`Niemand vroeg mij weer'

Premier Kok had vorig jaar voorzitter van de Europese Commissie kunnen worden, zo heeft oud- Europees commissaris Van Miert gisteren verklaard.

Was PvdA-leider Wim Kok vorig jaar maart bereid zijn Nederlandse premierschap te verruilen voor het voorzitterschap van de Europese Commissie? ,,Ik heb daar heel serieus over nagedacht'', erkent de premier, vandaag kort na het middaguur in zijn Torentje. ,,Ik kan niet zeggen dat het een afweging was van 49 tegen 51 procent, maar dicht in de buurt van fifty-fifty lag het wel.'' Uiteindelijk, zegt Kok, besloot hij in de loop van donderdag 18 en vrijdag 19 maart vorig jaar dat hij op zijn post zou blijven in Den Haag en niet zou willen vertrekken naar Brussel.

De Belgische voormalige EU-commissaris Karel van Miert voedde gisteren speculaties als zou Kok vorig jaar bijna zijn premierschap vroegtijdig hebben neergelegd. De Europese kandidatuur van Kok zou in de aanloop naar de Europese top in Berlijn (24/25 maart '99) ,,heel serieus'' zijn geweest, aldus Van Miert bij de presentatie van een autobiografisch boek: ,,Het zag het er op een gegeven ogenblik uit dat Wim het zou worden. Alleen is men in Parijs gaan dwarsliggen, want anders was het gelukt''.

NRC Handelsblad meldde afgelopen juni, op gezag van diplomaten in Brussel, dat premier Kok vorig jaar maart zou hebben gehoopt op een unaniem verzoek van de Franse president en Europese regeringsleiders om de leiding op zich te nemen van een nieuw te vormen Europese Commissie. Kok reageerde zeer geïrriteerd op deze geluiden uit diplomatieke kring en ontkende met grote stelligheid.

Wat zijn de feiten dan wel, naar de lezing van de premier zelf? Kok: ,,In de week voorafgaande aan de top in Berlijn ben ik uit diverse hoofdsteden gebeld of ik kandidaat zou willen zijn. Ik heb in die gesprekken niet onmiddellijk nee gezegd. Ik vond het een belangrijk en eervol verzoek, waarover ik goed wilde nadenken.''

Welke Europese leiders hebben u gebeld? Was de Franse president één van hen?

,,Ik heb geen lijstje bijgehouden, maar het verzoek kwam gespreid uit de hele Unie.''

Op 19 maart zei u op uw wekelijkse persconferentie met grote nadruk dat u geen kandidaat wilde zijn.

,,Ik vond het belangrijk dat toen met grote nadruk te zeggen, omdat ik een einde wilde maken aan alle mogelijke speculaties. Er begon internationaal allerlei publiciteit de kop op te steken. Er stonden die vrijdagmiddag zelfs al straalzenders op het Binnenhof om mijn vermeende kandidatuur wereldkundig te kunnen maken.''

Het was dichterbij fifty-fifty. Waarom toch geen kandidaat?

,,Ik had twee redenen. De eerste is strikt persoonlijk, dus daarvoor hoef ik publiekelijk geen verantwoording af te leggen. De tweede ligt in het feit dat het nieuwe kabinet er nog geen driekwart jaar zat. Ik had het vertrouwen van de kiezers gevraagd en gekregen. Daarmee behoort men niet lichtzinnig om te gaan. Bovendien had ik de naam op me gevestigd een verzamelaar te zijn van verkiezingsnederlagen, dus de winst van mei '98 woog voor mij nog extra zwaar.''

Van Miert zegt dat u een goede kans had gemaakt. Alleen de Fransen moesten nog gemasseerd.

,,Van Miert zat in de Commissie en daar gonsde het natuurlijk helemaal van de geruchten. Namen duikelen over elkaar heen in zo'n situatie. Ik sluit niet uit dat mijn naam ook bleef rondgaan in dat circuit. Maar niemand heeft mij na die vrijdag nog gebeld met het verzoek om terug te komen op mijn besluit. Een eventueel verzoek van de Fransen zou daarop geen enkele invloed hebben gehad.''