Hoogovens kreunt onder Corus

Het voormalige Hoogovens kreunt en steunt onder de Britse hegemonie bij het fusiebedrijf Corus. Tegen de financiële gaten bij British Steel valt in het winstgevende IJmuiden niet op te boksen. Maar ,,absoluut geen spijt'' bij de directie over de staalfusie.

Ze weten het nog niet bij de voormalige Hoogovens in IJmuiden, maar de Nederlandse medewerkers van Corus zijn winners. Alleen – ze beseffen het zelf nog niet. ,,Men maakt zich meer zorgen dan nodig is'', aldus de Nederlandse afgevaardigde Franswillem Briët bij de bekendmaking van de dramatische cijfers gisteren. ,,Naar het Nederlandse deel van Corus [goed voor een derde van de concernomzet] gaat maar liefst 60 procent van alle investeringen.'' En zei vice-voorzitter John Bryant niet dat IJmuiden ,,in potentie de meest efficiënte vestiging'' is?

Toch is de boodschap van Briët, die gisteren de zieke bestuursvoorzitter Fokko van Duyne verving, niet gemakkelijk. Negen maanden na de overname van Hoogovens door British Steel is, vooral door het dure Britse pond, een verlies van bijna een miljard gulden onder de streep zichtbaar. In dezelfde periode heeft het oude Hoogovens voor een winstbijdrage van 460 miljoen gulden gezorgd. Toch niet verwonderlijk dat het Nederlandse deel bij zo'n recordwinst klaagt?

Over dat verlies, volledig te wijten aan de Britse staaldivisie, doet Briët niet geheimzinnig. ,,Een groot bedrag waar we erg verdrietig over zijn.'' Maar tegelijkertijd geeft hij aan dat ook de Nederlandse activiteiten beter kunnen. Niet alles in Groot-Brittannië is zwart en daarbuiten wit. ,,Ook bij Hoogovens is natuurlijk best iets te verbeteren. Het is goed als de Nederlanders hun eigen tuin wieden voordat ze naar anderen wijzen.''

De missie van Briët om de Nederlandse tak te overtuigen van het bestaansrecht van Corus zou al een stuk gemakkelijker worden wanneer het staalconcern nadrukkelijk de stijgende lijn te pakken heeft. Maar de periode april-juni, zo bleek gisteren uit de presentatie van de resultaten over dat kwartaal, geeft weinig reden tot optimisme. Het operationale resultaat, waarin een voorziening van 44 miljoen pond (160 miljoen gulden) voor de reorganisatie in Groot-Brittannië is opgenomen, kwam uit op een verlies van 21 miljoen pond, tegen een plus van 47 miljoen pond een kwartaal eerder. Ook voor de rest van het jaar is inmiddels een voorziening aangekondigd van 40 miljoen pond. Eveneens voor reorganisaties in Groot-Brittannië.

Net als bij de presentatie van de halfjaarcijfers besteedde Corus gisteren veel aandacht aan het dure pond. De recente stijging van de staalprijzen wordt voor een groot deel opgegeten door het valuta-effect. De industrie in Groot-Brittannië, ook Rover kan daarover meepraten, wordt keihard gestraft voor het afwijzen van de euro door het land. ,,Wanneer het pond een normale waarde zou hebben, was het resultaat in negen maanden 500 miljoen pond beter geweest'', aldus Briët. Daar staat tegenover dat de huidige goedkope euro weer een positieve invloed heeft op de niet-Britse activiteiten.

Goed nieuws reserveert Corus vooral voor de toekomst. De fusie tussen de Britten en de Nederlanders zal eind 2001 tot een kostenbeperking leiden van 300 miljoen pond, de helft meer dan wat eerder in het vooruitzicht is gesteld. Maar het is sterk de vraag of alle mensen die nu bij Corus werken deze zonnige tijd zullen meemaken, zolang nieuwe reorganisaties – na het schrappen van 4.500 banen – niet worden uitgesloten. Op de vraag wat er moet gebeuren wanneer het pond de komende jaren zo duur blijft moest Briët logischerwijze het antwoord schuldig blijven. ,,Wat kan ik daar op zeggen? We moeten doorgaan de efficiency op het hoogste peil te brengen.''

Het grote verlies leidt niet alleen tot gemor in IJmuiden. `Dit kan niet langer zo', kopte het persbericht van FNV Bondgenoten gisteren. De bond zegt zich over nadere stappen te beraden. Ook bij de financiële situatie laat de fusie zijn sporen na. In negen maanden is de nettokaspositie van 161 miljoen pond (580 miljoen gulden) omgeslagen in een schuld van 1,7 miljard pond (6,1 miljard gulden), onder meer het gevolg van fusiekosten – betalingen aan de aandeelhouders van British Steel en Hoogovens – en de geleden verliezen. De schulden kunnen als gevolg van de lage beurskoers niet door een aandelenemissie worden verlicht.

Voor Briët is de financiële situatie nog geen reden om niet naar acquisities te kijken. Met name naar bedrijven die producten met meer toegevoegde waarde produceren (dus bijvoorbeeld autodeuren in plaats van plat staal). Bedrijven in Groot-Brittannië hoeven voorlopig niet op een bezoekje van Corus te rekenen.