Bloot in box 3

Sommige ouders met bezittingen willen bij het klimmen der jaren iets doen voor hun kinderen, om zo vermogensbelasting, successierecht (erfenisbelasting) of schenkingsrecht te besparen. Of om, in het zicht van de bijstand, interen op hun vermogen te voorkomen. Tot 1 januari 1997 speelde de vermogenstoets van de Wet op de Bejaardenoorden ook een rol. Die toets is vervallen, want alleen het eigen inkomen telt mee voor de eigen bijdrage van een verzorgingshuis.

Er zijn vele manieren om geld en bezit over te hevelen naar het nageslacht. Onder meer: schenken in contanten, schenken op papier, of het ouderlijk huis op naam van de kinderen te zetten, in feite aan ze te verkopen. Bijna altijd zit er een financiële bijbedoeling achter. Deze vormen van ouderliefde gaan dus via de portemonnee.

Enkele lezers uit Zeeland zetten in het verleden hun huis en/of landerijen op naam van de kinderen. Maar de nieuwe belastingwet (IB2001) gooit roet in het eten, menen zij.

Hun boosheid is enigszins misplaatst, omdat ze alleen kijken naar de nadelen van IB2001 en de voordelen negeren. Zo vervallen de vermogensbelasting (vb), en de inkomstenbelasting (ib) op dividenden, renten en huren, maar dat nemen gepikeerde lezers zelden mee in hun afweging. Ze doen alsof de nieuwe 3-vermogensrendementsbelasting (vrb) van 1,2 procent bovenop de oude vb en ib komt. Daarbij komt nog dat betrokkenen vinden dat de overheid nooit meer op een voordelige regeling mag beknibbelen. Vergeet dat maar. Zo praat je jezelf een fiscale fobie aan.

Bij een overdracht worden de kinderen eigenaar van het huis (of ander bezit), meestal tegen betaling van een koopsom. Zij zijn dan blote eigenaren. In de notariële akte van levering maken ouders en kinderen afspraken over het ouderlijk woonrecht, het vruchtgebruik. Bijvoorbeeld: levenslang erin wonen, zonder huur te betalen. De kinderen profiteren na de overdracht van de eventueel stijgende waarde van de woning. Er kleven tegenwoordig meer nadelen aan deze opzet dan voorheen. Dit is overigens het vakgebied van de notaris, voor lezers met hart voor hun kinderen. Wie betaalt, na de overdracht, welke belasting bij vruchtgebruik (zonder huur) en bloot eigendom?

De ouders betalen inkomstenbelasting over het huurwaardeforfait, en de rente, dividend, huur en pacht op andere bezittingen. Plus vermogensbelasting over 80 procent van de huiswaarde in bewoonde staat; 60 procent. Dus 48 procent van de WOZ-waarde. De kinderen betalen geen vermogensbelasting, zolang de ouders het woonrecht hebben. Betalen de ouders wél huur, dan geldt een andere verdeling. Hoe beïnvloedt IB2001 de volgende Zeeuwse constructie?

Twee ouders van bijna 80 jaar zetten jaren geleden het blote eigendom van hun huis (huidige waarde 500 duizend gulden) en land (ook 500 duizend) op naam van hun twee kinderen. Zij betalen geen huishuur en ontvangen per jaar 10 duizend gulden voor het aan derden verhuurde land.

`Mijn broer en ik', schrijft een van de kinderen, `moeten straks als eigenaren (volgens Vermeend, de kwade pier in veel reacties) in box 3 die 1,2 procent vrb betalen over een vermogen van een miljoen. Dus 12 duizend gulden per jaar, terwijl de landhuur naar onze ouders gaat. We hebben jonge kinderen en kunnen dat niet betalen. Moeten we dan een hypotheek nemen? Bloot is de pineut.'

Hoe reëel is deze veronderstelling, althans in grote lijnen omdat de details ontbreken? Bekijk de familie eens als geheel. Valt de ouderlijke woning in box 1 (eigen woning) of box 3 (beleggingsobject)? Een recht van vruchtgebruik, bewoning of gebruik plaatst een huis alleen in box 1 als de belastingplichtige dat via erfrecht verkrijgt. De langstlevende partner van een (echt)paar in een koophuis, ziet zijn huis na overlijden dus niet plotseling verhuizen van box 1 naar box 3. De Zeeuwse overdracht ging niet via een testament. Daarom valt dit blote eigendom in box 3, net als het land.

Na 1 januari 2001 betalen de ouders geen vermogensbelasting meer over huis en land, wat naar schatting 4.000 gulden bespaart. De 10 duizend gulden landhuur is dan vrij van inkomstenbelasting, wat op een tarief van zeg 36 procent 3.600 gulden bespaart. De inkomstenbelasting over het huurwaardeforfait vervalt.

Bij de kinderen wordt geen miljoen gulden belast. Gaat het om twee echtparen met ieder twee kinderen, dan bedraagt de totale vrb-vrijstelling 4 maal 37.463 gulden, plus 20 duizend, is circa 170 duizend gulden. Dat verlaagt de vrb tot bijna 10 duizend gulden. Ruwweg gelijk aan de ouderlijke besparing. `Volgens mij klopt er iets niet in de nieuwe wet', stelt een betrokkene. Daar zit wel wat in.

Hoe financier je de vrb? De ouders schenken hun jaarlijkse besparingen aan de kinderen, bijvoorbeeld.