Het eiland van de verbeelding

Joke van Leeuwen krijgt voor haar oeuvre de belangrijkste kinderboekenprijs van Nederland: de Theo Thijssenprijs. Joke van Leeuwen schrijft en tekent, ze denkt in tekeningen en tekst tegelijk. Daarom gaf ze in beeld antwoord op de vragen die Judith Eiselin haar stelde.

1. Hoe ziet het eiland van je verbeelding eruit?

2. Heb je, zoals Annie Schmidt, het gevoel dat je altijd een bepaalde leeftijd hebt behouden?

3. Wat zijn je lievelingsboeken?

4. Welke kunstenaars inspireren je?

5. Hoe ontstaan je verhalen?

6. Hoe heet je nieuwe dichtbundel die dit najaar uitkomt?

7. Krijg je weleens reacties van lezers? Kun je daar een voorbeeld van geven?

6

VIER MANIEREN OM OP IEMAND TE WACHTEN

1. Zittend. Denkend aan liggen. Je handen strijken rimpels in het tafellaken weg rond een gerecht dat moeilijk en te veel voor twee en niet als op het plaatje is,

maar ruikt, het ruikt de ramen uit, het doet zijn best niet in te zakken, zoals een ingehouden buik niet bol te zijn-ook andersom is vergelijken.

2. Lopend. Bijvoorbeeld naar de ramen

en terug en toch weer naar de ramen,

omdat geluid zich buigt naar wat je

horen wilt, maar het niet is. Er danst

een stoet voorbij, verklede mensen die

iets onverstaanbaars juichen, van elkaar

goed weten hoe ze heten en te kijken

dansen dat je kijken moet.

3. Staand. Bij een ingang, uitgang waar je zei

dat, maar er zijn er drie, je weet niet meer

of die of deze. Van blijven staan komt

niemand tegen, maar met bewegen

wordt haast bereikt wat net verdween

Zeker nog niet gezegd wie blijft en wie

beweegt en wie dan wie wanneer

en van hoe ver weer ziet.

4. Niet.

5

Een inval kan zomaar komen,

zo'n inval, zo'n bruikbaar begin,

als blaadjes die vallen uit bomen,

maar dan niet eruit maar erin,

want uitval is meer iets voor haren

en invallen vallen dus in.

Zo'n inval, die moet je bewaren,

zo'n inval heeft anders geen zin.

Dan moeten er blaadjes ja komen

en altijd een pen die het doet.

Geen blaadjes die vallen uit bomen,

het gaat op die blaadjes niet goed.

En als je dan leesbaar kunt schrijven,

liefst niet met je mond of je voet,

dan weet je: mijn inval zal blijven,

ik schrijf wat ik denk dat ik moet.