Rechts-extremisme

Met enige wrevel heb ik kennisgenomen van het artikel `Repressie stilt het rechtse geweld niet' (NRC Handelsblad, 24 augustus). Hierin wordt gesteld dat tegen rechts-extremisme geen repressieve maatregelen helpen maar het politieke debat, en dat we moeten accepteren dat het zich wellicht met succes tot een politieke partij kan formeren.

Uiteraard is het eerbiedigen van de burgerlijke vrijheden de voornaamste grondslag van dit standpunt. Maar als we deze vrijheden zo hoog in het vaandel hebben staan, waarom accepteren we dan een politieke partij die op grond van partijbeginselen een gevaar vormt voor de grondrechten en de democratie? Wordt het niet tijd dat we wat meer ons rechtsgevoel laten spreken, en dat onderkend wordt dat het gedogen van rechts-extremisme berust op een hypocriete, contradictoire houding?

Alleen al het feit dat het rechts-extremisme traumatische herinneringen oproept aan de gruwelijkste bladzijde in de geschiedenis, zou voldoende grond moeten vormen om deze radicale stroming in al haar geledingen uit de maatschappij te weren.