Huwelijk homo's ontmoet onbegrip

Nieuwe wetgeving in Nederland die het huwelijk voor de burgerlijke stand openstelt voor homo's en lesbiennes en hun daarbij de mogelijkheid biedt kinderen te adopteren, oogst maar weinig enthousiasme in het buitenland. Dat is staatssecretaris Cohen (Justitie) de afgelopen tijd gebleken toen hij met buitenlandse collega's probeerde overeenstemming te bereiken op het punt van partnerregistratie.

Dat zei Cohen gisteren in de Tweede Kamer tijdens het debat over wetswijzigingen die homohuwelijk en adoptie voor personen van gelijk geslacht mogelijk maken. Volgens het Kamerlid Dittrich (D66) vindt het homohuwelijk zelf juist wel navolging in andere landen. Zo zouden volgens hem België en Duitsland op het punt staan het Nederlandse voorbeeld te volgen, zou Zweden bezig zijn met nieuwe regelgeving op dit punt en is ook in Oostenrijk een `drukke discussie' gaande over het onderwerp.

Cohen zei gisteren te hebben geprobeerd in internationaal verband overleg over partnerregistratie op gang te krijgen, maar dat was tevergeefs.

De staatssecretaris denkt dan ook niet dat de regelgeving voor adoptie door homo's in het buitenland zal worden geaccepteerd. Homoseksuele mannen en vrouwen die hier trouwen, moeten daar rekening mee houden, want het kan bij reizen naar of vestiging in het buitenland een probleem opleveren.

Cohen kon de Kamer gisteren overigens niet gedetailleerd duidelijk maken wat voor problemen er dan precies op de loer liggen. ,,Van tevoren is niet alles te voorzien'', aldus Cohen.

Het Kamerlid Ross-van Dorp (CDA) vindt de wetswijzigingen onverantwoord. Cohen daarentegen voelt er niets voor om de wetsvoorstellen in te trekken, omdat niet duidelijk is wat de gevolgen precies zijn.

Cohen zegde gisteren toe een voorziening te zullen treffen voor ambtenaren van de burgerlijke stand die in gewetensnood komen als zij personen van een gelijk geslacht moeten trouwen. Met name de woordvoerders van de christelijke fracties in de Tweede Kamer hadden daar om gevraagd. Volgens de wet dient elke gemeente over ten minste twee ambtenaren te beschikken die een huwelijk kunnen voltrekken.

Mochten in een gemeente deze beide ambtenaren zich beroepen op gewetensproblemen, dan moet er de mogelijkheid zijn een ambtenaar van een andere gemeente `te lenen', zo zegt Cohen.