Europarlement op de bres voor openbaarheid bestuur

Hoe ver moet openbaarheid van officiële documenten in de Europese Unie gaan? De meeste lidstaten opteren voor beperkte openbaarheid. Het Europees parlement vindt dat in beginsel alles openbaar moet zijn.

,,Solana's militaire coup'', heette het onderwerp waarover de Finse Groene Europarlementariër Heide Hautala gisteren wilde spreken. De werkelijkheid bleek minder alarmerend dan op de uitnodiging stond. Maar het betrof wel een kwestie waarover het hele Europese Parlement op zijn kop staat, van de Ierse liberaal Pat Cox tot de Nederlandse socialist Michiel van Hulten, van de Nederlandse christen-democrate Hanja-Maij Weggen tot de Britse socialist Michael Cashman. Het Europarlement is vastbesloten in zijn verzet tegen de `coup'.

Dat is niet eenvoudig. De Europarlementariërs verschillen van mening over de preciese betekenis van Solana's `coup'. Bovendien zijn ze het niet eens over de middelen waarover ze beschikken om de `coup' te bestrijden. Het is een verwarrende cocktail van principiële problemen die in de praktijk niet allemaal even ernstig blijken.

De kwestie betreft de toegankelijkheid voor burgers van documenten van de Europese Unie. In Nederland hebben dankzij de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) net als in de Scandinavische landen burgers uitgebreide rechten om overheidsdocumenten in te zien. In de meeste andere Europese landen is het moeilijker om toegang tot officiële stukken te krijgen. De Raad van Ministers van de EU kent sinds 1993 een intern reglement dat slechts een beperkt recht op inzage van raadsdocumenten regelt. Nederland heeft in 1996 tevergeefs getracht de rechtsgeldigheid van dit reglement bij het Europese Hof van Justitie aan te vechten.

Het volgende jaar kwamen de Europese regeringsleiders in het Verdrag van Amsterdam overeen dat de toegang tot documenten van de Europese Commissie, de Raad van Ministers en het Europees Parlement in een soort Europese WOB geregeld moet worden. Over die Europese verordening moeten de Raad van Ministers (die de EU-lidstaten vertegenwoordigen) en het Europees Parlement het voor mei volgend jaar eens worden. In januari van dit jaar presenteerde de Europese Commissie een eerste voorstel voor zo'n Europese WOB. Daarin werden documenten over een lange lijst onderwerpen uitgezonderd van openbaarheid. Het ging om zaken als openbare veiligheid, defensie, internationale betrekkingen, monetaire stabiliteit en commerciële geheimen.

Het Europees Parlement, Nederland, Denemarken, Zweden en Finland liepen tegen dit voorstel te hoop. Het zou veel te restrictief zijn. Sindsdien zijn er moeizame onderhandelingen aan de gang om overeenstemming te bereiken over een Europese WOB die de burgers meer mogelijkheden biedt dan het Commissievoorstel.

Een Zweedse diplomaat heeft de indruk dat de problemen niet onoverkomelijk zijn. Zijn land is in elk geval bereid om in te schikken bij een zeer principiële zaak, de toegankelijkheid van documenten op het terrein van defensie. Zweden wil – net als Nederland en de meeste Europarlementariërs – bij voorkeur dat alle Europese documenten in principe voor burgers zijn in te zien. Per geval moet dan bekeken worden welke stukken uit veiligheidsoverwegingen van die openbaarheid uitgezonderd moeten worden.

De meeste EU-lidstaten willen in principe alle defensiestukken geheimhouden en zelf bepalen wat zij eventueel openbaar maken. Beide regelingen komen er op neer dat militaire zaken geheim blijven. ,,Maar'', betoogt VVD-Europarlementariër Jan-Kees Wiebenga, ,,als in principe alle stukken openbaar zijn, kan de Raad geen beleidsdocumenten achterhouden waarvoor geheimhouding niet nodig is.''

Dwars door deze discussie heen speelt een heel andere kwestie. Javier Solana, secretaris-generaal van de Raad van Ministers en hoge functionaris voor het buitenlands beleid van de EU, werkt in opdracht van de EU-lidstaten aan de opzet van een Europese militaire snelle interventiemacht. Deze militaire macht voor vredesoperaties moet samenwerken met de NAVO, in casu met de Verenigde Staten die over militaire middelen beschikken die Europa mist. De NAVO wil slechts met de EU onderhandelen als geheimhouding van militaire gegevens is gegarandeerd.

Afgelopen juli stelde Solana daarom de EU-lidstaten voor om, zolang er geen akkoord is over een Europese WOB, het bestaande reglement van de Raad zó aan te passen, dat alles wat met defensie en veiligheid en militair of niet-militair crisis-management heeft te maken geheim blijft. In augustus, toen de Europarlementariërs aan het strand lagen, besloten de EU-lidstaten Solana's voorstel te aanvaarden. Alleen Nederland, Zweden, Denemarken en Finland stemden tegen.

Dat heet nu `Solana's militaire coup'. In de juridische commissie van het Europees Parlement tekent zich een meerderheid af die over deze aanpassing van het bestaande reglement van de Raad een uitspraak van het Europees Hof van Justitie wil vragen. Volgende week neemt de commissie een definitief standpunt in en daarna moet het Europees Parlement besluiten of het standpunt van de commissie wordt overgenomen. De vergadering van de juridische commissie deze week gebeurde achter gesloten deuren.

Volgens Europarlementariër Michiel van Hulten heeft de juridische dienst van het Europees Parlement sterk afgeraden om een zaak bij het Europees Hof aan te spannen, omdat er geen schijn van kans zou zijn om deze te winnen. Het Europees Parlement zou niets over een intern reglement van de Raad van Ministers te zeggen hebben. Bovendien ligt er de uitspraak over de door Nederland in 1996 aangespannen zaak. Van Hulten: ,,Als het Hof in zo'n zaak de Raad gelijk geeft, verzwakt dat de positie van het Europees Parlement bij de lopende onderhandelingen over een Europese WOB.'' Maar de voorzitster van de juridische commissie, de Spaanse Ana de Palacio, is er vurig voorstandster van de rechten van de Europese burgers bij het Hof te gaan halen.

Nog een extra complicatie vormt het feit dat het Europees Parlement op het gebied van veiligheid en buitenlands beleid geen zeggenschap heeft. Het kan de de Raad van Ministers slechts adviseren. Volgens Europarlementariër Wiebenga speelt bij de discussie ook een machtsstrijd een rol: de Raad zou het parlement door middel van geheimhouding buiten zo veel mogelijk zaken willen houden en het parlement wil, zeggenschap of niet, zelf kunnen bepalen waarover het met de Raad van Ministers spreekt.

Wiebenga zegt overigens dat als de door Solana gevraagde geheimhouding gehandhaafd blijft, dit niet van invloed is op de Nederlandse WOB. Dat zou kunnen betekenen dat sommige documenten over Europese militaire zaken waaraan Nederland deelneemt in Brussel geheim zijn en in Den Haag op grond van de Nederlandse WOB ter inzage gevraagd kunnen worden.