Regelrechte crisis overvalt PvdA

Gemor was er al aan de basis van de PvdA over het optreden van het partijbestuur onder leiding van Marijke van Hees. Maar uiteindelijk sneuvelde de voorzitter door toedoen van de partijtop.

Met premier Kok gaat het uitstekend. Zijn tweede kabinet regeert met verbluffende souplesse. Het regeerakkoord is vrijwel uitgevoerd, de miljarden voor `nieuw beleid' blijven binnenstromen. Maar hoe vergaat het partijleider Kok? Slecht. De twee pijlers waarop zijn PvdA-achterban rust, de Tweede-Kamerfractie en de partij-organisatie, floreren geen van beide. In de top van de partij is dezer dagen zelfs een regelrechte crisis uitgebroken.

Gemor was er al in het bijna veertig leden tellende partijbestuur. Twee weken geleden kwam het gewestelijke partijkader in Utrecht bijeen uit onvrede over het functioneren van het dagelijks bestuur dat vijf leden telt. Onder leiding van partijvoorzitter Marijke van Hees, aangetreden in februari vorig jaar, zou veel `overhoop' zijn gehaald: partijnetwerken (Kenniscentra), commissies, werkgroepen, debatten, publicaties. Maar een lijn zou ontbreken, tastbaar resultaat liet te lang op zich wachten, de rol van veel plaatselijke afdelingen bleef onduidelijk, het dagelijks bestuur bedisselde te veel onderling en het was te weinig in gesprek met het regionale en lokale kader.

Het gewestelijke ongerief richtte zich nog niet op partijvoorzitter Van Hees persoonlijk. Dit particuliere drama heeft zich de afgelopen twee à drie maanden afgespeeld in de zeer kleine kring waaruit de partijtop bestaat. Spanningen tussen partijvoorzitter Van Hees en vice-voorzitter Mariëtte Hamer, tevens Tweede-Kamerlid, zouden mede hebben bijgedragen aan een situatie die langzaamaan onwerkbaar werd. Van Hees raakte daarbij uiteindelijk ook het vertrouwen kwijt van Pvda-fractieleider Melkert en van premier Kok.

Een partijvoorzitter opereert per definitie in het spanningsveld tussen Haagse partijtop en partij-organisatie. Het stelt hoge eisen aan de communicatieve vaardigheden en het samenbundelend vermogen van de voorzitter: eigenschappen waarin Marijke van Hees, organisatiedeskundige uit Enschede, niet zou hebben uitgeblonken.

Van Hees heeft in de anderhalf jaar van haar voorzitterschap enkele uitspraken op haar naam gesteld die bij Kok en Melkert grote irritatie hebben gewekt. In februari bepleitte zij een `kopgroep' van kandidaten voor de opvolging van Kok als politiek leider, waarmee zij de kansen voor fractieleider Melkert om deze positie ooit te verwerven niet direct groter maakte. Eerder riep zij, naar het oordeel van de PvdA-top iets te vrijmoedig, dat een publiek debat over de hypotheekrente-aftrek mogelijk moest zijn.

Ook dat is tekenend voor de positie van een partijvoorzitter die het niet snel goed kan doen. Wie zwijgt, krijgt het verwijt een grijze muis te zijn. Wie discussie uitlokt, verstoort `de partijlijn'.

Ingebouwde spanningen kunnen uit de hand lopen als persoonlijk vertrouwen wegvalt. Groepstherapie, in de vorm van onderzoek door organisatie-adviseur Hans Andersson, heeft die onderlinge vertrouwensbasis niet kunnen herstellen. Afgelopen maandagavond presenteerde Andersson in het partijbestuur zijn conclusies na indringende gesprekken die hij afgelopen zomer in de PvdA-top heeft gevoerd.

Andersson schetste, aldus ingewijden, een beeld van een partijvoorzitter die onder meer tekortschoot in leidinggeven en in het motiveren en enthousiasmeren van partijleden. Van Hees zou, na een bij vlagen emotioneel verlopen bijeenkomst, tot donderdag de tijd hebben gekregen om na te denken over de conclusies van Andersson.

Intern werd aangenomen dat zij aansluitend haar vroegtijdige vertrek als voorzitter zou hebben aangekondigd. Onder druk van een vandaag te verschijnen publicatie in Vrij Nederland kwam haar aftreden twee dagen eerder. In dit stuk wordt gesteld dat Van Hees zeer ruimhartig met geld omsprong: met haar Kenniscentra en Kennisfestival zou zijn een te zwaar beslag op de PvdA-kas hebben gelegd en bovendien zou zij te hoge en zelfs dubieuze declaraties hebben ingediend voor gemaakte onkosten. In de PvdA-top wordt deze laatste aantijging met grote klem ontkend.

Dat Vrij Nederland het vertrek van Van Hees heeft bespoedigd, is meer dan een detail. Twee politieke verslaggevers van dit weekblad, Youri Albrecht en Tino Wallaart, zijn beiden nauw betrokken geweest bij NietNix, het netwerk van PvdA-vernieuwers dat in '98-'99 krachtig campagne heeft gevoerd voor het kandidaat-voorzittersduo Booij en Van Bruggen. De NietNix'ers hebben de overwinning van Marijke van Hees op dit duo ervaren als een diepe teleurstelling. Spoedig daarna hebben de meesten hun activiteiten voor de PvdA gestaakt, waarna NietNix ter ziele is gegaan.

Het PvdA-bestuur verkeert feitelijk al in de problemen sinds het vertrek van Felix Rottenberg in 1997. Rottenberg heeft door gezondheidsproblemen een proces van partijvernieuwing niet kunnen afmaken, waarna stagnatie optrad onder leiding van zijn opvolger Adelmund, die het voorzitterschap combineerde met haar Kamerlidmaatschap.

Voorganger van Rottenberg was Marjanne Sint, die in de zomer van 1991 door het partijkader werd `geofferd' in de zogenoemde WAO-crisis.

De PvdA-top hoopte juist gisteren een nieuwe start te kunnen maken in de Tweede-Kamerfractie, waar een nieuw gekozen en uitgebreid fractiebestuur een einde moet maken aan interne competentiekwesties en onderlinge ruzies.

Op dezelfde avond begint de zoektocht naar een nieuwe partijvoorzitter, als een van de boegbeelden van een vernieuwende en inspirerende politieke partij.