Verheugen: `Iedereen begrijpt me verkeerd'

Eurocommissaris Verheugen moest zich gisteren in het Europees Parlement verantwoorden voor zijn uitlatingen over een Duits referendum over uitbreiding van de EU.

Ondanks zijn informele trui maakte Romano Prodi, de voorzitter van de Europese Commissie, afgelopen zondag een gespannen indruk. Zijn handen waren klam. Hij vertelde ,,verrast'' te zijn door een interview van de Duitse Eurocommissaris Günter Verheugen dat grote opschudding had veroorzaakt. Hij had de avond tevoren met de Eurocommissaris gebeld, maar onvoldoende duidelijkheid gekregen om de vele vragen te kunnen beantwoorden die Verheugen uitlatingen opriepen.

Gistermiddag stond Prodi met pak en stropdas in het Europees Parlement in Straatsburg om te demonstreren dat hij de situatie in de hand had, ondanks de verrassing die Verheugen hem had bezorgd. Verheugen, bij de Europese Commissie verantwoordelijk voor de uitbreiding van de Europese Unie, had afgelopen zaterdag in een interview de indruk gewekt alsof hij een extra belemmering wilde opwerpen bij de onderhandelingen met Oost-Europese kandidaat-lidstaten. Hij had gezegd dat in Duitsland een referendum gehouden moet worden over de uitbreiding van de EU.

,,De loyale inzet van alle commissarissen om het beleid van het college uit te voeren is een kenmerk van mijn voorzitterschap. En, zoals deze vergadering weet, ontbreekt het mij niet aan middelen om mij als dat nodig is ervan te verzekeren dat dit wordt gerespecteerd'', zei Prodi. In eenvoudiger woorden: Eurocommissarissen kunnen niet op hun eentje hun beleid bepalen en ik kan ze desnoods hun portefeuille ontnemen.

Verheugen zat naast Prodi. Hij hoorde aan hoe Prodi zei dat voor de uitbreiding van de EU de steun van de bevolking in de lidstaten en in de kandidaat-lidstaten nodig is, maar dat het een zaak van die landen zelf is om te beslissen hoe ze die verkrijgen. De procedures voor ratificatie van de verdragen over toetreding van nieuwe lidstaten tot de EU door de nationale parlementen zijn ,,zaken van nationale, constitutionele orde'', zei de voorzitter van de Europese Commissie. ,,Het is zeker niet de bedoeling van de Commissie, noch van de heer Verheugen, om in dit debat tussenbeide te komen.''

Daarna nam Eurocommissaris Verheugen, socialist, het woord. Hij zei dat iedereen zijn woorden verkeerd begrepen had. Hij had geen Duits referendum over de EU-uitbreiding gevraagd. De Duitse christen-democratische Europarlementariër Pöttering, die er duidelijk niet op uit was om het aangeschoten wild definitief om te brengen, zei vervolgens dat de eerlijkheid gebood dat uit de interviewtekst geen andere conclusie getrokken kon worden dan dat Verheugen wel een Duits referendum had voorgesteld. Verheugen had in het gesprek met een Duitse krant in verband met de EU-uitbreiding gezegd: ,,Mijn these is ook dat men speciaal in Duitsland de fout niet mag herhalen die bij de euro gemaakt werd. Die werd eigenlijk achter de rug van de bevolking om ingevoerd. Ik was toen voor een referendum. Dat zou de elites gedwongen hebben om uit hun ivoren torens te komen en in het dialoog met de mensen steun voor de euro te verwerven.''

Verheugen ging er verder niet op in en zei in het Europees Parlement dat zijn uitspraken ,,op persoonlijke basis en in een zuiver Duitse context'' waren gedaan. Daarmee overtuigde hij zelfs Klaus Hänsch, de Duitse socialistische woordvoerder, niet. In de socialistische fractie hadden Verheugens woorden tot ,,verbazing, ergernis en irritatie'' geleid. De opmerkingen van een Eurocommissaris zijn niet voor intern Duits gebruik, zei hij, en hebben daardoor de indruk gewekt dat het uitbreidingsproces van de EU wordt vertraagd. Maar zand erover en kijken hoe het nu verder moet, redeneerden de Europarlementariërs.

Vervolgens bleken de Eurocommissaris en de Europarlementariërs het er allemaal over eens te zijn dat alles moet gebeuren om de bevolking beter te informeren over het politieke en economische belang van de uitbreiding.

De burgers meer bij de EU-uitbreiding betrekken is uitstekend, waarschuwde de Finse Groene Europarlementariër Heidi Hautala echter, maar we kunnen niet acht jaar nadat de kandidaat-landen zijn uitgenodigd om lid van de EU te worden, deze zaak als nog per referendum aan de hele bevolking voorleggen. ,,Dit proces is al lang aan de gang en onomkeerbaar'', concludeerde ze. Maar dat kon de stemming niet meer bederven, al moest de Eurocommissaris wel de opmerking in zijn kranteninterview terugnemen dat Europarlementariërs het alleen maar met elkaar eens zijn als het gaat om oppositie voeren tegen de Europese Commissie. ,,Ik trek deze opmerking terug. Ik heb mij klaarblijkelijk vergist'', zei Verheugen.