verdamping na iedere omloop om de zon een hoeveelheid materie, waardoor de voorraad vluchtige bestanddelen gestaag afneemt. Ook de activiteit van de kern neemt hierdoor af en na verloop van tijd zal er een uitgedoofde kern overblijven die zich ook in een telescoop niet meer van een planetoïde onderscheidt. Dit impliceert dus dat een klein lichtpunt zonder staart niet altijd een planetoïde hoeft te zijn: het kan ook een ex-komeet zijn.

Omgekeerd hoeft een staart echter niet altijd op een komeet te wijzen. Zo vertoonde het vier jaar geleden door Elst en Pizarro ontdekte object geen tekenen van het bij kometen gebruikelijke vrijkomen van gassen: de staart bestond alleen uit stof. Verder bleek de baan van het object kenmerkend te zijn voor die van een groep planetoïden die de Themis-familie wordt genoemd. Dat leidde tot de theorie dat het misschien om een planetoïde ging waarvan het oppervlak door een botsing was omgewoeld. De Hongaarse astronoom Imre Toth heeft nu het object opgespoord dat hiervoor het meest in aanmerking komt (Astronomy & Astrophysics 360. p. 375).

Toth heeft het databestand van planetoïden doorgevlooid om te achterhalen welke objecten in 1996 het dichtst bij Elst-Pizarro kwamen. Als beste kandidaat kwam de 33 kilometer grote planetoïde Galene uit de bus. Die is niet zelf tegen Elst-Pizarro gebotst, omdat de banen elkaar net niet kruisen, maar het is denkbaar dat brokstukken die in of rond de baan van Galena meebewegen op Elst-Pizarro zijn gebotst. Door die botsing zou stof van het oppervlak zijn opgeworpen en in de ruimte ontsnapt, om zo een tijdelijke stofstaart te vormen. De ontsnappingssnelheid op Elst-Pizarro bedraagt immers slechts enkele meters per seconde.